Hoe zit het met zwart geld?

De invoering van de euro is niet bedoeld als zuiveringsoperatie voor zwart geld. Dit zou niet alleen funest zijn voor het draagvlak van de euro, het zou de economie bovendien al te zeer ontwrichten. Niemand haalt het dan ook in zijn hoofd om de voor sommige Europese landen vitale informele economie overhoop te halen tijdens een toch al zo ingrijpende operatie als de invoering van een Europese eenheidsmunt.

Gaat u allen rustig slapen dus, want wie zwarte guldens heeft kan die gewoon ruilen voor zwarte euro's. Waakzaamheid is echter wel geboden, want de wet Melding Ongebruikelijke Transacties (MOT) blijft onverminderd van kracht. De MOT verplicht banken en wisselkantoren transacties met contant geld van 25.000 gulden of meer te melden bij justitie. Of banken dat in de turbulente overgangsperiode ook altijd zullen doen is de vraag – ze steken waarschijnlijk liever energie in het zo snel mogelijk wegwerken van de lange rijen voor het loket – maar wie meer dan 25.000 gulden zwart geld wenst te wisselen zonder de fiscus te alarmeren doet er verstandig aan zijn biljetten in kleinere porties bij verschillende banken aan te bieden.

Voor iedereen die zijn reserves graag in briefjes van duizend in een kluisje bewaart is het biljet van 500 euro (1.100 gulden) in het leven geroepen. Bij de keuze voor de grootte van de coupures heeft het voorstel geen biljetten groter dan 100 euro in te voeren – om zo het bewaren van veel contant zwart geld te bemoeilijken – het niet gehaald. De Europese Centrale Bank heeft ervoor gezorgd dat er genoeg biljetten van 500 euro worden gedrukt om aan de vraag te voldoen, ook al gaat zij ervan uit dat de briefjes, net als de duizendjes, een bescheiden rol in het betalingsverkeer zullen vervullen.