Aangrijpende opera over een poetsvrouw

Op het videoscherm verschijnt het woordje WACCCKKK. Dan weet je: het is weer mis. Met de vrouw die zich door haar man in elkaar laat trimmen. Met de vrouw die haar man moet beloven dat zij ter verklaring van haar blauwe plekken tegen de mensen zal zeggen: `Ik ben tegen de deur aangelopen'.

Paula Spencer heet deze vrouw en over haar gaat de opera The Woman Who Walked Into Doors. Opera's over verliezers zijn niet nieuw. Madama Butterfly is een verliezer en Violetta in La Traviata ook. Maar waar zij tragisch sterven leeft Paula hoopvol door. Ze is arm, moeder van vier verwaarloosde kinderen en zwaar verslaafd aan de drank. Toch meent ze laconiek: `Ik red het wel'. Ze gaat zelfs werken, als poetsvrouw.

De poetsvrouwenoutfit die Valentine Kempynck voor Paula Spencer ontwierp geeft de kracht van die geschonden huismoeder prachtig weer. Een wijd overschort draagt Paula, onhandig-onflatteus maar voorzien van strepen die soms even oplichten, als fluorescerende levenstekens in het donker.

En ze komen van twee kanten, die levenstekens, want regisseur Guy Casssiers van het Ro Theater verdubbelde Paula Spencer. Een zangeres en een actrice beelden haar uit: de actrice heeft een lage stem, de zangeres een hoge, en beiden bezigen de Engelse taal. Of liever: de Ierse, want Paula Spencer is Iers en haar bedenker ook. Roddy Doyle schrijft over de mensen in de arbeiderswijken van Dublin, waar hij zelf vandaan komt. Daarom klinkt Paula's relaas in het boek waarnaar de opera is vernoemd zo authentiek.

Met de beperkte woordenschat van iemand die niet lang op school zat probeert de Paula van Roddy Doyle erachter te komen wat er in haar leven fout ging. Maar de waarheid verdraagt ze alleen door óók te memoreren wat er in haar leven goed ging. Misschien maakt ze haar man Charlo mooier dan hij was. Misschien houdt ze die crimineel, om het leven gekomen in een vuurgevecht met de politie, een hand boven het hoofd, zoals ze zich ook haar vader positief wenst te herinneren. Wie wil overleven bestaat per definitie uit een realistische en uit een idealistische persoon, dus zet Cassiers heel consequent twee Paula Spencers neer: die actrice met haar proza is de feitenverzamelaarster en die zangeres met haar lyriek de droomster.

De sopraan Claron McFadden zingt pril en teder en extatisch. De alt Jacqueline Blom spreekt beheerst en nuchter en als het even kan kalm. Maar eigenlijk zijn er dríe personages. Het videoscherm heeft een eigen mening: die van de buitenwereld. Agressief levert het namen en namen en namen. De namen van de jongens in Paula's klas bijvoorbeeld, die de meisjes óf tot een slet òf tot een stijve trut veroordeelden en die hen alleen met rust lieten als ze trouwden. Nu eens ogen de letters op het scherm als schuttinggeklieder, dan weer als valse reclame, en steeds dwingen ze de performers tot reacties.

Eenzelfde werkwijze paste Cassiers toe in de voorstelling Rotjoch. Ook toen had het personage (klein) alleen maar een beeldscherm (groot) om mee te praten: Cassiers' figuren zijn in een gruwelijk isolement geraakt. `Ask me, ask me', zingt Claron McFadden smekend. Vraag me waar mijn blauwe plekken vandaan komen, bedoelt ze, en mijn gebroken botten. Maar de enkele keer dat Paula hulp van buiten zoekt zwijgt het beeldscherm wreed.

De muziek daarentegen zwijgt niet. Kris Defoort schreef voor co-producent Het muziek Lod en voor de Beethovenacademie en zijn eigen jazzband Dreamtime een compositie die al in de prelude naar Paula's neergang verwijst. De piano en de vibrafoon, de strijkers en de koperblazers: alles botst en schuift en tuimelt, er is geen houden aan. Maar de slotakkoorden zijn mild en vragend. Alsof ze Paula Spencer toch nog een kans geven, een nieuwe. De strepen op de schortjurken geven nu meer licht dan ooit en dat is dan het einde van een teder, wreed en zeer aangrijpend verhaal.

Voorstelling: The Woman Who Walked Into Doors naar Roddy Doyle door Het muziek Lod en het Ro Theater. Regie: Guy Cassiers. Muziek: Kris Defoort. Gezien: 7/11 de Singel, Antwerpen. Daar t/m 10/11. Op 15, 17 en 18/11 in Rotterdam, later in Brussel. Inl. (010) 4046888 of www.rotheater.nl.