Ambities Modjo reiken verder dan de realiteit

Als het waar is dat Franse popmuziek altijd minstens tien jaar achterloopt, dan heeft de Parijse groep Modjo daar haar voordeel mee gedaan. Hun muziek is schaamteloos retro en de luchtige disco-invloeden maakten een wereldhit van de single Lady (Hear Me Tonight), geënt op een sample uit een obscuur nummer van discogroep Chic. Zo gemakkelijk als ze aansluiting vonden bij de housecultuur, zo moeilijk maakt Modjo het zichzelf om hun muziek naar het concertpodium te brengen. Als vijfkoppige rockgroep klonken ze een stuk minder fris dan op het titelloze debuutalbum, gemaakt door het duo dat in feite de kern van de groep uitmaakt.

Zanger/gitaristen en multi-instrumentalisten Yann Destagnol en Romain Tranchart vormen een hecht popduo in de beste Tears For Fears- en Hall & Oats-traditie. De gruizige leadzang van Destagnol geeft de muziek een blue eyed-soulgevoel en ook de 10 CC-achtige koortjes en de doorwrochte, van Todd Rundgren afgekeken arrangementen wijzen eenduidig richting jaren zeventig.

Het hedendaagse geluid van de plaat werd op het podium ingewisseld voor een ouderwets rockgeluid, een beetje stijfjes en braaf uitgevoerd door capabele muzikanten. Aan hun muzikaliteit viel niet te tornen; zelfs de klarinet in een voorzichtige bossa-novaversie van de hit Lady werd door Destagnol zelf gespeeld. Maar door hun voorliefde voor gladde Amerikaanse FM-pop werd het een vlak allegaartje van stijlen, laverend tussen jazzrock, disco en symfonische pop.

Nadat Destagnol zich overschreeuwd had in een bleek funkrocknummer, liet zijn stem het bijna afweten in een botte reprise van Lady. Al te duidelijk bleek dat Modjo het van die ene hit moet hebben, en dat hun muzikale ambities verder reiken dan ze het werkelijk waar kunnen maken. Misplaatst was het slotnummer I Put A Spell On You van Screaming Jay Hawkins, gespeeld op de manier van Creedence Clearwater Revival, maar ontdaan van de scherpe rand die de twee andere versies zo opwindend maakte.

Concert: Modjo. Gehoord: 1/11 Max, Amsterdam.

    • Jan Vollaard