Warm als een kip

Sommige dingen zijn goed. Mijn zoon van zes, die naast me loopt te zeuren. Dat hij zijn trui uit wil doen. Ik zeg: ,,Hou nou maar aan want je hebt net gezwommen, en het waait, morgen ben je ziek.'' Aanhouden, bezweer ik hem.

Maar jongens van zes willen niet opgeven. ,,Ik sta helemaal te zweten'', zegt hij.

,,Hou aan'', zeg ik.

Nou begint hij echt te zeuren, de huiltoon gaat aan. ,,Ik kan niet meer'', zegt hij en hij begint langzamer te lopen.

,,Zeur niet, man'', zeg ik. ,,Je wordt ziek als je in je blootje gaat lopen. Je was gisteren ook al aan het snotteren.''

En hoewel ik bij het woord snotteren in de verte mijn moeder weer hoor, die mij ook altijd te veel kleren aandeed, ben ik nog lang niet van plan hem gelijk te geven. Nurks loopt hij vier meter achter me aan te slenteren, en dan begint hij weer.

,,Ik kan niet meer'', huilt hij nu bijna.

,,Zeur niet'', is mijn machtige repliek.

Hij gooit het nu op de vertragingsoorlog, stilstaan en langzaam meters pakken, meters achteruit, wel te verstaan.

,,Peter?!'' Kwaad, met vraag- en uitroepteken, dat er straf zit aan te komen, probeer ik.

,,Pap, ik kan echt niet meer'', zegt hij en hij gaat zitten. Gaan zitten maakt me echt kwaad, en dat weet hij. Moet ik tot drie gaan tellen? Het `tot drie en dan ben je hier'? Ik ben in een goeie bui en geef hem nog één kans. ,,Wat is er dan'', vraag ik nog maar eens.

Opeens zie ik, nu pas, dat hij gewoon moe is, moe van het zwemmen, en dat hij niet meer wil lopen. Ik herinner me dat, moe van het zwemmen, te warme kleren, en geen zin meer om te lopen. Geen doorzetter, een beetje een zeurpiet, handig in het onderhandelen, en op zijn manier toch weer wel een doorzetter. Tjonge jonge, wat lijkt die jongen op zijn vader, ook dat nog. ,,Wat is er dan'', vraag ik voor de derde keer. ,,Moet ik je trui dan uitdoen'', vraag ik.

,,Jahaha'', huilt hij nu voluit, de overwinning nabij.

,,Maar waarom dan? Het is toch koud?'' zeur ik nog door.

,,Naaaiiii'', gilt hij met de thuishaven in zicht.

,,Heb je het echt zo warm dan'', vraag ik, laatste poging. Omdat hij weet dat hij eigenlijk al gewonnen heeft tilt hij zijn armen vast omhoog, ik hoef alleen nog maar aan zijn mouwen te trekken, bedoelt hij.

,,Hoe warm heb je het dan'', vraag ik, terwijl ik aan zijn mouwen trek

,,Als een kip'', zegt hij met veel nadruk op kip.

Doorzetter met veel gevoel voor drama en geweldige woordkeus, denk ik trots.