Openbaar genot

Kunstcritica Catherine Millet schreef een geruchtmakende bestseller over haar uitbundige seksleven. `Seks is erg repetitief, ja. Maar wie had dat al eens opgeschreven? Niemand dus.'

Ze is net als de rietstengel uit de beroemde fabel van Jean de la Fontaine: elegant, zo op het oog fragiel en kwetsbaar, maar in wezen onverzettelijk en onbreekbaar. Dat moet ook wel als je in staat bent openlijk over je vroegere, heftige seksuele leven te schrijven en vervolgens ook nog bereid bent de avonturen uit je boek persoonlijk over de hele wereld te gaan toelichten. Dat kan niet anders als je in eigen land voor hoer bent uitgemaakt, een polemiek van formaat hebt ontketend, maar zelfverzekerd en trots spreekt over je literaire erkenning en over verkoopcijfers die geen reden tot klagen geven.

Onlangs was Catherine Millet (53) in Amsterdam ter gelegenheid van de Nederlandse vertaling van La vie sexuelle de Catherine M., één van de eerste van éénentwintig vertalingen die de komende tijd wereldwijd zullen verschijnen. Het boek van Millet, de eerste afleveringen van Big Brother op de Franse televisie en enkele gevallen van gecensureerde kunst leidden dit voorjaar tot een stevig debat over het vermeende toenemende voyeurisme in de Franse samenleving.

Toch draait Het seksuele leven van Catherine M. niet om voyeurisme. Het is een goed geschreven `chronique scandaleuse' in de traditie van Les liaisons dangereuses en Justine. Maar het is ook een seksuele autobiografie, een genre waarvan Catherine Millet zich de pionier mag noemen. Minutieus, realistisch en afstandelijk doet Millet het opwindende seksuele leven van haar alter ego, Catherine M., uit de doeken. Als kind al had ze een obsessie met tellen en vroeg ze zich af hoeveel echtgenoten een vrouw eigenlijk toegestaan waren. Later, als minnares en gulzig deelneemster aan seksuele orgieën in de jaren zestig en zeventig, raakte ze de tel kwijt – voorgoed. Millet beschrijft en benoemt haar seksuele handelingen, vangt ze, zoekend, in woorden. Dat doet ze zonder obsceen te worden, zonder in perversie te vervallen en zonder sadisme of troebele gevoelens – op een nieuwe manier, in een nieuwe taal. Ze behoudt onder alle omstandigheden de blik van de kunstcritica die ze is. Als hoofdredactrice van het prestigieuze kunsttijdschrift Art Press is Millet een vakvrouw, met een belangrijke positie binnen de Franse kunstwereld. Art Press is een tijdschrift over beeldende kunst, maar er is ook aandacht voor muziek, literatuur, foto en film. Videokunstenaar Pierre Huyghe en schilder Vincent Corpet werden door het tijdschrift `gelanceerd'. Millet schreef verschillende boeken: over de Franse schilder Yves Klein, de designer Roger Tallon, over conceptuele kunst, over moderne kunst in Frankrijk.

Klinisch

Waarom dan ineens zo'n ommezwaai, van de kunstkritiek naar een autobiografisch, seksueel relaas met het karakter van een documentaire? ,,Voor mij was het geen ommezwaai', zegt Millet, ,,maar een voortzetting van waar ik mee bezig was. Ik liep al een jaar of acht rond met het idee, maar pas toen mijn uitgever enthousiast bleek, ben ik gaan schrijven. Het belang dat ik aan mijn seksualiteit hechtte nam af in die periode van mijn leven. Ik werd minder actief. Misschien kwam daar juist de behoefte uit voort om erover te schrijven.'

Millets stijl is afstandelijk, klinisch, observerend en iedere vorm van psychologie of emotionele explicatie ontbreekt. Millet: ,,Ik wilde een feitelijk boek over seksualiteit maken, naar het voorbeeld van een anonieme Engelse schrijver uit de negentiende eeuw, die vier enorme delen publiceerde met de titel My secret life. Het is een chronologisch dagboek van al zijn seksuele avonturen. Mijn boek moest het vrouwelijke equivalent daarvan worden, ook al had ik nooit een dagboek bijgehouden. Ik wilde niet psychologiseren, niet vertellen over mijn gevoelsleven, over de mannen die van mij hielden of juist niet. Wel vond ik het interessant metaforen te gebruiken voor wat ik ervoer tijdens de seksuele daad en de fantasieën weer te geven die ik had tijdens het masturberen of bij het bedrijven van de liefde.'

