WERKCAFÉ

Ze hebben allemaal hun stamcafé, de politici, de vrachtwagenchauffeurs, de zeelieden, de advocaten. Ze kletsen wat, drinken een borrel of een goede kop koffie. Tegenwoordig heet dat netwerken. Een fotoreportage.

DE VEEHANDELAREN

Café de Bonte Koe

Koemarkt 17

Purmerend

dinsdag 08.00 uur

Elke dinsdagochtend zit Siem Eggers vanaf halfzes 's morgens met een jenever op zijn vaste stek aan een tafel bij het raam. Vanuit café de Bonte Koe houdt hij zijn geiten in de gaten. 'Dit is onze vaste tafel', zegt Eggers. 'Zit er een vreemde aan, schoppen we hem weg.' Sjaak Koolen - platte pet, groene overall en een stok - knikt bevestigend en neemt nog een slok. De gietijzeren kachel loeit, aan de wanden hangen metershoge oude schilderijen van de Zaanse Schans, Edam en Hoorn. Steeds weer schuiven handelaren en boeren bij de twee heren aan om een geit of konijn te kopen. 'Meestal heb ik alles al verkocht, voordat ik de Bonte Koe binnenkom', zegt Sjaak. 'Ik kan hier dus in alle rust genieten van mijn jonkie.'

Vanuit de Bonte Koe zijn de geiten, kippen en konijnen duidelijk te zien. Geiten, koeien en schapen hebben allemaal een vaste eigen plek op de markt en de handelaren hebben hun eigen café.

'Hé, Hassan! Ik heb nog een paar fraaie geiten staan!', roept Siem. Hassan is een kleine, brede man met een gebreide muts, en volgens Siem een 'gouwe Turk'. 'Kom erbij! Ans, een chocomelletje voor onze vriend.' Hassan is al twintig jaar vaste klant op de veemarkt en eigenaar van een slagerij in Hoorn. 'Ik wil kwaliteit', zegt Hassan. 'Daarom koop ik zelf in. Het is hier tussen de boeren bovendien erg gezellig. Vroeger niet. Toen moesten ze hier nog aan Turken wennen.' Hassan heeft bij Siem drie geiten gekocht en betaalt contant. Siem stopt de honderdjes in zijn beurs die met een stevige ketting aan zijn broekriem hangt. Een jonge, malse geit levert zo'n tachtig gulden op, maar een oude amper vijfendertig. Die zijn volgens Siem dan ook niet te vreten. 'Zo'n vijftien jaar geleden verkocht ik elke dinsdag ruim tweehonderd geiten', zegt hij. 'Nu enkele tientallen. Het is een aflopende zaak.'

Serveerster Ans begroet een heer in een overall waaronder een blauw kostuum zichtbaar is. 'Ha Pommetje!' Veehandelaar Van Pommeren (69) uit Ede is vaste klant bij de Bonte Koe. Hij slaapt al 22 jaar elke maandagnacht in de woonkamer achter het café om op dinsdagochtend als een van de eersten op de markt te staan. 'Ik doe in nuchtere kalveren van een week oud. Ik koop ze in en verkoop ze ter plekke weer door.' Van Pommeren slurpt voorzichtig aan zijn hete koffie. De Bonte Koe is het gezelligste café aan de markt. Na een paar minuten vertrekt hij naar het 'koeiencafé' Bakker om de betalingen in ontvangst te nemen.

Ook Sjaak Coolen wil weg. 'Ans, nog een laatste!', roept hij. Dinsdag is zijn boerenzondag. Vroeger werkte hij zeven dagen per week. De marktdag was voor de boeren de rustdag. Dan konden ze met zijn allen aan de borrel. De Bonte Koe was toen ook alleen op die dag open. 'Maar daar kunnen we nu niet meer op draaien', zegt Ans. 'De rest van de week loopt de tap hier voor de jeugd.'

