Straf voor `kleppende' advocaat

Advocaat W.J. uit Dordrecht moet voor straf zijn advocatenpraktijk een week neerleggen omdat hij justitie informatie heeft verschaft over de activiteiten van zijn criminele cliënt Robert H.

Deze maatregel heeft de tuchtrechter van de Orde van Advocaten deze week opgelegd, omdat raadsman J. een ,,zeer ernstige inbreuk op de geheimhoudingsplicht'' heeft gemaakt. De advocaat uit Dordrecht heeft door misdaadbestrijders te helpen ,,herhaaldelijk gehandeld in strijd met hetgeen een behoorlijk advocaat betaamt'', aldus de Raad van Discipline.

Het oordeel, de op een na zwaarste tuchtrechtelijke sanctie, volgt op een klacht van Robert H., die in het criminele milieu de bijnaam xtc-professor heeft. Meester J. (61 jaar) trad in het verleden op als advocaat van Robert en zijn bedrijf Metrovest Chemie. Deze ondernemer, die vorig jaar veroordeeld is tot 4,5 jaar cel wegens de vervaardiging van synthetische drugs, nam het zijn voormalige Dordtse advocaat kwalijk dat hij belastende verklaringen had afgelegd.

Volgens een proces-verbaal van officier van justitie N. Zandee heeft advocaat J. in juli 1999 in een onderonsje verteld dat bij Robert H. ,,de criminaliteit eraf druipt''. Het gesprek vond plaats nadat de raadsman, die gebrouilleerd was met zijn klant, was verhoord bij de rechter-commissaris. Ook daar had hij verteld dat H. illegaal bezig was. Volgens de tuchtrechter had J. dit niet mogen doen, omdat geheimhouding voor advocaten ,,een fundamenteel beginsel'' is waar cliënten ,,onvoorwaardelijk op moeten kunnen vertrouwen''.

Advocaat W.J. noemt de maatregel ,,een absurd zware sanctie''. Hij heeft zijn raadsvrouw J. Goudswaard gisteren opdracht gegeven in beroep te gaan. Hij vindt dat de tuchtrechter zich baseert op onjuiste feitelijke informatie. De advocaat geeft toe dat hij ,,met mijn koffertje in de hand'' tien minuten heeft gebabbeld met de officier van justitie, maar hij zou toen niets hebben verteld over de criminele achtergrond van Robert H.

Advocaat Th. Hiddema, die H. in de tuchtprocedure bijstaat, is blij dat de eigen tuchtrechter onderstreept ,,dat het de heilige taak is van de advocaat om zijn geheimhoudingsplicht na te komen''. De kwestie is actueel omdat er in Europees verband voorstellen in de maak zijn die advocaten verplichten verdachte financiële transacties te melden bij het opsporingsapparaat.

    • Marcel Haenen