De ruimte waarin dat gebeurt wordt door Millet altijd gedetailleerd beschreven, of het nu gaat om het Bois de Boulogne, een sauna, een opslagruimte of een kantoor. Het lichaam en de ruimte – belangrijke thema's in Het seksuele leven van Catherine M. Millet: ,,Bij beeldende kunst kijk ik ook altijd eerst naar de manier waarop een kunstwerk zich in de ruimte bevindt. Pas daarna kijk ik naar de figuur en de betekenis. Daarom heb ik ook veel over abstracte kunst geschreven. Die elimineert het lichaam en dan blijft de ruimte over. Bij figuratieve kunst kijk ik vooral naar het gebaar van de afgebeelde persoon – die bepaalt hoe hij in de ruimte staat. Mijn libido past ook in die mentale structuur. Als ik seksueel actief ben, draagt de omgeving waarin ik mij bevind bij tot een groot of minder groot verlangen, daar ben ik mij terdege van bewust.' Millets vertelster heeft het erg op grote, open ruimtes. ,,Wat bij onze culture de couple hoort, die van Jacques (Henric, haar echtgenoot – md) en mij is dat wij ervan houden te vrijen in de natuur of op semi-openbare plekken. We zijn nooit echt exhibitionistisch bezig, maar we houden ervan risico te nemen, te weten dat we verrast kunnen worden. Voordat ik aan mijn boek begon, heb ik mij verdiept in kunstenaars die uitwerpselen in hun kunst gebruiken. Ik las toen veel psychoanalyse, boeken over regressieve psychische bewegingen, vroeg me ook af waar mijn eigen interesse voor die kunstenaars vandaan kwam. Ik realiseerde me dat je je bij die regressie in je innerlijk terugtrekt, op een foetale manier. Je begraaft je in jezelf, zoals een lichaam in de aarde, en dat brengt je tegelijkertijd in contact met de oneindigheid, met de immense wereld die je omringt. Het hielp mij de structuur van die kunst te begrijpen. Het gaat om de dialectiek tussen enerzijds de noodzaak je op te sluiten in een gesloten, kleine ruimte en anderzijds het verlangen in contact te treden met een oneindige, onbegrensde wereld.'

Houellebecq

In Plateforme, zijn meest recente roman, spot Michel Houellebecq op niet mis te verstane wijze met kunstenaars die hun uitwerpselen in hun werk gebruiken. Misbruik van subsidiegeld, suggereert zijn verteller. Houellebecq, die in zijn romans de funeste gevolgen van de sociale en seksuele liberalisering uit de jaren zestig aan de kaak stelt, zal waarschijnlijk een immense afschuw hebben van alles wat Catherine Millet vertegenwoordigt. ,,Ach, ik schreef al over dit soort kunst voordat Houellebecq überhaupt wist dat het bestond', antwoordt Millet venijnig. ,,Je moet een beetje humor hebben, de zaken relativeren. Houellebecq heeft alleen de negatieve gevolgen van de jaren zestig onthouden. Ik heb nooit in een commune geleefd, zoals hij beschrijft in Elementaire deeltjes, maar ook dat soort utopieën heeft zijn grenzen. Het is natuurlijk onzin om te denken dat je wezenlijke menselijke gevoelens, zoals jaloezie bijvoorbeeld, uit je leven kunt bannen.'

Voor Millet valt de balans van de jaren zestig – uiteraard – positief uit: ,,In die tijd zijn de bewegingen van de seksuele minderheden ontstaan, die nu erkend zijn en niet meer ter discussie staan. De recent verworven pacs bijvoorbeeld (het contract voor samenwonenden van hetzelfde geslacht, md) komt daar rechtstreeks uit voort.'

De feministische beweging wortelt ook in die tijd, maar Millet heeft daar nooit toenadering toe gezocht. Waarom niet? ,,Dat komt door mijn seksuele leven. Ik bevond mij altijd zozeer in het kamp van de mannen dat ik mij nooit heb kunnen voorstellen ooit tegen hen te zijn, in wat voor vorm dan ook. Het radicale van de feministen uit die tijd, die machtstrijd, deelde ik niet, net zomin als het `organische'. Seksuele differentiatie hangt voor mij niet samen met organen, het heeft veel meer met psychologie te maken. Een goede vriend van mij is transseksueel – dan besef je maar al te goed hoe weinig seksueel onderscheid een kwestie van organen is.'

Spin

Toch is strijd om macht, in dit geval seksuele macht, een thema in het boek van Millet. De vertelster is een spin in een seksueel web, bij machte om genot te verschaffen of niet. ,,Dat kan ik niet ontkennen', zegt Millet lachend. ,,Mijn personage neemt misschien vaak een passieve houding in, maar weet daar wel voordeel uit te halen. In seksuele relaties is het niet noodzakelijkerwijs degene die zich lijkt te onderwerpen die machteloos is. Daar ben ik mij altijd van bewust geweest, dat ontken ik niet. Alles hangt af van wat je met die macht doet. Ik heb nooit geprobeerd uit seksuele macht een professioneel of sociaal voordeel te halen. Of, zoals femmes fatales wel doen, de psyche van een man aan mij te onderwerpen. Ja, daar plezier aan beleven, dat gevoel ken ik wel en het was des te prettiger als het om meer mannen tegelijk ging.'