DE POLITICI

Café Jansen

Nieuwe Rijn 21

Leiden

maandag 24.00 uur

'Café Jansen is de wandelgang van het Leidse stadhuis. Hier ontmoeten de wethouders, raadsleden, fractievoorzitters en voorzitters van commissies elkaar in een informele atmosfeer', zegt Dirk van den Bosch, fractievoorzitter van GroenLinks. Na de raadsvergadering druppelen de eerste politici iets na elven binnen: VVD'ers, PvdA'ers, GroenLinks en D66. Het zijn de partijen die ook in het college vertegenwoordigd zijn. Lobbyisten wachten hen op. 'Nog even een zaakje proberen bij te sturen', zegt een van hen. Van den Bosch (24), getooid met wenkbrauwpiercing, heeft nog bij Jansen achter de bar gestaan. 'Net als de voormalig voorzitster van GroenLinks en ex-kraakster Stella ter Harmsel', zegt Klaas, eigenaar van Café Jansen. 'Stella heeft ooit de basis gelegd, zodat Jansen kon uitgroeien tot een politiek café.'

Maandagavond is voor Liesbeth Hesselink, vice-fractievoorzitter van de PvdA, vaste prik. 'Zaken die we in de PvdA-fractie hebben besproken, kun je hier makkelijk aftasten', vertelt ze. 'In het stadhuis moet je toch die marmeren gang over om bij een andere fractie te komen. Dat valt op.'

Volgens Alexander Pechtold, wethouder Milieu, Sport, Cultuur en Grotestedenbeleid voor D66, was in de vorige collegeperiode café Jansen het bolwerk van de PvdA en GroenLinks. 'Sinds we met vier partijen een college vormen, komen we hier voorbereiden en napraten. Soms hebben we knallende ruzies. Dan heb je elkaar politiek gezien volledig afgemaakt. Het is dan verstandig om nog eens in een informele sfeer na te praten waar de verschillen zitten.' Pechtold wordt deze avond door medewerkers van het Leidse Vrijetijdscentrum herhaaldelijk aangesproken op de beleidsnota Muziek. 'Een prima vorm van inspraak', meent hij. 'In een prettige sfeer. Bovendien kan ik hier meer zeggen dan met een microfoon voor mijn mond. Deals afsluiten doen we hier niet. Het is meer dat we hier een basis van vertrouwen leggen.

Op de vide, schuin boven de bar, is een groepje mannen druk in overleg met Jan Laurier (GroenLinks), wethouder Werk, Sociale Zaken en Wijkbeheer. Het zijn medewerkers van de Leidse Welzijnsorganisatie. 'Leiden Noord. Slopen? Renovatie?' Ook hier aftastende gesprekken. Cees Walle, opbouwwerker bijzondere projecten, komt hier regelmatig. 'Café Jansen is belangrijk voor me. Ik geef en krijg hier informatie.' Als er collegecrisis is, wordt er volgens kroegbaas Klaas zenuwachtig heen en weer geschuifeld, ook door de pers. Wethouder Jan Laurier vertelt over een wethouderscrisis die dreigde uit te monden in een collegecrisis. 'Er was zelfs sprake van een scheuring in de CDA-fractie. Het was een afbrokkelend proces. Hier in café Jansen konden de partijen elkaar vertrouwelijk ontmoeten.' Het CDA werd ingewisseld voor de VVD. Melanie Schultz van Haegen-Maas Geesteranus, de fractievoorzitter van de VVD, was 29 jaar toen ze de CDA-wethouder Huib Kruijt verving. Ze kreeg onder meer Economische Zaken en Grondzaken in haar portefeuille. 'De VVD zat al tien jaar in de oppositie', vertelt ze. 'Toen we gevraagd werden voor het college, hebben we die kans niet voorbij laten gaan.' Ook de VVD heeft café Jansen ontdekt als dependance van het gemeentehuis. 'Maar de echte gesprekken voer ik op een rustiger locatie.'

