DEFINITIE VOOR ZWAK ZAAD IS VERBETERD, MAAR BLIJFT VAAG

Op grond van spermaonderzoek en de bestaande normen voor goed of zwak zaad is niet altijd te bepalen of een man vruchtbaar is. Met sperma dat volgens de gangbare normen ongeschikt is, kunnen mannen soms toch op de gebruikelijke wijze kinderen verwekken. Dat blijkt uit een onderzoek onder bijna 1500 mannen, dat is uitgevoerd in opdracht van de Amerikaanse National Institutes of Health (NIH). De uitkomsten vormen voldoende aanleiding voor een kritische evaluatie van de normen voor de kwaliteit van sperma, vindt men bij de NIH (New England Journal of Medicine, 8 nov).

Ongeveer één op de zes paren stapt naar een medisch specialist omdat naar hun zin een zwangerschap te lang uitblijft. De oorzaak ligt even vaak (30%) bij de man, bij de vrouw, of bij hun interactie. Bij 10% van de paren is geen verklaring te vinden. Ligt de oorzaak bij de man, dan bevat zijn zaad meestal te weinig goede zaadcellen. Volgens de vruchtbaarheidsnormen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) moet bij elke zaadlozing minstens twee milliliter sperma vrijkomen, met minimaal 20 miljoen zaadcellen per milliliter. Daarvan moet de helft actief rondzwemmen en 14% normaal gevormd zijn. Toch worden ook mannen met wat lagere waarden voor één of alle criteria (concentratie, beweeglijkheid, vorm) soms vader. Voor de behandeling van ongewenst kinderloosheid heeft de WHO-norm dan ook weinig waarde. Vandaar dat de NIH wilden nagaan wanneer sperma nog wel of niet meer geschikt is voor het verwekken van kinderen.

De onderzoekers analyseerden zaadmonsters van bijna 1500 mannen. Ruim de helft van de mannen was ongewenst kinderloos, terwijl bij hun partners geen afwijkingen waren gevonden. Als controlegroep dienden mannen die recent vader waren geworden. Uit de analyses blijkt dat mannen zonder meer vruchtbaar zijn bij meer dan 48 miljoen zaadcellen per milliliter sperma, 63% beweeglijke zaadcellen én 12% normaal gevormde cellen. Zaad dat per milliliter minder dan 13,5 miljoen zaadcellen, 32% beweeglijke cellen en 9% normale koppen en staarten bevat, is infertiel. Daartussen bevindt zich een grijs gebied, waarbinnen eigenlijk niet vast te stellen is of een man vruchtbaar is, ook niet als men naar de criteria afzonderlijk kijkt. Als de kans dat een man met in alle opzichten goed zaad vader wordt 100% is, neemt die af tot rond de 40% als één van de criteria aan de onvruchtbare kant van het grijze gebied ligt. Als twee metingen op `onvruchtbaar' uitkomen, dan daalt de kans tot rond de 15%. Driemaal onvoldoende reduceert de kans tot ongeveer zes procent. Ondanks de aanhoudende mist in het grijze gebied, biedt deze nieuwe indeling behandelaars meer houvast dan de oude WHO-norm.

    • Huup Dassen