Bladeren

Die Zeit

Van luiers en laarzen naar mobiele telefonie. Het sprookje van Nokia is de nachtmerrie van Ericsson. De Zweden die de Finse onderneming in 1991 nog moeiteloos konden overnemen, moesten hulpeloos toezien hoe Nokia de luiers en de laarzen achter zich liet en ruim dertig procent van de markt voor mobiele telefoons veroverde, 11 procent overlatend voor Ericsson en 18 voor Motorola.

Die Zeit beschrijft hoe voormalig Ericsson-manager Jorma Ollila vanaf 1992 alles op de kaart van de mobiele telefonie zette. De kern van het Finse sprookje is dat de vijf topmanagers van het bedrijf met elkaar kunnen lezen en schrijven. Verder brengt het management de theorieën in praktijk die doorgaans niet verder komen dan het handboek voor de manager: het nemen van beslissingen is voorbehouden aan hen die er het meeste verstand van hebben, en wie met een nieuw idee niet de eindstreep haalt, valt niet onmiddellijk in ongenade, maar begint met een nieuw project. Het klinkt allemaal te mooi om waar te zijn. En dat is het ook niet, als we Wirtschaftswoche mogen geloven.

Wirtschafts- woche

Ook de mooie cijfers van Nokia kunnen niet verhinderen dat de markt voor mobiele telefonie verzadigd is, meent Wirtschaftswoche. Hoewel Nokia-topman Ollila niet gelooft in verzadiging van de markt, heeft hij al wel gewaarschuwd dat de groei van de omzet in de mobiele telefonie zal afzwakken tot hooguit 30 procent: ,,De top van de groei is bereikt.'' Het is vooral de groeivertraging in de VS die Nokia parten speelt, omdat Amerika voor de Finnen het grootste afzetgebied is. Feit is dat Nokia de introductie van nieuwe GPRS-mobieltjes een paar maanden heeft uitgesteld. Het is wellicht daarom dat Siemens zijn kans schoon ziet. De onderneming heeft volgens het blad alle hoop gevestigd op invoering van de GPRS-standaard. Want het bedrijf gelooft niet in verzadiging van de markt, maar houdt op gezag van marktonderzoekers Frost en Sullivan rekening met een omzetexplosie. Het is maar wat je wilt geloven.

The Economist

GPRS is te zien als een tussenstap tussen het gebruikelijke GSM-systeem en 3G, de derde generatie mobieltjes. Het feit dat Nokia het zetten van die tussenstap uitstelt, geeft te denken, vooral aan de telecombedrijven die zwaar hebben ingezet op het aanleggen van 3G-netwerken. The Economist vreest dat de technologie waarin Europa zo excelleert, afstevent op een ramp.

Alles wijst erop dat de telecomsector voorzichtiger is dan ze ooit was. Twee van de vier UMTS-licentiehouders in Zweden hebben al aangekondigd dat ze dezelfde infrastructuur zullen gebruiken. Het ligt voor de hand dat de licentiehouders in andere Europese landen dezelfde kostenbesparingen willen toepassen. Deze zullen hun weerslag hebben op de producenten van mobiele telefoons. Niet voor niets heeft Ericsson de productie uitbesteed naar Singapore. En dan hebben we het nog niet gehad over de milieubezwaren. Want 3G-technologie heeft 4 tot 16 keer zoveel meer zendmasten nodig heeft als de GSM-technologie. En wie wil er wonen in een landschap dat er uit ziet als een gigantisch speldenkussen? Het blad voorspelt op gezag van Forrester Research dat er van de tientallen ondernemingen in 2008 nog een stuk of vijf over zullen zijn.

BusinessWeek

Wie precies wil weten wat er gaat gebeuren in de mobiele telefonie wende zich tot Forrester Research. Want ook BusinessWeek beroept zich op het werk van dit bureau. Het blad vergelijkt de 3G-hype met de beruchte Hollandse tulpenmanie. Het blad ontleent aan Forrester de voorspelling dat het aanleggen van 3G-netwerken zo duur zal blijken te zijn dat de telecombedrijven in kwestie over vijf jaar in de rode cijfers zullen belanden en er in zullen blijven, in de dubbele betekenis van het woord.

Het blad weet een oplossing voor het ongemak van de telecomsector in Europa. Als de overheden nu eens de opbrengsten van de verkoop van UMTS-licenties terugstorten, dan kunnen de ondernemingen dat geld gebruiken om te investeren in de aanleg van de benodigde netwerken. Daarna kan de overheid het geld weer terugkrijgen door de winsten te belasten. Het is alsof je de bank vraagt de maandelijkse aflossing van de hypotheek terug te storten zodat je een nieuw huis kunt bouwen.

Fortune

Wie zijn billen brandt moet op de blaren zitten. Het zijn de managers die zichzelf voor het blok zetten met exuberante doelstellingen als winststijgingen van minstens 15 procent. Dit inzicht is het onderwerp van Fortune's omslagverhaal. De kern van het verhaal bestaat uit de waarneming dat het bedrijfsleven de laatste 40 jaar gemiddeld 8 procent winst maakte. Dat had het blad natuurlijk ook wel eens eerder aan de orde mogen stellen in een omslagverhaal.

    • Herman Frijlink