Harde bewijzen zijn niet altijd waar

Osama Bin Ladens Al-Qaeda-netwerk speurt naar kernwapens, zegt president Bush. Aanwijzingen ontbreken echter, en het lijkt erop dat Al-Qaeda onderwerp is van mythevorming.

De terreurgroep van Osama bin Laden probeert kernwapens en bovendien biologische en chemische wapens in handen te krijgen. Dat was het voornaamste nieuws waarmee president Bush zich afgelopen dinsdag per satelliet tot regeringsleiders uit Midden- en Oost-Europa richtte. In zijn tv-speech liep Bush vooruit op de toespraak die hij aanstaande zaterdag voor de algemene vergadering van de Verenigde Naties zal houden. Bush riep op tot steun aan de Amerikaanse strijd tegen terreur.

Bush heeft in zijn toespraak geen enkel nieuw bewijs, zelfs geen vage aanwijzing opgenomen die zijn conclusie kan ondersteunen. Sinds 11 september is er er geen enkel nieuw feit naar buiten gebracht waaruit zou blijken dat Bin Laden werkt aan massavernietigingswapens. Afgezien van het gegeven dat een deel van de vliegtuigkapers eerder dit jaar interesse toonde voor sproeivliegtuigen, maar daar kennelijk nog bitter weinig van af wist.

Tot op heden is men er niet in geslaagd de miltvuur-aanslagen in Florida, Washington en New York in verband te brengen met Al-Qaeda of enig andere buitenlandse terreurbeweging. De antrax-aanslagen vallen in de tijd min of meer samen met de vliegtuigaanslagen en sommige terroristen woonden een tijd in Florida. De onbeholpen briefjes in de beruchte poederbrieven noemen Israël en Allah. Sterker zijn de aanwijzingen niet. Men neigt de laatste weken tot het oordeel dat de miltvuur-bacteriën uit de Verenigde Staten zelf komen.

Over Bin Ladens vermeende inspanningen op het gebied van massavernietigingswapens is nog steeds niet meer bekend geworden dan er al voor half september was. Desgevraagd heeft Bin Laden tegen journalisten gezegd dat het de plicht is van elke moslim om zulke wapens in handen te krijgen en dat hij het gebruik niet afwijst. Ook zijn er rond de vermaarde trainingskampen in Afghanistan ooit veel dode dieren waargenomen. Dat zou wijzen op experimenten met chemische of biologische wapens (CB-wapens), maar plotselinge veesterfte komt wel meer voor. (Eenzelfde sterfte in Saoedi-Arabië leidde ook al tot onrust.)

Amerikaanse inlichtingendiensten brengen Al-Qaeda al enige jaren in verband met CB-wapens, maar onderzoekers van het Amerikaanse Monterey Institute (zoals Milton Leitenberg) wijzen erop dat hun uitlatingen verre van consistent zijn. De ene keer heet het dat Bin Laden de wapens probeert te krijgen, de andere keer slechts dat hij daarin geïnteresseerd is. De ene keer wil hij ze zelf maken, de ander keer slechts kopen. Het bericht dat Al-Qaeda oefent met CB-wapens blijkt terug te voeren op een paragraaf in een uitputtende, veelomvattende handleiding (`De encyclopedie van de Afghaanse Jihad') waarin oefeningen met CB-wapens worden besproken.

Ook Bin Ladens interesse in kernwapens is door het Monterey Institute geanalyseerd. Een adviseur van Bin Laden werd in 1998 in München gearresteerd toen hij hoogverrijkt uranium probeerde te kopen. Of het uranium er was is onbekend. In het proces tegen de terroristen die deelnamen aan de aanslagen op Amerikaanse ambassades in Oost-Afrika is begin dit jaar (7 februari 2001) bekend geworden dat er eind 1993 in Soedan werd geleurd met een staaf uranium. Bin Laden was bereid daarvoor 1,5 miljoen dollar te betalen, maar of de transactie is doorgegaan is onbekend. Voor het overige zijn er uitsluitend vage mededelingen uit Israëlische en Arabische hoek dat Bin Laden al kernwapens zou bezitten, sommige kant en klaar gekocht in Tsjetsjenië en opbergbaar in een koffer.

Het lijkt erop dat rond de groep van Bin Laden een gevaarlijke mythevorming plaatsvindt en dat haar macht en kennis wordt overschat. De ontwikkelingen rond de `Encyclopedie van de Afghaanse Jihad' zijn wat dit betreft illustratief. Dat deze `encyclopedie', een verzameling van 11 technische, militaire handleidingen in het Arabisch, bestaat is al bijna twee jaar bekend. In juli 2000 werd daarvan gezegd dat ze vrijelijk en overvloedig in het Midden-Oosten en Pakistan werden aangeboden. In september 2000 meldden ook Amerikaanse inlichtingendiensten de ontvangst van de boeken. Ze gaven een aardige kijk op het gedachtengoed van Bin Laden maar stelden verder niet veel voor, was het oordeel: het was voornamelijk internet-informatie.

Onlangs, eind september 2001, kreeg ook het persbureau Associated Press een kopie in handen. Sindsdien gaat de encyclopedie door het leven als zeer geheim en toon hij aan hoe `sophisticated' (geraffineerd) Bin Laden te werk gaat.

    • Karel Knip