Microsoft treft met Justitie schikking

Microsoft heeft met het Amerikaanse ministerie van Justitie een schikking getroffen voor de overtreding van de mededingingswet, waarbij het softwareconcern nauwelijks veranderingen hoeft door te voeren aan zijn dominante besturingssysteem Windows. De marktmacht van het grootste softwarebedrijf ter wereld blijft daarmee grotendeels intact. Dit verklaren betrokken advocaten tegenover de zakenkranten The Wall Street Journal en Financial Times.

Concurrenten van Microsoft en achttien Amerikaanse staten, die de zaak naast het ministerie van Justitie hebben aangespannen, hebben inmiddels kritisch gereageerd op de ophanden zijnde schikking. Volgens de beoogde overeenkomst tussen Microsoft en het ministerie van Justitie kan de onderneming door blijven gaan met het koppelen van gebruikerssoftware, zoals internetbrowsers en video- en geluidsprogramma's, aan het besturingssysteem Windows. Hierdoor worden concurrende software-ontwikkelaars volgens marktdeskundigen relatief makkelijk buitenspel gezet. De achttien staten kunnen in beroep gaan tegen de schikking zoals die nu op tafel ligt.

Microsoft heeft in de schikking een stap terug moeten doen in de richting van computerbouwers. Fabrikanten als Dell, Compaq, IBM en Hewlett-Packard krijgen het gemakkelijker om software te installeren die niet van Microsoft afkomstig is. Voorheen dwong Microsoft hen daartoe, zo stellen marktvorsers. Ook moet het softwarebedrijf meer informatie verstrekken aan concurrerende software-ondernemingen, zodat zij de ontwikkeling van hun pakketten beter kunnen afstemmen op Windows.

De zaak tegen Microsoft loopt inmiddels drie jaar. Een splitsing van het concern op last van de rechter, lange tijd een serieuze optie, is inmiddels enkele maanden van de baan. Dat heeft volgens kenners te maken met de komst van president Bush, die eerder liet doorschemeren niet veel te zien in het proces tegen Microsoft. Onder Clinton was de opstelling radicaler.