De vertelster uit het boek aarzelt overigens niet om seksuele en professionele relaties door elkaar te laten lopen. Het bureau waaraan eerst maquettes worden bekeken, pagina's worden ingedeeld of artikelen besproken dient even later een heel ander doel. ,,Dat klopt. Die vrijheid heb ik mezelf toegestaan. Ik leid niet aan een gebrek aan erkenning, ben voldoende tevreden met mijn professionele leven om niet in mijn seksuele leven compensatie te hoeven zoeken. Dus vond ik dat geen probleem.'

De mannen die zichzelf herkenden in sommige van Millets personages vonden dat ook niet, meent de schrijfster. Zelf heeft ze geen directe familie, net zomin als haar man, Jacques Henric: ,,Wij zijn elkaars enige familie en dat geeft een grote vrijheid. De personen die, gemaskeerd, in mijn boek voorkomen, wisten van mijn plan. Sommigen gaven mij zelfs hun dagboek te leen om mijn herinneringen gemakkelijker te kunnen reconstrueren. In het algemeen reageerden ze nogal geamuseerd. Zo van `ça alors!'. Op de inhoud krijg ik weinig commentaar. Het is erg ontregelend om in de boeken van iemand anders voor te komen. Daar weet ik alles van. In de boeken van Jacques komt een vrouw voor die Catherine heet. Soms herken je jezelf en soms helemaal niet. Dan vraag je je af of je met iemand anders vermengd bent. Dat is soms wel moeilijk voor je ego.'

En hoe ging Millet om met de andere lezers, degenen die het boek aanstootgevend vonden en Millet een immorele dame? Fel opeens, staat op, gaat weer zitten: ,,Er is nooit morele kritiek geweest op mijn boek! Dat is juist zo interessant, dat zegt iets over onze maatschappij! Zelfs politici durven geen morele argumenten meer te gebruiken, ze zouden toch geen effect hebben! Maar één keer heb ik, in een televisieprogramma, te maken gehad met de kritiek van een rechtse politicus, die de waarden van de familie verdedigde en de plicht om kinderen en adolescenten te vrijwaren van de verleidingen van seksualiteit. Verder heb ik nooit een moreel discours gehoord.'

En de artikelen in Le Monde dan, of in L'Express, waarin werd gevreesd voor het einde van de moraal en de bescherming van het privé-leven? Millet: ,,Er waren mensen die in mij een bourgeoise zagen, iemand die rijk is, met kunst speculeert en daar nog rijker van wordt – wat ik niet ben. Impliciet werd ik gezien als een handlanger van de grote industriële bazen. Onzin natuurlijk. Verder waren er de mensen, zoals de filosoof Jean Baudrillard, die mij ervan beschuldigden het mysterie van de seksualiteit te laten verdwijnen. Seks moest worden weggemoffeld, genot beleven hoorde in het verborgene te blijven. Ik geef nu eenmaal de voorkeur aan openlijk beleefd genot. Ten slotte waren er de mensen die, nogal blasé, klaagden over het zich herhalende karakter van het boek. Ja, seks is erg repetitief, dat weten we al lang. Maar wie had dat al eens opgeschreven? Niemand dus.'

Daar valt weinig tegenin te brengen, hoewel jonge vrouwelijke Franse schrijfsters als Virginie Despentes, Christine Angot, Catherine Breillat en, dé ontdekking van deze herfst, Nelly Arkan ieder op hun eigen wijze, fel en openlijk over hun lichaam en hun seksualiteit schrijven. Millet kent hun werk, maar – eenling als ze is en met weinig gevoel voor vrouwelijke solidariteit –, voelt zich niet werkelijk met één van hen verbonden. ,,In de manier waarop ik mijn seksuele leven heb geleid en in de filosofische onderbouwing daarvan voel ik mij eerder verbonden met de libertijnse schrijvers uit de achttiende eeuw, zoals Casanova, Choderlos de Laclos of de Marquis de Sade. Die laatste moet je eigenlijk apart zetten, omdat hij geen feiten uit het leven beschreef, maar alleen putte uit zijn verbeelding.'

Het seksuele leven van Catherine M. lijkt geen opmaat voor een verder romanesk oeuvre. Millet: ,,Dat klopt. De overleden Amerikaanse schilder Ad Rheinhardt met wie ik erg bevriend was, maakte de laatste tien jaar van zijn leven steeds hetzelfde zwarte schilderij. Hij noemde dat the ultimate painting. Verder dan dat kon je niet gaan, meende hij, een erg avant-gardistisch idee. Ik heb nu mijn ultimate book geschreven. Ik moest het doen. Nu kan ik rustig sterven. Nou ja, ook weer niet al te snel.'

Catherine Millet: Het seksuele leven van Catherine M. (La vie sexuelle de Catherine M). Vertaald door Kiki Coumans en Martine Vosmaer. De Bezige Bij, 253 blz., prijs ƒ35,-

Jacques Henric: Het verhaal van Catherine M. (Légendes de Catherine M). Vertaald door Nele Ysebaert. De Bezige Bij/Manteau, 150 blz., prijs ƒ35,-

    • Margot Dijkgraaf