Doorstart Sabena hangt aan een zijden draad

De Belgische overheid doet haar best om enthousiasme te wekken voor een `doorstart' van Sabena. Het plan was om het scenario van Swissair te volgen, door bezittingen van de failliete nationale luchtvaartmaatschappij over te hevelen naar dochteronderneming DAT. Dit `afgeslankte Sabena' zou op een kleiner aantal bestemmingen blijven vliegen, nadat het met steun van de staat en een paar Belgische ondernemingen uit de boedel zou zijn afgescheiden. Maar dit concept is nog niet luchtwaardig gebleken.

Diverse redenen verklaren de terughoudendheid van de Belgische ondernemers. Het is duidelijk dat het bedrag waarover wordt gepraat – een schamele 200 miljoen euro – bij lange na niet genoeg is om ook maar een deel van Sabena te redden. De doorstart van Swissair heeft 2,5 maal zoveel gekost als aanvankelijk werd gedacht. In Zwitserland nam de overheid de extra kosten voor haar rekening. In België zou ten minste de helft daarvan door de privésector moeten worden opgebracht. Bovendien is er minder politieke wil om Sabena in de lucht te houden. Swissair was een gekoesterd nationaal embleem. Sabena – dat slechts tweemaal in zijn zeventigjarige geschiedenis winst wist te maken – is eerder een nationaal probleem.

Als er geen steun van Belgische ondernemingen komt, kan de overheid zelf proberen nog iets van het bedrijf overeind te houden. Maar haar opties zijn beperkt en onaantrekkelijk. Virgin Express, een prijsstunter die van Sabena afhankelijk is voor een groot deel van zijn omzet, wil graag een bijdrage leveren. Maar zijn balans is uitermate breekbaar, en zonder aanmerkelijke financiële steun van controlerend aandeelhouder Sir Richard Branson is zijn aantrekkingskracht als partner gering. Een alternatief zou zijn dat België eenvoudigweg de Europese Commissie trotseert en Sabena van nieuw kapitaal voorziet. Maar nu België voorzitter is van de Europese Unie zou dat vermoedelijk meer moed vereisen dan premier Guy Verhofstadt kan opbrengen.

De grote luchtvaartmaatschappijen van Europa hebben gebeden dat de rede zal zegevieren over de nationale trots, zodat tenminste een deel van de overcapaciteit op de luchtvaartmarkt verdwijnt. Toch is het nog steeds mogelijk dat een moedig – of roekeloos – iemand het initiatief neemt tot een reddingsoperatie. Maar de kans dat Sabena in een of andere vorm zal kunnen `doorstarten' wordt kleiner naarmate de vloot langer aan de grond blijft. Misschien krijgen de luchtvaartmaatschappijen dan toch nog hun zin.

Onder redactie van Hugo Dixon.

Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com.

Vertaling Menno Grootveld

    • Jonathan Ford