Mijn kist

Weet u of ze voor u al een necrologie aan het schrijven zijn? Als u een bekende Nederlander bent en boven de 60 is er een goede kans dat er ergens al een ligt. Maar liever vermijd ik dat N-woord, het lijkt me te veel op `necrofilie' en heeft daarom iets naargeestigs. Het Engelse `obituary' heeft dat veel minder.

Aanleiding voor deze overpeinzing is een stukje in de International Herald Tribune onder de opvallende titel Looking the Grim Reaper (Obit Writer) in the Face. Het gaat over de vraag: wie krijgt de kans zijn obituary te corrigeren? Die kans blijkt erg klein te zijn.

Maar de meeste mensen krijgen geen obituary, laat staan de kans hem te corrigeren. Wat je wel zelf in de hand hebt, is je laatste verpakking. Ik heb een vorm van kanker waar de dokter al een jaar of tien de rem op zet, maar tot stilstand brengen kan hij niet. Dat brengt mij tot een zekere familiariteit met het naderend einde. Onlangs besloot ik mijn eigen kist te timmeren.

Die massaal geproduceerde, gefineerde kisten met namaak barokke handvaten zijn nogal erg. Toch zou de lijkbezorger die waarschijnlijk met een zekere vanzelfsprekendheid aan mijn dierbare verwanten willen slijten. Daarom tekende ik een eigen model, persoonlijk, origineel, eenvoudig. Als materiaal koos ik sloophout hetgeen me de juiste keuze leek voor iets dat, laten we zeggen, twee dagen functioneert en op de derde dag verbrand wordt.

Het voeteneind heeft de vorm van een kelk en daarop staat een puntdicht, waarbij vergeleken het bekende `Hiet ligt Poot, hij is dood' wijdlopig is. Wegens de kelkvorm vertonen de zijkanten een lichte welving, die alleen te bereiken is als je smalle latten gebruikt. Het is het principe van de Bergummermeer 16 kwadraat, zoals iedere oudere zeiler weet, maar dan hol, niet bol. De latten zijn gelijmd én gespijkerd zoals de BM-uitvinder, kapper Bulthuis, al deed. Het is immers praktisch onmogelijk op een gewelfd oppervlak lijmklemmen te zetten. Op de zijkanten staat een schildering die te maken heeft met de muziek die gespeeld zal worden. Met veel voldoening schreef ik een gebruiksaanwijzing voor de hulpvaardige lieden die mij er voor de tweede maal in moeten leggen.

Hoezo voor de tweede maal? Wel, ik ben er al een keer in gaan liggen – alleen voor de maat – en dat was een navrante ervaring. Mijn enige vrees is, dat de professionele lijkbezorgers hem afkeuren, omdat hij onvoldoende luchtdicht is. Er is hier en daar wel een kiertje te ontdekken. Dat zou teleurstellend zijn voor de belangstellenden, behalve voor mij.

    • Lucas van der Willigen