Gewone gelovigen

Eerst de angst voor besmetting per gifbrief, daarna de ontmaskering van een homofobe media-imam, en nu ook nog eens de krant niet thuisbezorgd. Het is me wat met de islam in Nederland, zo langzamerhand. Geprezen het land waar de doem die over de wereld hangt, zich vertaalt in een dorpsklucht.

Het aardigste geval is ongetwijfeld de zogenaamde imam Haselhoef, de afgelopen weken vrijwel elke avond op de buis om ons te stichten over het geloof, maar dan nu door het Algemeen Dagblad in een onverschrokken imam-gate ontmaskerd als een autodidact. Jammer, hij was de perfecte mediamieke reli-creatie in het RTL-tijdperk: folkloristisch maar goedgebekt, ernstig maar niet te puriteins om tegenover het borrelnootje Jan Mulder te gaan zitten, en bereid om zich in te leven (ook een westerse deugd) in archaïsche woestijn-opvattingen over homofilie. Hij was daarover `tenminste niet hypocriet', zou de bijtgrage humanist Paul Cliteur zeggen. Maar dat was hij natuurlijk juist wel. En nu is het liedje uit, want de media geven en de media nemen.

Sommige bezorgers kennelijk ook. Terwijl moslimfilosofen in de media vorige week hun beklag deden over het intellectuele verval van de islam en de onkunde van gewone gelovigen over hun eigen godsdienst Mohammed Arkoun vorige week zaterdag in deze krant weigerde een handjevol Amsterdamse gewone gelovigen het magazine M te bezorgen, omdat de daarop geplaatste afbeelding van de koran tegen hun geloof indruist. Het was, net als de val van Haselhoef, een daad van vooral symbolisch gewicht, zij het een stuk minder vrolijk. De hoofdredacteur van deze krant heeft op de eigenrichting van de bezorgers duidelijk maar kalm gereageerd, en dat is terecht, ook al klinkt hier en daar alweer de stoere roep om harde maatregelen en doen sommige commentatoren, geprikkeld door het koortsbeeld van scheurende moslims, het liefst of een nieuwe bezetting en persbreidel van het vaderland aanstaande zijn. Religieuze gewetensbezwaren, misplaatst of niet, zouden juist in dit land niet reflexmatig moeten worden weggehoond als iets schandaligs, ongehoords of absurds.

De religieuze oprisping van de bezorgers tekent intussen wel de kloof tussen de oudere generatie allochtonen en de jongeren, die vaak half geseculariseerd zijn, maar maatschappelijk in een marginale positie verkeren, en zich daarom van de weeromstuit, als de gelegenheid zich voordoet, een vaag begrepen islamitische identiteit aanmeten. Je kunt dat veroordelen, maar je moet ook begrijpen hoe zulke psychologische en sociale mechanismen werken. Lees wat V.S. Naipaul (tegenwoordig al te eenduidig aangehaald als criticus van de islam) daarover opmerkt in India: A Million Mutinies Now, en deze week aangehaald in de TLS, na een bezoek aan een belaagde moslimwijk in Bombay: `Als ik in hun positie had verkeerd [...], was ik ook een hartstochtelijke moslim geweest. Ik wist dat, hoe grimmiger de zaken ervoor stonden, hoe meer je erop aandrong te zijn wat je bent.' Waar we mee te maken hebben, met andere woorden, zijn de gevolgen van culturele, economische en politieke frustratie en ontheemding. Verschijnselen die ernstig en ontwrichtend genoeg zijn, maar waar het apocalyptische geëmmer over de islam, en de superioriteits-slogans van hooggeleerde gelijkhebbers, het zicht op vertroebelen.

In hun diepte-analyses van de islam gaat het nog steeds vooral om de `cultuur' van deze godsdienst; en dat woord is op zichzelf een bijna metafysisch begrip geworden dat kennelijk geen toelichting behoeft en dat zich met de dag meer ontpopt als een vrijbrief om niet te hoeven nuanceren (`het is nu eenmaal hun cultuur'), en om moeilijke machtsvraagstukken te verdonkeremanen. Het begrip heeft zodoende al bijna de plaats ingenomen van de marxistische retoriek uit de jaren zeventig over `de maatschappij', ook zo'n verbale stoplap. Toen werd hartverwarmend simpel gesproken over het schandaal van `de armoede in de Derde Wereld', die natuurlijk onze schuld was, en nu kan de leefbare Nederlander Pim Fortuyn in een aanvlieging van vrouwvriendelijkheid `het grove schandaal' aanklagen van de islamitische onderdrukking van `honderden miljoenen vrouwen ter wereld', die natuurlijk hun schuld is. Nooit gedacht dat het hem iets kon schelen, overigens, maar het weer is nu eenmaal warm genoeg om de borreltafel eens op straat te zetten.

Dat is triest. De kracht van de Europese beschaving is sinds de tegenwoordig juist door dogmatici tot vervelens toe aangehaalde Verlichting het nuchtere vermogen geweest om historisch, contextueel en genuanceerd te denken (zie het citaat van Naipaul), en niet in absolute categorieën die de empirie geweld aandoen of versimpelen. Schaduwtinten vallen nu eenmaal weg in het heldere zonlicht van het dogma. Het westen had overigens geen monopolie op zo'n benadering, want lees hoe de moslimfilosoof Mohammed Ibn Zakaria Ar-Razi in de negende eeuw zijn onderzoeksmethodologie formuleerde: ,,Mensen moeten onderwerpen opzoeken die door eerdere generaties over het hoofd werden gezien, te vaag werden besproken of zelfs te langdradig werden beschreven. Onbesproken thema's moeten genoemd worden, verspreide informatie moet verzameld worden, globaal behandelde stof moet uitgewerkt worden en onduidelijk behandelde onderwerpen moeten worden verhelderd'' (aangehaald in het leerzame boekje Islam en homoseksualiteit, Bulaaq 2001, dat Haselhoef nu kan gaan lezen).

Het is waar, dezer dagen zijn de Ar-razi's helaas zeldzaam in de islamitische wereld, uitgestorven of gevlucht onder pressie van het islamisme, en worden we in plaats daarvan geconfronteerd met gemoderniseerde terreurprofeten als Bin Laden en loudmouths op straat in Pakistan, die menen dat ze de islam in pacht hebben. Die intellectuele verstarring van de islam is jammerlijk, want zoals zelfs de schrik-actie van de Amsterdamse bezorgers laat zien, is de islam altijd meer een religie van orthopraxis geweest dan van orthodoxie. Het gaat gelovigen niet allereerst om het onderschrijven van de juiste theologische doctrines (behalve de geloofsbelijdenis) als wel om het leiden van een deugdzaam en godvruchtig leven.

De hoop die na de verschrikking van elf september, wellicht, gloort aan het eind van de tunnel, is dat verreweg de meeste moslims dat goede leven niet zullen zien in de opwinding van fanatisme en terreuraanslagen. Als onze eigen schreeuwlelijken zich nu ook maar even kunnen inhouden.

    • Sjoerd de Jong