Commissaris

Wat zijn voorganger Eric Nordholt, hoofdcommissaris van politie te Amsterdam, te veel had, heeft Jelle Kuiper te weinig: charisma. Zo'n hoge politiebaas moet een groot gezag uitstralen. Jouw lot ligt in zijn handen, en daar ligt het goed. Zoiets. Onzin natuurlijk, maar de burger wil nu eenmaal rustig gaan slapen.

Jelle Kuiper konden we gisteren een avondje in het wild observeren. Hij was te gast op een bijeenkomst van D66 in Odeon over de veiligheid in Amsterdam.

Kuiper zat er ontspannen bij in zijn zwaarbetreste uniform. Grage roker, losjes gezeten achter een tafeltje, terwijl de zachte zinnen kabbelend zijn mond verlieten. Je werd er als toehoorder niet heet van, noch koud, hooguit een beetje verbaasd. Want volgens Jelle Kuiper gaat het erg goed met de veiligheid in Amsterdam.

,,Het is eigenlijk hartstikke veilig in Amsterdam'', waren zijn eerste woorden. In 1992 werden er nog 138.000 aangiften gedaan, en dit jaar maar 130.000. En die verwijten dat de Amsterdamse politie niet professioneel genoeg werkte, daar kreeg hij zo langzamerhand `ongelofelijk de pest over in'. Vervolgens begon hij de hete aardappel van de criminaliteit door te schuiven naar de-samenleving-als-zodanig. Criminaliteit veroorzaken we met z'n allen, dus moeten we het ook met z'n allen oplossen. Méér burgerzin, daar valt volgens de commissaris nog de meeste winst te boeken.

En dat gevoel van onveiligheid bij de gemiddelde Amsterdamse burger? ,,Een kwestie van perceptie'', meende de commissaris. ,,Men denkt dat het onveilig is.'' In de praktijk valt het reuze mee, want ,,als je de politie belt zijn we er in zes minuten.''

Bij D66 zijn het overvriendelijke mensen, dat kwam goed uit voor de commissaris. Want als je zo'n verhaal op de Wallen houdt, of in West, of op de Schiphollijn, zou menige Amsterdamse burger er wel raad mee weten. De D66'ers lieten Kuiper maar kabbelen. Er was alleen iemand die over de vele aanrandingen op een Amsterdamse school in West begon, en iemand anders die het spijtig vond dat de Amsterdamse politie maar één op de vier inbraken wil onderzoeken. Nou ja, dat laatste wilde Kuiper wel beamen, de technische prestaties van zijn mannen konden hier wel wat verbeterd.

Niet helemaal gerustgesteld stapte ik na afloop nachtelijk Amsterdam in. Dat de hoofdcommissaris de hysterie over een onveilig Amsterdam wil indammen akkoord. Ik loop er veel rond, ook bij nacht en ontij, en ik voel me er niet onveiliger dan in andere grote steden.

Maar de hoofdcommissaris moet wel consistent blijven in zijn beweringen. Want wat schreef hij in augustus in het jaarverslag van zijn korps? ,,Deze stad is een rijke kweekvijver voor criminelen. Nu, en ik vrees ook in de toekomst (...) We hebben te maken met het doorgeslagen gedoogbeleid, minder tolerantie in een alsmaar vollere stad met wel zéér mondige burgers, steeds meer daklozen en illegalen die op straat zwerven.'' En: ,,De grote vraag is: is het tij nog te keren?''

Mijn grote vraag: wie is de échte Jelle Kuiper?