De dood is een bezwete drenkeling

Zo vaak als zijn romans vol suspense en geplaagde personages en met heldere plots werden verfilmd, zo onbekend blijft zijn naam bij velen: Charles Williams (1909-1975), Texaans schrijver met zeemans- en soldatenverleden. Evenals tijd- en lotgenoten als David Goodis en Cornell Woolrich (alias William Irish) was Williams een exponent van de Amerikaanse paperbackcultuur in de jaren vijftig, die weer was voortgevloeid uit de teloorgang van pulpmagazines in de twee decennia daarvoor. Hun realistische, duistere misdaadverhalen vertelden meer over de Amerikaanse psyche en samenleving dan menig gerespecteerd literair werk.

De meeste `hard boiled'-schrijvers bleven tijdens hun leven gevangen in het getto van de kioskuitgaven, verdwenen vervolgens in eigen land in de obscuriteit en werden soms, postuum, herontdekt (Jim Thompson, Chester Himes). Al in de late jaren vijftig beleden de Fransen hun adoratie voor deze literatuur in vertalingen en filmadaptaties. Beroemd is de `Série noire' (met zwarte omslagen en een geel kadertje) van uitgever Gallimard, waaruit filmmakers nog altijd inspiratie putten.

De nevel van mysterie die deze auteurs vaak omgeeft, fascineert een wereldwijde schare noir-liefhebbers die in een tijd waarin ieder geleegd whiskyglas en elk toiletbezoek van een schrijver in kaart wordt gebracht, graag nog iets te raden over houdt.

Van de eenentwintig romans omvattende Charles Williams-bibliografie werd meer dan de helft verfilmd, meestal in Europa. Aan zijn werk wijdden zich, met een strakke mise en scène en veel gevoel voor de onderliggende spanning tussen de personages, grote regisseurs als Claude Sautet (l'Arme à gauche, 1964; naar Aground uit '61) en François Truffaut (Vivement Dimanche! 1983) naar The long Saturday night uit '62). In de VS werd Hell hath no fury (uit '53) als The hot spot in 1990 door Dennis Hopper geënsceneerd als een broeierig kabinetstukje noir-americana: Eén man (Don Johnson), twee bloedmooie vrouwen en die smalle scheidslijn tussen juist en verkeerd die hebzucht heet.

Twee jaar eerder zeilde de Australiër Phillip Noyce uit met Dead calm, een symbiose van een glasheldere Williams-bewerking (van co-producent Terry Hayes; naar Dead calm uit '53); een sterke acteursregie, overtuigend camerawerk en een vlijmscherpe montage. Ja, welhaast perfect uitgevoerd is deze nagelbijter over een getraumatiseerd echtpaar (Sam Neill en Nicole Kidman) dat, in windstilte dobberend op hun zeiljacht ver uit de Australische kust, een zonderlinge opvarende (Billy Zane) van een zinkende schoener oppikt.

Zelden werd de vorm zo optimaal op de inhoud afgestemd, zelden was een afgepaste dialoog zo effectief, lag de stilte dermate sinister tot aan de einder over de glinsterende golven en boezemden de grimassen van een sociopaat zoveel angst in. Charles Williams zou zéér content zijn geweest.

Hondenliefhebbers kunnen vanavond echter beter Lassie huren. Want Ben, pluizebollerig scheepsmaatje van Sam en Nicole, en tekstvast vertolkt door Benji, blaast op een wel heel onaangename wijze zijn laatste woef uit.

Dead calm (Aus/VS, 1988, Phillip Noyce), RTL5, 20.00-21.50u.

    • Oliver Kerkdijk