DE TRUCKERS

Café-restaurant Kanters

Steenweg 2

Moerdijk

woensdag 19.30 uur

De parkeerplaats staat vol tankwagens en trucks uit Nederland, België, Polen, Turkije en Duitsland. De bar is deze donderdagavond nog leeg, alle chauf- feurs zitten in het eetcafé. Een oudere man stelt zich voor aan een collega als Herman Steltenpoot uit Wijdenes. 'Ga gerust zitten', antwoordt Alphons de Schepper uit Zeeland. De heren bestellen de dagschotel: bloemkool, aardappelen, gehakt en een glas rode wijn. 'Ik rij in één keer naar een bestemming', vertelt Steltenpoot, 'en ik stap pas uit als ik moet lossen.' Hij maakt zo'n drie à vier ritten per dag en vanmorgen was hij al om vijf uur aan het werk.

Intussen maakt eigenaar John Kanters een rondje over zijn parkeerplaats. 'Voor de Oost-Europeanen is Nederland verschrikkelijk duur', zegt hij. 'Die jongens koken hun eigen potje buiten voor de vrachtwagen, ook al is het steenkoud. Ik vraag ze altijd of ze wat komen eten of drinken in de zaak. Zo niet, dan verwijs ik ze door naar het industrieterrein Moerdijk.'

Ondertussen biedt Herman (links) Alphons (rechts) een shaggie aan. 'Nee, dank je, ik rijd chemische stoffen. Als je dan een peuk buitenboord gooit, krijg je in Duitsland geheid een bekeuring.' Alphons maakt zo'n 2.500 kilometer per week. Heerlijk vindt hij het. 'Toen ik vijf jaar oud was, ben ik in een vrachtwagen gekropen. Ik draaide het sleuteltje in het contact om en de wagen kwam op gang. Het waren mijn eerste meters als chauffeur.'

DE WERKMANNEN

Koffiehuis Kanaalzicht Lammenschansplein 2

Leiden

vrijdag 06.00 uur

'Ik sta iedere dag boven de kuip', zegt Kees Montagne. 'Al zo'n 36 jaar. Ik stukadoor plafonds of muren. Maar je gaat dit werk op den duur wel voelen.' Vooral het linkerdeel van zijn lichaam doet zeer. Voordat Kees aan de slag gaat, drinkt hij eerst een bakje koffie in Koffiehuis Kanaalzicht. Vanochtend zit de houten keet vol met stratenmakers, glazeniers en stukadoors. 'Hier komt het gewone werkvolk', zegt de jong ogende eigenaar Eus Beukenboom. 'Ze melden zich om 's ochtends vijf uur al aan.' Frans Bakker, de opzichter van de stratenmakers, zit met een ploegje collega's aan tafel. Per dag leggen ze zo'n tachtig tot honderd meter straat. Leiden is een echte stratenmakersstad. Volgens Frans is er 'hartstikke veel werk in deze business'. Maar er zijn geen leerlingen meer. Jongeren vinden dit werk blijkbaar te zwaar. Volgens stratenmaker Hans heeft de jeugd daar gelijk in. Hij kent er maar één die de 65 jaar heeft gehaald.

'Elvis! Leidse Elvis!', brullen de mannen als Gijs binnenkomt. Hij heeft zijn haar in het vet zitten. Vandaar die bijnaam. Gijs zit in de opslag van rioolpompen. 'Elke ochtend om zes uur zit ik hier aan de koffie', zegt hij. 'Het is mijn lopie.' Voor timmerman Jan geldt hetzelfde ritueel. 'Het is ons biologische ritme. Als je in je bed blijft liggen, is je hele dag naar de klote. Dat zie je aan die studenten. Die komen pas om half één hun nest uit.' Na een kop koffie staat Gijs op. 'Dag boppert!', roept hij tegen Kees. 'Ik ga er tegenaan!'

