Communiste in bontjas

De sprong van schrijfster Gisela Elsner (1937-1992) van de vierde etage van de kliniek waar ze net opgenomen was, viel te verklaren uit de desillusie van een West-Duitse communiste in bontjas over de val van de Muur en over een samenleving die haar boeken niet meer wilde publiceren. Maar misschien lagen haar waanzin, haar alcohol- en pillenverslaving, ook wel juist ten grondslag aan haar verbitterde politieke engagement, aan haar woede en haar hondentrouw aan de verdwenen DDR. De speelfilm Die Unberührbare, die Elsners zoon Oskar Roehler aan zijn moeder wijdde, laat ruimte voor beide interpretaties. Het is een film die zoekt naar de vrouw die haar in 1959 geboren zoon op zijn derde in de steek liet. Roehler heeft lef, wanneer hij zegt zich te hebben laten inspireren door films als Fassbinders In einem Jahr mit 13 Monden (1978) en Malle's Feu follet (1963), voortreffelijke studies van psychologische desintegratie in een Europese filmstijl die net zo gedateerd is geworden als Elsners saloncommunisme.

De in zwart-wit gedraaide film volgt de tot `Hanna Flanders' omgedoopte Elsner tijdens een tocht door Duitsland in de novemberdagen van 1989. Ze ontmoet een Oost-Duitse familie, haar zoon, een onwillige geliefde. Er is geen plaats meer voor haar, nergens in dit herenigde Duitsland, maar waarschijnlijk nergens ter wereld.

Roehlers moedige en interessante film stemt ongemakkelijk, omdat er ook geen plek meer is voor een film als Die Unberührbare, waarin zelfbeklag plechtig gecelebreerd wordt. Dat Roehlers film desondanks prijzen won op diverse festivals valt niet alleen te begrijpen uit nostalgie. Waar zelfs de nuchterste liberaal zich bij thuis zal voelen is het magistrale acteren, met name van Hannelore Elsner in de hoofdrol, maar ook van al die andere, hier veel te weinig bekende Duitse acteurs als Vadim Glowna en Nina Petri. De enige voorwaarde is een minimale kennis van en interesse voor de recente geschiedenis en voor de tragiek van onverzettelijkheid.

Die Unberührbare. Regie: Oskar Roehler. Met: Hannelore Elsner, Michael Gwisdek. In: Filmmuseum, Amsterdam; Lux, Nijmegen.