Vrouwen

Enige tijd geleden was ik in Groningen. Ik hield er een voordracht ter gelegenheid van het afscheid van een hoogleraar. Goede sfeer, veel aardige mensen ook. Ik kom graag in die stad. Ik heb er gestudeerd en bewaar aan de sfeer van die stad goede herinneringen. Ik bezocht er een vriend met wie ik een nostalgische wandeling maakte langs plaatsen die voor ons vroeger veel hadden betekend, en, zoals dat oude mannen betaamt, we verbaasden ons er afwisselend over hoe veel er was veranderd of hoezeer andere plekken juist weer hetzelfde waren gebleven. Bij die rondgang passeerden we de vitrine van een makelaar. Als Amsterdammer verbaasde ik me over de onwaarschijnlijk lage prijzen van de in Amsterdam onbetaalbare huizen die dateren uit het begin van de negentiende eeuw.

Mijn vriend vertelde van een kennis die docent was bij de Groningse universiteit en hoogleraar kon worden in Amsterdam. Die zag daar uiteindelijk van af toen hij ontdekte dat hij er financieel behoorlijk op achteruit zou gaan, wilde hij althans een beetje gelijkwaardig blijven wonen. Maar andersom, trekken de Amsterdammers natuurlijk massaal naar het hoge Noorden, vroeg ik. Nee dus.

Blijkbaar willen maar weinigen die kant op. Het College van Bestuur van de Groningse universiteit kent zichzelf, zo begreep ik uit de vergelijking van de salarissen van universiteitsbestuurders, zelfs een extra toelage toe bij wijze van smartengeld. Ook vrouwen schijnen een hekel te hebben aan het daar heersende klimaat, en daar hebben die wakkere bestuurders iets op bedacht. Zoals zij zelf de barre klimatologische omstandigheden compenseren met een extra toelage, zo denken de bestuurders met extra geld ook vrouwen te kunnen verleiden in die contreien te gaan werken., aldus een ANP-bericht. ``Niet meer dan een kwart van de hoofddocenten van de faculteit psychologische, pedagogische en sociale wetenschappen is vrouw.'' De geldelijke beloning voor hun komst krijgen die vrouwen overigens niet zelf.: ``De afdeling die een vrouw aanstelt, krijgt een premie die kan oplopen tot een halve ton.'' Daar worden die vrouwen niet beter van, maar wel de bazen van die afdeling en dat zijn voornamelijk mannen.

De Vrije Universiteit in Amsterdam heeft een slimmere manier gevonden om het aantal vrouwelijke hooggeleerden op te vijzelen. Vijf vrouwen die samen één hoogleraarsvacature vervullen. Ieder voor een vijfde. Als die meisjes zich professor mogen noemen zijn ze al lang tevreden en zitten wij voor een dubbeltje op de eerste, vrouwvriendelijke rang, hebben de bestuurders daar blijkbaar bedacht.

Het vrouwenvoorrangsbeleid. Waar een klein land klein in kan zijn. Het tegen elkaar opbieden in politieke correctheid, het onderwijs als speeltuin voor vrouwvriendelijke bestuurders, het heeft het onderwijs veel schade berokkend. Onlangs vertelde mij een vrouwelijke schooldirecteur dat zij in het bedrijfsleven ging werken. Zij koos voor die baan, omdat ze daar het minste last had van de omstandigheid die veel vrouwen hindert in hun loopbaan: namelijk het gegeven dat ze ook de zorg voor de kinderen op zich willen nemen. Dat bedrijf kende namelijk een uitstekende regeling voor kinderopvang. Combineren van werk en kinderen, hoe kunnen we vrouwelijke medewerkers daarin zo veel mogelijk steunen. Daar zou ik die halve tonnen naar toe brengen.

Het kan toch geen toeval zijn dat men in de landen waar de opvang van kinderen uitstekend is geregeld, de behoefte aan voorrangsbeleid voor vrouwen helemaal niet kent.

prick@nrc.nl

    • Leo Prick