DE ANIMEERMEISJES

La Cave

Scheepstimmermanlaan 23 Rotterdam

vrijdag 22.00 uur

Eigenaresse Corry Du Moulin van animeerbar La Cave zit aan het einde van de bar friet te eten uit een plastic bakje. Tussen de Ecuadoriaanse Mara en Elena uit Letland zit een man in blauw pak genesteld. Hij bestelt herhaaldelijk 'piccolootjes' voor de dames. 'Die komt vast een zakelijke deal vieren', fluistert Corry. De twee meisjes zijn zichtbaar gelukkig. Elk piccolootje levert hun een fooi van zeven gulden vijftig op. De Ghanees Johnie Boy komt elke vrijdagavond naar La Cave. 'Ik ben vrijgezel en kom hier niet voor de mooie woorden', zegt hij. 'Maar die vrouwen willen maar één ding: je leeg halen.' Mara in haar goudkleurige jurkje komt naast hem zitten. Ze masseert zijn handen, rug en flanken. Johnie Boy glundert. Na een innige kus bestelt hij een cocktail voor Mara. Ze verdient er een rijksdaalder mee. 'Ik schenk er Spa blauw in met een paar druppels wodka', zegt Corry.

Vroeger hadden de meisjes vooral een sociale functie, vertelt Vesna uit Kroatië. Maar met de komst van de Thaise meisjes is dat veranderd. Ze kennen de taal niet en wilden toch contact maken. Dus gaan ze masseren. Maar haar hebben de mannen nooit aangeraakt en dat wil ze zo houden.

Ondertussen houdt Corry zich bezig met mannen die worden geteisterd door echtscheidingen, schulden en ziekten. Hooggehakt, kortgerokt en met een fraai blond kapsel praat ze al haar gasten moed in. 'Mijn moeder zei onlangs: wie had dat ooit gedacht, Cor? Je was vroeger zo verlegen!'

DE TAXICHAUFFEURS

't Daklicht

Geldersekade 111

Amsterdam

vrijdag 10.30 uur

Stompie, de snorder, staat aan de gokautomaat. Bertus van taxi 172 zit in zijn hoekje aan de bar. 'Natasja, doe me nog een bakkie!', roept hij. 'En lieve schat, mag ik een zoetje? Ik moet tegenwoordig op mijn figuur letten. Geef me nog maar een broodje ham. Néé, niet díé ham! Dat is schouderham. Ik wil achterham!' Natasja is net in dienst en wordt zenuwachtig van al die aanwijzingen. Frank van de 807 komt met veel kabaal binnenvallen. Hij zit al vanaf half zes 's ochtends op de wagen. 'Wat een klotedag! Geen moer te doen.' Ook Bart schuift aan. 'Zes maanden geleden was ik nog bakker. Via vrienden ben ik in de taxibranche gerold. Nu heb ik veel meer vrijheid. Als ik genoeg heb verdiend, ga ik lekker hier zitten.'

'Het lijkt een vrij beroep, maar je moet wel twaalf uur draaien, voordat je je geld hebt verdiend', zegt Rob van de 299. Sinds de gemeente de telefoonpalen heeft weggehaald, zijn er minder klanten. Meer uren maken kan volgens Frank niet. 'Na een bepaalde tijd moet je de wagen uit', zegt hij. 'Anders stoot je je eigen collega's het brood uit de mond.' Joop Hagendoorn van taxi 131 knikt instemmend. 'Vroeger waren we collega's. Nu zijn we rivalen. De financiële druk is te groot.' Ze hebben allemaal twee ton schuld van een taxivergunning die niets meer waard is. Joop Hagendoorn is somber. 'Omdat die vergunning nu eigenlijk waardeloos is, pikken ze eigenlijk mijn pensioen af. Ik zal wel tot mijn 65ste moeten blijven doorrijden. Als ik het haal.'

