Simeon-euforie zit Bulgaarse president dwars

De Bulgaren kiezen zondag vrijwel zeker Petar Stojanov opnieuw tot president. Maar de steun die ex-koning Simeon – premier van Bulgarije – voor zijn kandidatuur uitsprak, had Stojanov liever niet gehad.

Zes rivalen doen morgen mee aan de presidentsverkiezingen in Bulgarije. Maar de uitslag staat al vrijwel vast: er moeten heel grote ongelukken gebeuren wil de zittende president, Petar Stojanov, niet met ruime voorsprong worden herkozen. De lange, donkere, bebrilde jurist, is sinds zijn aantreden als president de populairste politicus van het land geweest – tot begin dit jaar, toen ex-koning Simeon plotseling het toneel betrad en zijn populariteitscijfers die van Stojanov niet deden dalen, maar wel deden verbleken. Simeon won de parlementsverkiezingen en is sindsdien premier.

Stojanov (49) heeft de afgelopen jaren zijn termijn als president vrijwel foutloos uitgediend: een sober presidentschap in een land dat zich met veel vallen en moeizaam opkrabbelen een weg naar de Europese Unie baant. Dat gaat, al tien jaar, gepaard met een dalende levensstandaard: vruchten van de hervormingen plukt de bevolking nauwelijks. En dat werd bij de laatste parlementsverkiezingen premier Kostov fataal.

Vier jaar lang hadden Kostov en Stojanov met redelijk succes geopereerd. Bij hun aantreden woedde een inflatie van zevenhonderd procent per jaar, waren de meeste banken failliet, werd de nationale munt, de lev, elke dag minder waard. In vier jaar stabiliseerde het duo het land. Maar de levensstandaard steeg te langzaam. Zeventig procent van de Bulgaren vindt zichzelf arm, 38 procent vindt dat ze in bittere armoede leven. En 54 procent vindt dat hij zelf geen mogelijkheden heeft zijn leven te verbeteren – in 1993 was dat nog twintig percent.

Toen dit jaar Simeon als een soort deus ex machina in Sofia opdook, wilden de kiezers niets meer van Kostov weten: met meer hart dan verstand en meer geloof in wonderen dan op basis van realisme stemden ze op de ex-koning, de vermeende verpersoonlijking van een beter verleden. Kostov en zijn partij, de Unie van Democratische Krachten (SDS), mochten blij zijn – hoe verkruimeld ook – nog een paar zetels aan de kant van de oppositie in het parlement te krijgen. ,,Geen enkele regering die zich voor hervormingen inspant kan lang rekenen op de genegenheid van de samenleving'', had Stojanov tegen Le Monde gezegd. ,,Het is duidelijk dat deze regering de harten van de Bulgaren niet heeft geraakt.'' En Simeon Sakskoboergotski (Saksen-Coburg-Gotha) had dat wel.

Stojanov is zelf afkomstig uit de SDS, maar de malaise die Kostov trof zal hem bespaard blijven. Hij is de afgelopen vier jaar een sober en vooral menselijk staatshoofd geweest, een president die zijn residentie vaak openstelde voor kinderen en wezen en kunstenaars en leerkrachten. Veel concrete macht heeft hij niet, maar hij heeft dat nadeel opgevangen door een morele rol, een scheidsrechterrol boven de partijen, te spelen en hij heeft van tijd tot tijd niet geschroomd ook de SDS-regering van Ivan Kostov tot de orde te roepen – vooral wegens haar slappe bestrijding van corruptie.

Paradoxaal genoeg – tegen het licht van de Simeon-manie van eerder dit jaar – is Simeons steun voor zijn kandidatuur nu Stojanovs grootste probleem. De Bulgaren beginnen te bekomen van hun geloof in wonderen: de bevlieging vervaagt. Honderd dagen is de ex-koning nu premier. In die honderd dagen hebben zijn kiezers niets gemerkt van verbetering. Ze beseffen langzaam maar zeker dat ook Simeon niet van de ene op de andere dag de levensstandaard kan verbeteren en de verpaupering tot staan kan brengen. Sterker: Simeons regering verhoogde de prijzen van benzine en elektriciteit, verwarming en telefoon. En dus daalt zijn populariteit even snel als zij begin dit jaar steeg: tachtig procent van de Bulgaren vertrouwde Simeon in september. Nu is dat nog zestig procent. En de eerste betogingen tegen zijn beleid – ,,We willen banen'' – zijn vorige week al gehouden. ,,Op dit moment is de steun van Simeon misschien wel ons grootste gevaar'', zei een campagneleider van Stojanov vorige week.

Een tweede gevaar is een lage opkomst. Veel Bulgaren zouden thuis kunnen blijven in de mening dat Stojanov toch wel wint. Peilingen geven hem 45 tot 55 procent van de stemmen (tegen 15 tot 20 voor zijn belangrijkste rivaal, ex-communist Georgi Parvanov). Maar voor een tweede termijn wil Stojanov een duidelijke zege. En daarom is zijn belangrijkste boodschap: ga vooral stemmen. Een tweede ronde is wel het laatste dat Stojanov kan gebruiken.

    • Peter Michielsen