Asiel en de coalitie

Het Tweede-Kamerlid Kamp (VVD) gaf deze week tijdens de behandeling van de begroting van het ministerie van Justitie een heldere definitie van het begrip asielzoekersproblematiek. Het betreft in zijn ogen ,,de toestroom van ongedocumenteerde economische immigranten die een verblijfsvergunning als vluchteling vragen''. Maar, aldus dezelfde Kamp, zo simpel als deze omschrijving is, zo gecompliceerd is de problematiek. Dat de kwestie rond asielzoekers gecompliceerd ligt, bleek nu juist niet uit de opstelling van Kamp in het debat.

In zijn oordeel over het gevoerde beleid van de staatssecretaris bezigde het Kamerlid, wiens partij deel uitmaakt van de coalitie, het zware woord ,,mislukt''. Dat vervolgens het debat in de Tweede Kamer minder ging over de asielzoekers en meer over coalitietrouw, was dan ook te verwachten. Het is de plicht van elk Kamerlid de regering kritisch te volgen. Daarbij zou geen onderscheid gemaakt dienen te worden tussen regeringsfracties en oppositiepartijen. Dat het in de praktijk anders loopt, en regeringspartijen aanzienlijk minder kritische beoordelaars zijn, bewijzen de Kamerdebatten bijna wekelijks. Des te meer valt een hard oordeel van een coalitiepartner op.

De VVD plaatst al jarenlang vraagtekens bij het asielbeleid zoals dat wordt gevoerd. Volgens de partij is er sprake van een te grote toeschietelijkheid, waardoor te veel mensen een beroep doen op regelingen die niet voor hen zijn bestemd. De VVD eist een strenger beleid, maar erkent tegelijkertijd de beperkingen. Nederland is bijvoorbeeld gebonden aan het Vluchtelingenverdrag van de Verenigde Naties. Om dat uit 1951 stammende verdrag te wijzigen is de medewerking van andere landen nodig. Dat het verdrag niet wordt aangepast, is dus moeilijk de Nederlandse regering te verwijten. Toch deed Kamp dit met zijn kwalificatie dat de staatssecretaris ,,niet vooruit te branden valt'' als het gaat om de modernisering van het Vluchtelingenverdrag.

Het was dan ook terecht dat de rest van de Tweede Kamer de VVD-woordvoerder zwaar aanviel op zijn gemakkelijk geformuleerde kritiek. Als een vertegenwoordiger van een regeringspartij op een cruciaal onderdeel van het kabinetsbeleid het oordeel ,,mislukt'' plakt, kan hij het niet bij woorden alleen laten blijven. Dan moet ook de moed worden opgebracht zo'n uitspraak in een motie vast te leggen, waardoor werkelijk duidelijk wordt hoe het met de vertrouwensvraag is gesteld. Hoewel hij daartoe regelmatig werd uitgedaagd, weigerde Kamp deze politieke stap te zetten. Daardoor gaf Kamp toe louter voor de bühne gewerkt te hebben. Het onderwerp asielzoekers verdient dat niet.