De vrouw achter

Getuigt het van gebrek aan ruggengraat om te zwijgen of om ergens omheen te praten? Dat suggereren Frits Barend en Henk van Dorp altijd als ze het gewenste antwoord niet krijgen. Met succes, want menig notabele bezwijkt onder hun dramtechniek, zodat er weer een nieuwtje op hun conto kan worden bijgeschreven. Ze hanteren niet het floret maar de knots en die zwaait alle kanten uit. Het is een rommelige sfeer, de drie heren praten door elkaar heen, beschuldigen de gast en ook elkaar, schieten plotseling op andere onderwerpen, laten andere gasten aan het woord, laten het orkest spelen en in dat mitrailleurvuur blijft vaak een nieuwsdiamantje hangen.

De gast heeft daar niet altijd baat bij. Soms zal die met spijt de studio verlaten omdat hij zomaar iets heeft losgelaten. Het is voorbij, de journalisten zijn weg, ze hebben hun werk gedaan. Zij gloriëren maar de flapuit-gast voelt zich zwak en gebruikt, want hij moet de door zijn woorden veroorzaakte conflicten oplossen.

Journalisten als Barend en Van Dorp begrijpen dat maar al te goed, want toen ze zelf in Zomergasten werden geïnterviewd door een alerte Adriaan van Dis wilden ze weinig over zichzelf loslaten. Van Dorp deed toen geheimzinnig over zijn speciale band met de koningin maar het fijne kregen we er niet van te horen.

Misschien dat nieuwslezeres Henny Stoel helemaal geen spijt heeft van haar ontboezemingen bij Barend en Van Dorp. Ook haar werd eergisteren voorgehouden dat het toch wel erg goed was om gewoon open en eerlijk te zijn. Maar ja, moet ik ,,de vrouw achter'' de nieuwslezeres wel leren kennen? Dat ze uit piëteit voor haar ouders nooit een abonnement zal nemen op De Telegraaf, dat zij Arafat een terrorist vindt en dat ze zich verzet tegen het gebruik van clusterbommen? En dat zij altijd op een vrouw stemt? Gewone meninkjes die weinig toevoegen. Door het te vertellen geeft ze aan dat het van belang is dat de kijkers het weten, terwijl het juist niet ter zake mag doen.

Nieuwslezen is geen geniale activiteit maar het gebeurt achter het vergrootglas. Zelfs over een keertje verslikken wordt jaren nagepraat. Persoonlijke voorkeuren doen afbreuk aan Stoels gevoelige neutraliteitsstatus, al is die minder strikt dan vroeger. Na Stoels uitspraken begin ik onwillekeurig te letten op bepaalde voorkeuren of zinsbuigingen. Hoe verloopt het volgende kruisgesprek over het Midden-Oosten?

De politieke voorkeuren van televisiemakers zullen wel overeenstemmen met die van andere journalisten. Ik heb peilingen gezien en ik weet het ook uit eigen waarneming: veel Paars, vooral veel PvdA, ook wel klein links, maar weinig CDA. De linkse voorkeur van de meeste journalisten ken ik ook uit Amerika. Goed om te weten, maar ik denk dat ze er zelf het beste maar in stilte mee kunnen worstelen.

Gisteren een Noorderlicht waar ik verlangend naar had uitgezien. Eindelijk zou het slechte wetenschappelijke klimaat in Nederland aan de kaak worden gesteld. Dat lukte niet. Er werden vier technisch natuurkundigen uit Delft gevolgd, zo'n paar jaar na hun promotie of hun afstuderen. Twee hadden aan de Harvard universiteit of aan Fontainebleau doorgestudeerd in bedrijfskunde.

Twee waren bedrijfsconsultant geworden en één had haar wiskundige vaardigheid ingezet voor de Londense beurs als specialist van aandelenderivaten. Dat zegt alles over de torenhoge inkomens van het bedrijfsleven maar weinig over het slechte universitaire klimaat. Het drietal werd geïnterviewd in de tuin van een chateau-achtig hotel in Nice waar de derivatenspecialiste trouwde. Daar kan geen faculteit tegenop.

De enige die de wetenschap in was gegaan, onthaalde zijn gasten op een pak vruchtensap in zijn kamertje bij het Fermi-laboratorium in Chicago. Daar heerst een goed wetenschappelijk klimaat maar toch moet de onderzoeker zich veel ontzeggen. De collega's waren twee Chinezen en wat Russen. Op Amerikanen heeft de zuivere natuurwetenschap dus evenmin aantrekkingskracht. Een betere vraag is waarom er zo weinig studenten zijn. Noorderlicht bracht een mooie film met veel persoonlijke loopbaandetails maar ik zag te weinig oorzaken van de crisis in de wetenschap.

    • Maarten Huygen