Fiscus stuit op Luxemburg-connectie

Justitie is een onderzoek begonnen naar Nederlanders die in het buitenland een bankrekening aanhouden. De fiscus kreeg daarvoor een onverwacht presentje uit België. Al zoekt ze nog naar onbesmet bewijs in Nederland.

Dat was vorige week dinsdag even slikken voor enkele tientallen Nederlanders. Plotseling stond er onverwacht bezoek van de fiscus voor de deur met een pijnlijke vraag. Of meneer en mevrouw misschien geld in het buitenland hadden staan? En of de rente over dat bedrag wel ieder jaar was opgegeven?

De retorische vragen bevatten een horrorscenario voor iedere belastingontduiker. Want al snel bleek dat het ongenode bezoek in het bezit was van een huiszoekingsbevel. En bovendien over informatie beschikte waarvan het nu juist niet de bedoeling was dat die ooit in haar handen zou vallen.

Aan de hand van lijsten en microfiches konden de mensen van de fiscus gedetailleerd gegevens voorleggen van de bankrekening van betrokkenen bij de Kredietbank S.A. Luxembourgeoise (KBL). Allemaal het gevolg van gegevens die de Nederlandse Belastingdienst had doorgespeeld gekregen van de Belgische autoriteiten.

Snel na die dinsdag 30 oktober belde een aantal klanten verbolgen met Luxemburg, zo bevestigt KBL-woordvoerder M. Gillen. De bank in het groothertogdom had in 1994 al te maken met een soortgelijke pijnlijke affaire. Toen stalen enkele werknemers gegevens van Belgische klanten die hun geld buiten het zicht van de fiscus in Luxemburg hadden geplaatst. De cliëntgegevens werden gebruikt voor pogingen tot chantage en volgens Gillen bovendien vervalst. Tot op de dag van vandaag voert KBL nog juridische procedures in België. De bank kon trouwens niet voorkomen dat vele Belgische rekeninghouders een bezoekje van de belastingdienst kregen.

Iets soortgelijks lijkt nu dus ook in Nederland aan de hand. Volgens Gillen kan het niet anders of het materiaal is afkomstig uit de diefstal van 1994. Maar enkele rekeninghouders zeggen door de fiscus geconfronteerd te zijn met saldi uit recente jaren. Het gaat om particulieren, maar ook om ondernemers die hun bedrijf hebben verkocht en een deel van opbrengst buiten het zicht van de fiscus in Luxemburg hebben `gestald'. Toch is het volgens Gillen ,,uitgesloten'' dat er een ,,nieuwe diefstal'' is gepleegd.

De affaire rond KBL maakt onderdeel uit van een groot onderzoek van het speciale Expertisecentrum Fiscale Fraude van het openbaar ministerie (OM). Na een grondige voorbereiding begon een team, waarin de Fiscale Inlichtingen en Opsporingsdienst (FIOD) en de Belastingdienst samenwerken, op 30 oktober met een operationele actie met huisbezoeken. Een woordvoerder van het OM wil op de Luxemburgse kwestie niet ingaan. Volgens hem draait de actie om ,,Nederlandse rekeninghouders bij verschillende buitenlandse banken in diverse landen.'' Hij wil wegens het onderzoeksbelang geen verdere toelichting geven.

Achtergrond daarvan is dat er volgens betrouwbare bronnen binnen de Belastingdienst niet alleen rekeningen op naam zijn aangetroffen, maar ook vele `nummerrekeningen' waarvan dus de identiteit van de houder onbekend is. Een belangrijk deel van het onderzoek richt zich nu op het achterhalen van deze rekeninghouders. Wegens het strikte bankgeheim in Luxemburg zal dat niet makkelijk zijn.

Volgens financieel strafrechtspecialist C. van Bavel zal justitie proberen langs andere weg de identiteiten te achterhalen: ,,Ik sluit bijvoorbeeld niet uit dat er wordt geobserveerd bij de betrokken banken. Als ik zelf een rekening had, zou ik er voorlopig even wegblijven.''

Ontduiking van de belasting is in dit geval een in Nederland gepleegd misdrijf en kan dus hier vervolgd worden, ook al stond het geld in Luxemburg. Maar volgens hoogleraar belastingrecht J. Zwemmer kan er wel een probleem optreden in de bewijsvoering als mocht blijken dat bepaalde gegevens inderdaad uit diefstal afkomstig zijn: ,,Hoewel de fiscale rechter daar wat soepeler in is, zal de strafrechter daar heel kritisch naar kijken.''

Voor de Belastingdienst is het dus van belang dat er `onbesmet' bewijs in Nederland zelf wordt verzameld. Volgens Zwemmer zijn daar wel mogelijkheden voor: ,,De fiscus zal de aangiftes, die normaliter routineus worden afgedaan, nog eens precies napluizen. Nu ze weet waar ze moet zoeken, vindt ze bijna altijd wel iets. En desnoods heeft ze het middel van de huiszoeking; als de mensen al niet uit zichzelf bekennen.''

    • Joost Oranje