Klokmarketing

Ze zeggen allebei de snelste te zijn. Intel en Advanced Micro Devices, fabrikanten van het kloppende hart in pc's, roepen al jaren dat hun digitale motor de beste is. Intel heeft op dit moment weer een rekenchip die het hardst tikt. De Pentium 4 microprocessor haalt een kloksnelheid van 2 miljard slagen per seconde (2 gigahertz). De Athlon XP van AMD heeft met 1,53 GHz een lagere kloksnelheid, maar is sneller. Zegt AMD.

Bijna twee decennia lang had Intel in de race om kloksnelheid een voorsprong. AMD maakte altijd uitstekende processoren, maar de achterstand van het bedrijf was te danken aan zijn manier van werken: het teerde op de kennis van Intel. AMD kopieerde de chips van 's werelds grootste chipfabrikant en dat kostte gewoon tijd. AMD kon pas gaan fabriceren als het de blauwdruk van Intels nieuwste chip had ontrafeld. Daarna kon de prijzenslag beginnen.

Begin jaren negentig werd AMD echter gedwongen om zijn eigen microprocessoren te ontwerpen. Na aanvankelijke mislukkingen, slaagt het bedrijf daar nu wonderwel in. In 1999 maakte AMD zelfs voor het eerst in zijn geschiedenis een chip met een hogere kloksnelheid dan die van Intel.

Al jaren geldt in pc-winkels: kloksnelheid verkoopt. De klok is te zien als de bloedsomloop en het zenuwstelsel van een chip. De snelheid van de centrale dirigent voor rekenslagen en -energie is voor veel consumenten het enige houvast: een hogere klok is sneller en dus beter. Daarom draait het in de gigahertz-strijd om meer dan alleen rekenkracht. Het gaat om imago, om technologisch leiderschap, om de hoogte van de aandelenkoersen en de gunst van consumenten. Kloksnelheid als marketing-instrument werd zelfs zo belangrijk dat ontwerpteams processor-architecturen kozen waarmee ze een zo hoog mogelijke kloksnelheid bereikten. Ongeacht of dat nu de slimste manier was om de rekenkracht te verhogen.

Echter, kloksnelheid is slechts één factor in een complexe brij van invloeden op de uiteindelijke prestatie. In een pc tellen ook de rest van het systeem zoals de communicatielijnen naar het werkgeheugen en de harde schijf en de zogeheten cachegeheugens die op de processor zelf zitten. Net zoals intelligentie bij mensen niet alleen een kwestie is van snel denken, maar ook van ervaring, geheugen en noem maar op.

Intels Pentium III en Celeron hebben bijvoorbeeld exact hetzelfde microprocessor-bouwplan, terwijl de Pentium III bij dezelfde kloksnelheid beduidend betere prestaties levert. Het enige verschil is dat de Celeron gewoon kleinere geheugens aan boord heeft en tragere communicatielijnen naar buiten.

De 2 GHz Pentium 4 en de 1,53 GHz Athlon XP hebben allebei hun sterke kanten, maar zijn wat rekenkracht volgens onafhankelijke organisaties (SPEC, www.spec.org) aan elkaar gewaagd.

Nu AMD de klok niet langer kan hanteren als marketinginstrument gooit het bedrijf het over een andere boeg. AMD hanteert nu de stempels AXP 1700 en AXP 1800 voor zijn Athlon-chips. De AXP 1800 met een kloksnelheid van 1533 MHz zet het bedrijf tegenover de Pentium 4 van 1800 MHz. ``Als ik met mijn dochter ga wandelen en haar beentjes bewegen sneller, dan wil dan nog niet zeggen dat ze harder kan lopen'', zo drukt AMD's topman Jerry Sanders het treffend uit.

Het meest fundamentele probleem voor Intel en AMD is echter dat prestatie voor de gemiddelde pc-gebruikers niet belangrijk is. Wie echt prijs stelt op snelheid of speciale functionaliteit kan zich beter verdiepen in de consumententests in de pc-bladen. Maar verder is een pc met een 1 GHz processor krachtig genoeg voor vrijwel iedereen. Het enige cijfer dat steeds meer terrein wint is de prijs.

beet@nrc.nl

    • Rene Raaijmakers