Sabena's ondergang

Ook nationale luchtvaartmaatschappijen kunnen ophouden te bestaan. Het einde van Swissair, vorige maand, was geen incident. Vandaag heeft de Société Anonyme Belge d'Exploitation et de la Navigation Aérienne, kortweg Sabena, faillissement aangevraagd. Om half twaalf vanmorgen landde op Zaventem de laatste vlucht van België's geplaagde nationale carrier. Aan een misschien wel roemruchte, maar in economisch opzicht weinig succesvolle geschiedenis sinds de oprichting in 1923 is een eind gekomen.

Sabena sterft; een echt bedrijf is het nooit geweest. Het was een verlieslijdende staatsonderneming, die decennialang te maken had met politieke belangen die belangrijker werden geacht dan het maken van winst; die het speeltje was van de achtereenvolgende regeringen; die nooit fatsoenlijk saneerde en haar oren liet hangen naar de wensen van veeleisend personeel en machtige vakbonden. Een bedrijf dat uiteindelijk ten onder ging aan een combinatie van geldgebrek, mismanagement, pech met partner Swissair en de wereldwijde gevolgen van de aanslagen op 11 september.

Aan Sabena is niets verloren. Het kon niet meer goed komen zo diep was het bedrijf gezonken. Het is ellendig voor het personeel, dat met duizenden op straat komt te staan. Mogelijk biedt een `doorstart' van een van de dochterbedrijven perspectief, maar zeker is dit allerminst. België zal het zonder zijn nationale luchtvaartmaatschappij moeten doen. Vliegveld Zaventem bij Brussel, dat toch een beetje de hoofdstad van Europa is, krijgt een ander aanzien.

Het siert de regering van de liberaal Verhofstadt haar heil niet te hebben gezocht in het rekken van het voortbestaan van Sabena. De reflex hiertoe was wel aanwezig. Het ging niet alleen om Sabena, maar ook om nationale sentimenten. Het was een electoraal gevoelige zaak die uitnodigde tot de meegaandheid die te lang Sabena's zachte heelmeester was. Het kabinet-Verhofstadt kon moeilijk anders. Het zou raar zijn geweest als uitgerekend in een periode dat België de EU leidt, het land de Europese regels zou hebben geschonden. Die verbieden directe steun aan bedrijven.

Met het bankroet van Sabena rijzen vragen die van belang zijn voor andere landen en andere nationale carriers. Kan een land zonder nationale luchtvaartmaatschappij? Het antwoord luidt `ja'. Gevlogen wordt er toch wel, ook zonder Sabena of Swissair. Maar wat betekent dit in politiek en strategisch opzicht? Gaat premier Verhofstadt voortaan in een toestel van Virgin op staatsbezoek? Niet waarschijnlijk.

Nationale luchtvaartmaatschappijen in andere landen, na 11 september allemaal min of meer in de problemen gekomen, volgen nauwlettend wat er in België gebeurt. Zal de Nederlandse regering de rug recht houden als de KLM dreigt om te vallen? Het is niet aan de orde, maar wat niet is kan komen. Het uitgangspunt is steeds geweest dat de terreuraanslagen niet mogen leiden tot het bankroet van luchtvaartondernemingen. Hoe lang is dit vol te houden in Europa, waar historisch te veel nationale luchtvaartmaatschappijen bestaan?

De herschikking van de Europese luchtvaart als onderdeel van een internationale reorganisatie gaat in hoog tempo door. Op zichzelf is daar niets mis mee, hoewel de aanleiding een wrede is. Staatssteun is uit den boze. Fuseren, overnemen, saneren dat blijven de sleutelwoorden.