DE ADVOCATEN

Grandcafé Loos

Westplein 1

Rotterdam

vrijdag 18.00 uur

'Frits! Wat doe jij hier zonder stropdas! Wat? Heb je een date? Met wie? Met Thecla? Die heeft toch ook in Utrecht gestudeerd?' Advocaat Frits dacht anoniem een borrel te kunnen drinken in het statige Rotterdamse Scheepvaartkwartier maar hij wordt omgeven door jonge confrères. De clichés kloppen: ruitjeshemden, grijze pakken, stropdassen en brogues voeren de boventoon. Volgens Roel Slotboom van advocatenkantoor Schaap & Partners valt het met het uiterlijk vertoon nog wel mee. Hier zitten vooral de kleine en middelgrote advocatenkantoren. De grote jongens zitten op het Weena. Slotboom gaat met kantoor regelmatig naar Loos. Koffiedrinken, lunchen en op donderdag of vrijdag borrelen. 'Als advocaat werk je veel alleen op je eigen kamer', zegt hij. 'Dan wil je daarna wel even wat mensen zien. Voor de oudere confrères geldt dat minder. Die zitten liever thuis bij de kinderen of hebben geen zin in dat studentikoze gedoe.' Arjen Heere van Loyens & Loeff vertelt dat de grotere advocatenkantoren tegenwoordig over een in house café beschikken waar op vaste dagen wordt geborreld. Voor de integratie van de eigen medewerkers is dat goed, maar de advocaten van andere kantoren ziet hij daardoor steeds minder. Nurten Bulut, stagiair bij Ploum Lodder Princen, vertelt dat in het nieuwe kantoor aan de Blaak ook zo'n bar zit. 'Elke donderdagavond wordt daar gedronken', zegt hij. 'Bij de meeste kantoren bungelen stagiairs en secretaresses ergens onderaan de hiërarchische ladder, maar bij ons niet. De oudste partner bij PLP is 39 jaar. Dat zorgt toch voor een lossere sfeer. Vrijdagavond gaan we bijvoorbeeld wel eens stappen. Met advocaten van andere kantoren heb ik weinig contact.' Volgens Robert Grandia van Lindenbergh Advocaten leer je ook veel advocaten kennen op de verplichte beroepsopleiding. 'Je hebt daar 45 dagen met elkaar lief en leed gedeeld. Als je dan iemand van de opleiding toevallig tegenkomt, bespreek je alles. De eerste jaren zijn echt een kwestie van overleven. Dan is het prettig om met leeftijdgenoten ervaringen uit te wisselen. Dat doe je niet met oudere maten, daar is de afstand vaak te groot voor.' Hun gesprekken beginnen vaak met de grote verhalen: een zaak gewonnen van 13 miljoen. Maar na een paar glazen vertrouwen ze elkaar toe hoe het was om voor het eerst met een cliënt naar de rechtbank te gaan, alleen, zonder begeleiding en met knikkende knieën. Eline Sandberg is onlangs opgestapt bij Sandberg Advocaten dat door haar vader is afgesplitst van Schaap. De verhoudingen zijn nog altijd enigszins gespannen. 'Het blijft een gevoelig punt', beaamt Roel Slotboom van Schaap & Partners. 'Zelfs als jonkie heb ik nog te maken gehad met die historische gevoeligheden.'

In de kroeg mengen de kantoren nog steeds niet. Maar volgens Edwin Sandberg, de broer van Eline die sinds kort bij het kantoor van zijn vader werkt, wordt het vanzelf beter. 'Mijn vader heeft zijn afscheid inmiddels aangekondigd. Dit had een grote uittocht tot gevolg. Van de 23 advocaten zijn er nu nog vijf over.' Een man in een zwierig zwart pak stapt met een stralende lach op Arjen Heere af. 'Een cliënt', zegt Arjen. 'Ik wil van haar af!', zegt de man in het zwart net iets te hard. 'Kan ik haar niet op staande voet ontslaan?' 'Heerlijk vak', zegt Arjen. Dan richt hij zich tot Frits en zijn date. 'Hoe staat het met jullie? Jullie gaan eten in La Stanza? Wordt het toch nog romantisch!'

