Vrijhandel landbouw heeft nog weinig effect

De liberalisering van de wereldhandel door de WTO heeft de afgelopen vijf jaar amper effect gehad op landbouwproducten. De gevolgen van dierziektes zijn veel groter.

Sprinkhanenplagen en uitbraken van mond-en-klauwzeer hebben meer effect gehad op omvang van de agrarische wereldhandel dan het WTO-verdrag uit 1995, toen de eerste afspraken zijn gemaakt over de liberalisering van de wereldhandel. Dat stelt dr. J. van Meijl van het Landbouw Economisch Instituut. Volgens hem heeft de liberalisering tot op heden amper effect gehad op de wereldhandel in bananen, kippen, graan, suiker, rundvlees en zuivel. Zijn stelling wordt bevestigd door studies van de Wereldvoedselorganisatie FAO in Rome en het Amerikaanse Global Trade Analysis Project, dat de wereldhandel in al zijn aspecten bestudeert. Ook weersomstandigheden zijn volgens Van Meijl van grotere invloed op de agrarische handel dan het WTO-verdrag.

Van Meijl geeft de uitbraak van mond-en-klauwzeer begin dit jaar als voorbeeld. De besmettelijke ziekte dook op in Groot-Brittannië, Frankrijk en Nederland. Japan blokkeerde daarop alle import van varkens- en rundvlees uit Europa. De Verenigde Staten en Canada sprongen meteen in het gat en profiteerden maandenlang van de ziekte-uitbraak in Europa.

Volgens dr. F. van Tongeren, een collega van Van Meijl, heeft het WTO-verdrag de afgelopen vijf jaar minder opgeleverd dan werd verwacht. ,,Het zou jaarlijks 70 miljard dollar aan voordelen opleveren. Uiteindelijk bleek het slechts de helft te zijn.' Reden daarvan is de toepassing van zogeheten dirty tarification door met name de Verenigde Staten en de Europese Unie. Begin jaren negentig spraken ze met elkaar af dat de tarieven op geïmporteerde landbouwproducten weliswaar omlaag moesten, maar ze wilden de schade van die maatregel beperken. ,,Daarom hebben ze de plafonds voor de tarieven kunstmatig hoog vastgesteld. Een korting heeft dan minder effect', zegt Van Meijl.

Van de nieuwe WTO-ronde verwacht men de komende vijf jaar wel een jaarlijks voordeel van 50 tot 70 miljard dollar voor landbouwproducten, omdat de tarieven nu volgens verwachting écht omlaag gaan.

De handelsblokken die volgens Van Tongeren het meest van de nieuwe WTO-ronde profiteren zijn de Nafta (VS, Canada en Mexico), Mercosur (Argentinië, Brazilië, Uruguay en Paraguay) en de Cairns-landen (onder andere Australië en Nieuw-Zeeland). Ontwikkelingslanden zullen er in absolute bedragen weinig aan hebben. Maar procentueel gezien profiteren zij het meest. Hun bruto binnenlands product zal naar verwachting met 1,3 procent per jaar stijgen. Het bbp van ontwikkelde landen zal jaarlijks met 0,3 procent stijgen.

Van Meijl tekent aan dat niet alle ontwikkelingslanden evenveel zullen profiteren. Zo hebben de Afrikaanse landen weinig aan de nieuwe WTO-ronde. ,,Zij importeren veel landbouwproducten', zegt van Meijl. ,,En de prijzen op de wereldmarkt zullen naar verwachting omhoog gaan.' Bovendien hebben deze landen al vaak te maken met lage tariefheffingen in de EU (vanwege hun koloniale verleden) en krijgen ze in de toekomst mogelijk te maken met meer concurrenten.

De invloed van ziektes op de agrarische wereldhandel zal ook in de toekomst groot blijven, meent Van Meijl. ,,Het kan zelfs anti-liberaliserend werken', zegt de econoom. ,,Want meer wereldhandel betekent meer risico op het verslepen van ziektes. Een landenblok als de EU verzet zich daartegen. Het heeft de ramp van mond-en-klauwzeer en varkenspest nog vers in het geheugen.'

Dit zijn de delen vijf en zes in een serie voorafgaand aan de WTO-conferentie in Qatar die later deze week begint. Eerdere delen verschenen op 24 en 26 oktober en 1 en 5 november.

    • Marcel aan de Brugh