Arbeid en kapitaal betreden boksring

Stijgende loonkosten en een stagnerende productiviteit dreigen een einde te maken aan het economische wonder in Nederland. Arbeid en kapitaal staan lijnrecht tegenover elkaar.

Ze komen per envelop, en de economie dreigt er ziek van te worden: de loonstrookjes. De loonvorming komt, na de nieuwe ramingen over de economie die het Centraal Planbureau gisteren heeft gepubliceerd, naar boven als de meest precaire kwestie voor de economie in de komende jaren. Niet de raming dat de economie dit en volgend jaar met 1,5 procent groeit is verrassend; dat hadden de meeste andere volgers van de Nederlandse economie, zoals de OESO, het IMF, De Nederlandsche Bank en de banksector, al eerder verteld.

De analyse achter het CPB-rapport is interessanter, en verontrustender. De al sterk gestegen lonen, waarvan het CPB verwacht dat ze dit jaar, gerekend als loonsom per werknemer, met 4,75 stijgen en volgend jaar met 4 procent, gaan gepaard met een verslechterde arbeidsproductiviteit. Dit jaar daalt de productiviteit zelfs met 0,75 procent, en volgend jaar stijgt hij 1 procent. Eenzelfde desastreuze tendens geldt voor de nettowinstquote van bedrijven; die daalde in deze kabinetsperiode van 11,6 naar onder de 6. Die ontwikkeling is gangbaar in een conjunctureel dal: de productie loopt al terug, terwijl het schrappen van arbeidsplaatsen trager verloopt. Het CPB stelt echter vast dat ditmaal werkgevers extra terughoudend zijn om mensen te ontslaan, omdat ze die net in de krappe arbeidsmarkt met moeite hebben aangenomen. Dat geeft de productiviteit een extra duw naar beneden.

Opgeteld betekent dit dat de loonkosten per eenheid product extra hard toenemen. En de uitgangspositie was toch al niet al te best. Het jongste price and cost competitiveness-rapport van de Europese Commissie spreekt boekdelen. In de afgelopen twee jaar is de Nederlandse werknemer in snel tempo vier procent duurder geworden dan het Europese gemiddelde. Alleen Ierland en Portugal verloren sneller aan concurrentiekracht.

Het uit de hand lopen van de loonkosten bij een stagnerende economie, heeft tot gevolg dat het aandeel van de lonen in het nationaal inkomen, de zogenoemde arbeidsinkomensquote (aiq), snel oploopt. Het CPB voorziet een aiq voor volgend jaar van 85,25. Dat is het hoogste cijfer sinds een kortstondige piek in 1993, en doet denken aan begin jaren tachtig. Toen werd het hoge aandeel van lonen, en het navenant lage aandeel van winsten, geschaard onder de symptomen van wat destijds in het buitenland de Dutch Disease werd genoemd.

De onrust bij de werkgevers over de verslechterde positie neemt in rap tempo toe. Werkgeversvereniging VNO-NCW verwacht dat ,,de tikkende bom'' inmiddels op exploderen staat. ,,Er zal een enorme shake-out plaatsvinden, vooral in de industrie.'' Een vuistregel is dat iedere punt verslechtering (verhoging) van de arbeidsinkomensquote een verlies van 50.000 banen oplevert. ,,Deze kabinetsperiode is de aiq met 4,5 punt gestegen, dat kost je dus 225.000 banen als er niets gebeurt'', aldus Klaver van VNO-NCW.

Het onderkennen van het probleem is één, een oplossing vinden is echter wat anders. De vakbonden zijn allerminst van plan hun looneis naar beneden bij te stellen, zo liet FNV-voorzitter De Waal gisteren weten. Toch zit in het afzien van een looneis een van de meest effectieve remedies tegen de Dutch Disease. Minister Zalm (Financiën) was er kort over: ,,Als er nu niet iets aan de lonen gebeurt, hebben werknemers over een tijdje een groter probleem. Dan vallen er ontslagen.''

De vraag is echter hoe redelijk het is om slechts flexibiliteit te verwachten van de werknemers. Een andere oplossing is dat de overheid met een forse zak geld de lasten voor werkgevers drastisch naar beneden brengt. Dat kan in de vorm van een verlaging van de winstbelasting, of in een verlaging van de werkgeversbijdragen aan de sociale fondsen, die toch al met overschotten kampen. Daar voelt het rijk echter weinig voor, zo bleek ook gisteren weer. ,,We geven volgend jaar al 3 miljard aan lastenverlichting, dat moet genoeg zijn, meer zit er niet in'', zei Zalm.

Een laatste oplossing kan van werkgevers en werknemers samen zijn. De vakbonden zouden akkoord kunnen gaan met een bevriezing van de lonen, mits de werkgevers bereid zijn in slechtere economische tijden geen mensen te ontslaan. Voor een typisch polderprobleem als de Dutch Disease is een typische polderoplossing wellicht het beste medicijn.

    • Egbert Kalse
    • Maarten Schinkel