DE ZEELUI

Zeemanshuis

Willemskade 13

Rotterdam

dinsdag 10.00 uur

Kapitein Harry zit 's ochtends om elf uur achter een halve liter bier. De zeebonk is chagrijnig. Hij heeft net te horen gekregen dat hij niet meer welkom is op zijn coaster. Behalve als hij met minder salaris genoegen neemt. Harry is Fin van geboorte, in bezit van een Zweeds paspoort, woont in Kameroen en komt regelmatig in het Rotterdamse Zeemanshuis. 'Hier tref je zeelui uit alle windstreken', vertelt hij. 'De kamers kosten hier maar 55 gulden per nacht en de warme hap vijftien.' Hij neemt nog een pint en begint te bellen op zoek naar een nieuwe job. Zeelui zonder vaste werkgever duiken om de paar maanden weer op in het zeemanshuis. De Ghanees Salifou Ousmane komt binnen en groet Harry als een oude bekende. Ook hij wacht op een nieuw schip. 'Het kan een containerschip zijn, een tanker of een cargo', zegt hij. Hij meldt zich aan bij zijn vaste agent op de Veerhaven, een soort uitzendbureau voor zeelieden, en wacht af tot hij kan vertrekken. Maar Salifou kan zich maar enkele dagen in het Zeemanshuis veroorloven. 'Ik verdien 2.000 mark per maand. Dan hakt zo'n overnachting er stevig in. Ik slaap nu bij een vriend. Vandaag of morgen komt mijn nieuwe schip binnenvaren, dan vaar ik negen maanden. Daarna ben ik zes maanden bij mijn gezin in Ghana en vlieg ik weer terug naar Rotterdam. Dit is de grootste haven. Hier vind je altijd werk.'

Met zijn diploma op zak stapte matroos Andrew uit Glasgow drie jaar geleden het Zeemanshuis binnen. 'Ik wilde de oceanen over en verre landen zien', vertelt hij. 'Er is maar één plek in de wereld waar alle grote schepen aanmeren en dat is hier in Rotterdam.' Zijn grootste concurrenten zijn de matrozen uit de Filippijnen die maanden achter elkaar varen en geen sterke vakbond achter zich hebben. Omdat Andrew twaalf keer meer verdient en na 28 werkdagen recht heeft op een ticket naar huis, hebben de meeste uitzendbureaus voorkeur voor Filippino's. 'Hé, Andrew! Zit je nog steeds te wachten op een job?' vraagt de Ghanees Bannerman Wood. Andrew knikt instemmend: 'Al vijf dagen. Het liefst heb ik een baan als paddyofficer. Heb ik een gouden streep extra en leuker werk. Dan sta ik meer op de brug, onderhoud radiocontact en navigeer. Dat is beter dan dekzwabberen.' Bannerman knikt. 'Vorige week was ik nog matroos op een coaster naar Engeland. Wat een hel. Voor mij zijn de beste trips naar de tropen. Maar dat heb je zelf niet in de hand.' Ook Bannerman huurt een kamer bij een vriend. 'Maar ik ga wel elke morgen naar het café. Wachten op de gouden tip. Tankers, coasters, baggerschepen of cruiseschepen, ik ben van alle markten thuis. Maar tankers zijn voor mij het beste. Die zijn veel op de oceaan en dat bespaart geld. Hoef ik het niet uit te geven aan drank en vrouwen. Mijn droom is een kippenboerderij in Ghana. Nog drie jaar- contracten en dan ...'

De Griek Ioannis Lignos is bijna elke avond in het Zeemanshuis te vinden. Hij schaakt of legt een kaartje. Ook met de fruitautomaat onderhoudt hij een innige relatie. Lignos komt er al sinds 1958, het eerste jaar dat hij als matroos in Rotterdam aanmonsterde. 'Ik heb van 1954 tot 1970 op de grote vaart gezeten', vertelt hij. 'De laatste jaren als kapitein van een groot schip.

Ik ben er uitgestapt na een schipbreuk voor de kust van Sicilië. Mijn Nederlandse vrouw was toen in verwachting van onze vierde zoon. Ik wilde geen risico's meer nemen en ben overgestapt naar de binnenvaart.'

'Ioannis, schaken!' wordt er geroepen. Het is zijn grootste hobby, zegt hij. 'Al mijn schaakvrienden weten dat ik hier elke avond te vinden ben. Maar niemand kan van me winnen.' M

Annemarie Sour is freelance journalist.

Carel van Hees is documentaire fotograaf.

    • Annemarie Sour