VS vrezen terugkeer van sandinist in Nicaragua

De Amerikaanse regering besteedt veel energie en moeite om te voorkomen dat de oude sandinist Daniel Ortega zondag de verkiezingen in Nicaragua wint. Hij zou banden hebben met beschermers van het terrorisme.

,,Daniel Ortega is een vijand van alles waar de Verenigde Staten voor staan'', schreef gouverneur Jeb Bush, de broer van de president vorige week in een open brief aan de Nicaraguanen. ,,En hij is een vriend van onze vijanden.''

De Amerikanen doen er opmerkelijk veel aan hun oude sandinistische vijand uit de tijd van de Koude Oorlog het imago van `terroristenvriend' op te plakken. ,,Hij heeft banden met de beschermers van het terrorisme'', stelde het ministerie van Buitenlandse Zaken in een officieel rapport, waarin de regering-Bush haar `serieuze reserves' uitspreekt over de mogelijkheid dat de sandinist via de verkiezingen van zondag opnieuw aan de macht komt. De ambassadeur van de VS in Nicaragua, Oliver Garza, herinnert aan de sandinistische nationalisaties tussen 1979 en 1980. ,,Hij moet teruggeven wat hij gestolen heeft'', zei de ambassadeur die openlijk de campagne steunt van Ortega's opponent, de rechtse ondernemer en vice-president Enrique Bolaños.

,,Als Bin Laden mocht stemmen zou hij Ortega kiezen'', is nu een van de slogans van Bolaños' campagne. De liberale partij van president Alemán nam het Amerikaanse voorbeeld over in haar poging haar 73-jarige kandidaat de nek-aan-nekrace met het oude idool van de sandinistische revolutie te laten winnen. In spotjes en advertenties wordt een zwaar bewapende Bin Laden getoond als aanhanger van Ortega. ,,Zeg nee tegen de terroristen'', spoorde president Alemán zijn landgenoten aan.

Zachtroze overhemden, een onschuldig snorretje en etherisch starende ogen. Omgekeerd is dat het beeld waarmee Ortega zijn kiezers probeert te verleiden. Meer een hippie, dan de stoere commandante die in 1979 met zijn bomvrije brillenglazen de hoofdstad Managua binnentrok om dictator Somoza te verdrijven. ,,Om het land op te bouwen moet je hart vol liefde zijn'', hield Ortega zijn achterban deze week nog voor. De man die eens gedwongen collectieve landbouw en perscensuur doorvoerde, predikt nu leningen voor kleine boertjes, en ,,absolute vrijheid voor alle Nicaraguanen, ook al zijn het onze tegenstanders''.

,,Ik ben veranderd'', meent Ortega. ,,De wereld van toen is niet meer die van nu.'' `Toen' voerde zijn linkse bewind een burgeroorlog tegen de door de Amerikanen gefinancierde Contras. Meer dan 30.000 Nicaraguanen kwamen daarbij om. De Amerikanen stelden onder president Reagan een handelsembargo in tegen het marxistische bewind. Dit, gecombineerd met de roof- en zwendelpraktijken van de sandinistische commandantes, stortte het land in economisch opzicht in de afgrond.

Onder druk van de Amerikanen, de uitputtende burgeroorlog en de tanende steun van Cuba en de Sovjet-Unie stemde Ortega in 1980 in met vrije verkiezingen. Hij verloor. Zes jaar werd het land bestuurd door de gerespecteerde krantendochter Violetta Chamorro. In 1996 werd zij opgevolgd door de 135 kilo zware ex-burgemeester van Manuagua, Arnoldo Alemán. ,,Als het misgaat kunnen we hem nog altijd opeten'', was toen de grap van de kiezers. Want ze hadden hem liever hadden dan de marxist Ortega die inmiddels ook verwikkeld was geraakt in een schandaal rond het seksueel misbruiken van zijn stiefdochter.

En het ging mis. De orkaan Mitch, de inzakkende koffiemarkt en droogtes ruïneerden het land opnieuw. Het `nu' van Nicaragua betekent: 70 procent van de bevolking onder de armoedegrens, steden vol bedelaars en een volgens het VN-kinderfonds UNICEF `rampzalig' aantal hongerende kinderen op het platteland.

Intussen werd Alemán steeds dikker. Hij zette de deur open voor buitenlandse investeerders, en liet hen glanzende winkelcentra en hotels bouwen, waarbij hij zelf `percentages' opstreek. Hij stak zijn hand in de staatsruif om een nieuw presidentieel paleis te bouwen met zingende fontijnen en een helihaven voor zijn eigen huis. Toen Agustín Jarguín, het onafhankelijke hoofd van de rekenkamer daar iets van zei, werd hij door Alemán gevangen gezet.

Nu is dezelfde Jarquín kandidaat voor het vice-presidentschap met Ortega. De afgelopen weken voerde hij besprekingen met de zoon van ex-dictator Somoza voor een `nationale verzoening'. Ook de Contras, de voormalige doodsvijanden van de sandinisten, vormen onderdeel van de coalitie van Ortega. In plaats van het aloude `CIA-huurlingen' noemt Ortega ze nu `verzetsbroeders'.

Toch blijft Amerika hameren op het gevaar van een mogelijke verkiezing van Ortega. ,,Ook het benoemen van personen uit democratische regeringen neemt onze bezorgheid niet weg'', antwoordde de VS-ambassadeur afgelopen donderdag op de benoeming van de liberale schoonzoon van Violetta Chamora als toekomstige minister van Buitenlandse Zaken onder Ortega.

Dat de VS zich zo laten meeslepen door Nicaragua, een landje met 2,5 miljoen kiezers, heeft te maken met het grote aantal Reagan-veteranen uit de tijd van de `vuile oorlogen' in Midden-Amerika in het bestuur van Bush. Zo is de chef voor Latijns Amerika op Buitenlandse Zaken de extreem-rechtse Cubaanse balling Otto Reich – bijgenaamd Otto `Derde' Reich. Hij was ambassadeur onder Reagan en betrokken bij de Iran/Contras-affaire. De ondersecretaris op Defensie is een andere Contras-veteraan. Roger Pardo-Maurer was de `liaisonman' van de Contras in Washington. Samen met nog acht anderen in het Bush-bestuur, onder wie de huidige ambassadeur bij de Verenigde Naties, John Negroponte, waren zij de `hard-liners' onder Reagan. De groep beschuldigde de liberale Republikeinen met hun kritiek op de Amerikaanse steun aan de moordzuchtige regimes in Midden-Amerika ervan het `communisme in de kaart te spelen'.

,,Voor deze mannen is de Koude Oorlog niet passé'', verzuchtte een Latijns Amerika-specialist van de Republikeinen al op 11 juli in de Washington Post, vlak na de benoeming van de Reagan-veteranen. ,,Ik weet niet of ik er om moet lachen of huilen.''

    • Marjon van Royen