Vage plannen van Cathérine David

Uitgejoeld zoals bij de opening van Documenta X in 1997 werd Cathérine David gisteren niet. Maar net als ten tijde van haar directeurschap van de prestigieuze tentoonstelling in Kassel, drukte de Française zich uit in vaagheden bij haar presentatie als nieuwe directeur van het Rotterdamse Centrum voor Hedendaagse Kunst Witte de With. Ze wilde `geen lijstjes met namen' bekend maken, maar liet weten meer te zien in projecten als artist-in-residence-programma's dan in conventionele tentoonstellingen. Ook lezingen en discussies moeten een prominente plaats in het beleid krijgen.

David treedt per 1 januari 2002 aan als derde directeur van Witte de With, na Chris Dercon (1990-1996) en Bartomeu Marí (1996-2002). Met David heeft het kunstcentrum een internationaal zwaargewicht binnengehaald: eerder was ze curator van het Centre Pompidou in Parijs en bij de Galerie Nationale du Jeu de Paume. Internationale bekendheid verwierf David als artistiek leider van Documenta X. Daar baarde zij opzien door de schilderkunst dood te verklaren en vooral werk van fotografen, architecten en filmmakers tentoon te stellen.

Volgens ingewijden zal David veel aandacht gaan besteden aan werk uit het Midden-Oosten. Op de vraag of de kunstwereld er anders uitziet na de aanslagen in New York en of dat zijn weerslag zal hebben op het beleid, antwoordde David ontkennend. ,,Er is niets veranderd'', stelde ze. ,,Oplettende kunstenaars hadden al door dat de wereld aan het veranderen was en toonden dat in hun werk.''