De stemming

Een kantoortuin is een grote ruimte waar de werknemers, een stuk of vijftig gemiddeld, aan hun bureau zitten. Een kantoortuinconsulent heeft een strategische indeling gemaakt. Bepaalde afdelingen worden gescheiden door groenvoorzieningen, dat wil zeggen bakken gevuld met bruine korrels waaruit onwaarschijnlijk gezond uitziende planten groeien. De verzorging is uitbesteed aan een bedrijf dat zich specialiseert in kantoortuinonderhoud. Zo gaat het verder. In de kantoortuin is alles tot in de hoogste graad van doelmatigheid gespecialiseerd.

Ik kan me herinneren dat ik het woord voor het eerst hoorde, een jaar of twintig geleden. Ik dacht: dat is onzin, en ik stond er niet meer bij stil. Een groot deel van mijn werkend leven heb ik doorgebracht in redactielokalen. Dat zijn over het algemeen grote kamers die naar papier en sigaretten ruiken en waar het een grenzeloze rommel van oude kranten is. In alle redactielokalen ter wereld, althans die ik heb gezien, is dat hetzelfde. De prullenbakken zijn meestal van ijzer omdat er soms een nog smeulende peuk in wordt gegooid. Dan stijgen er rookwolken op. Het begin van brand wordt geblust met oude koffie.

De laatste tijd loop ik vaak door een soort kantoortuin. Er zijn geen groenvoorzieningen en de bureaus zijn niet strategisch neergezet, maar de ruimte op zichzelf zou gemakkelijk tot een kantoortuin kunnen worden omgebouwd. Ik dacht: ik ga eens een stukje over het fenomeen schrijven. Raadpleegde de literatuur en ontdekte dat er een complete mensbeschouwing, een filosofie aan ten grondslag ligt. Onder de theorie, alle gewichtige verklaringen en rechtvaardigingen, leek me een hang naar potentatisme schuil te gaan, en een behoefte tot mensenpesterij, wat vaak samengaat. Allemaal heel interessant, maar met het stukje wilde het niet lukken. Dat eindigt hier.

Hoe komt het? Door de oorlog. Wij merken er niets van. Het leven gaat gewoon door. Gisteren of eergisteren stond er 425 kilometer file, en er was een wisselstoring tussen Den Haag en Rotterdam waardoor de reizigers `met aanzienlijke vertragingen' rekening moesten houden. Gelukkig heeft nu iedereen een mobieltje zodat niemand meer ongerust hoeft te zijn. Maar terwijl we in het volle genot van alle moderne gemakken blijven, krijgen we het gevoel dat, om te beginnen iets ons besluipt, en verder dat we voor de gek worden gehouden. En dit niet door mensen die dat uit kwade trouw doen, maar omdat ze nu eenmaal niets anders kunnen zeggen dan ze zeggen.

Denk niet dat dit uitdraait op een verkapt pleidooi voor Leefbaar Nederland. Verre van. Ik vraag me alleen af hoe een stemming totstandkomt. Een stemming is de uitkomst van een som die bestaat uit ongetelde factoren. Sabena gaat failliet. Voor de ene luchtvaartmaatschappij heb je meer sympathie dan voor de andere, en toevallig hield ik van Sabena, meer dan van bijvoorbeeld British Airways. Waarom? Een raadsel. Het is een persoonlijke zaak. Dat KPN 4.800 mensen ontslaat, ja. Welke bedrijfsleiding, denk je als leek, heeft zich zo laten begoochelen dat er een schuld van miljarden ontstaat. En hebben we niet meer aangrijpende faillissementen en massaontslagen meegemaakt? Zeker, maar deze passen in een groter geheel, ze zijn deel van een andere som.

Die som is dus `de oorlog', sinds elf september. Het is de foto van de brandende torens, dagelijks op de televisie, alsof we dat beeld nog niet kennen; alsof we niet weten waar de nieuwslezer het over heeft. Het zijn de journaals met de beelden van enorme stof- en rookwolken, waarbij verteld wordt dat dit de resultaten van preciesiebombardementen zijn. Het is deze dagelijks verder groeiende opeenstapeling van gebeurtenissen die even geweldig zijn als een vruchteloze indruk maken. Het zijn, vrees ik, ook de retoriek en de mimiek van onze leiders. Misschien is het de som van al deze omgekeerde evenredigheden die het hem doet.

Je kunt ervan denken wat je wilt: of we vóór de elfde goed speelden, of slecht, maar wij in het westen hadden er een speelse maatschappij van gemaakt. Na de val van de Muur waren we naïef geworden. Morgen zou alles nog mooier, beter, lekkerder worden dan vandaag. Dat was impliciet gegarandeerd. Van de ene dag op de andere zijn we in een andere wereld terechtgekomen. We hebben onze naïviteit verloren. Dat bepaalt in laatste aanleg de grootheid die we onze `stemming' noemen, denk ik.