Angst en weemoed bij afscheid gulden

Nederlandsers hebben de neiging hun nationale symbolen te relativeren. Maar het verdwijnen van de gulden leidt bij velen wel tot weemoed.

Vaarwel Gulden heet het boek. ,,Dit geschenkboek is een laatste ode aan onze vertrouwde gulden, onze bankbiljetten en ons muntenstelsel'', luidt het melancholiek in de inleiding van het naslagwerk. In het voorwoord vertelt A. Wellink, president van De Nederlandsche Bank, over de vele brieven, telefoontjes en e-mailtjes die hij heeft gekregen naar aanleiding van het verdwijnen van de gulden. Er zijn meer gedenkboeken. En de Nederlandse Munt sloeg op de valreep nog een speciale ultralichte gedenkgulden, met een kindertekeningetje erop, en we kunnen ook, voor veel geld, gouden en zilveren gedenkguldens bestellen.

Vanwaar die nostalgie? Normaal gesproken zijn we er toch van overtuigd dat geld het slijk der aarde is, of in elk geval iets dat niet gelukkig maakt?

Dat mag zo zijn, maar de munteenheid van het eigen land maakt nu eenmaal deel uit van de eigen identiteit. ,,De munt is een van de klassieke symbolen van nationaliteit'', zegt Jan-Pieter van Oudenhoven, als sociaal-psycholoog verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen. ,,Taal is er ook een, en postzegels, en de nationale vlag. Je ziet dat elk land dat ontstaat meteen beslissingen neemt over die zaken.''

Nederlanders hebben in het algemeen een wat relativerende houding tegenover nationale symbolen, meent Van Oudenhoven. ,,Fanatiek zijn we vooral als het om voetbal gaat.'' Toch is de nationale munt wel iets speciaals. In een van zijn onderzoeken vroeg Van Oudenhoven een aantal Nederlandse, Franse, Duitse en Belgische studenten naar hun feitenkennis over verschillende Europese landen. Het bleek dat ze de munteenheid van de andere landen over het algemeen het best kenden. Van de Fransen wist bijna niemand hoe de Nederlandse koningin en premier heten of hoeveel inwoners Nederland bij benadering heeft, maar toch wisten nog twee op de vijf Franse studenten hoe de Nederlandse munt heet. De gulden was bij Duitse en Belgische studenten zelfs bekender dan het feit dat Amsterdam de hoofdstad van Nederland is.

Als de gulden wordt vervangen door de euro, verliezen we een manier om onze eigenheid, onze nationale identiteit te beleven en te beklemtonen. En het is, ook in een verenigd Europa, van belang dat de verschillende landen dat blijven doen, aldus organisatiepsycholoog Esther van Leeuwen. Zij is aan de Universiteit van Leiden gepromoveerd op de voorwaarden waaronder fusies meer of minder gemakkelijk verlopen, en werkt nu bij de Vrije Universiteit in Amsterdam. ,,Fusies hebben een grotere kans van slagen als de leden van de nieuw ontstane groep een deel van hun oude groepsidentiteit blijven behouden'', vertelt Van Leeuwen. ,,Wat dat betreft hebben ze het trouwens met de euro heel slim aangepakt. De ene kant van de euromunt is in alle landen gelijk, op de andere kant komt een nationaal symbool dat per land verschilt. Dat is op zichzelf een heel goed idee, omdat het veel minder weerstand tegen die samenvoeging oproept.''

Het nadeel is wel, zegt Van Leeuwen, dat je mensen niet alleen bewust maakt van het voortbestaan van hun eigen nationale identiteit binnen het grote Europa, maar ook van dat van andere nationaliteiten. ,,Zeker in toeristische streken worden mensen heel vaak geconfronteerd met de andere nationaliteiten, wat niet altijd tot positieve reacties leidt. In de buurt van Noordwijk kun je soms beter niet laten merken dat je Duitser bent. Als iemand die daar woont dan een Duitse euro terugkrijgt in de supermarkt, dan wil hij hem misschien gewoon niet hebben.'' En ook op de lange termijn, als de samenwerking in Europa nog veel verder gaat, is het waarschijnlijk niet goed om die nationale identiteiten en de verschillen die ze impliceren, te blijven onderstrepen, zegt Van Leeuwen.

Het verzet tegen fusies is het grootst als de identiteit van je eigen groep wordt bedreigd, vertelt collega Daan van Knippenberg van de Universiteit van Amsterdam. ,,Voor een klein land als Nederland is het idee van een verenigd Europa met één munt best moeilijk. Men heeft in Duitsland waarschijnlijk sterker het idee dat de euro een voortzetting is van de mark, dan dat mensen in Nederland het idee hebben dat de euro een voortzetting is van de gulden.''

Hoe de nieuwe munt de onderlinge verhoudingen in Europa zal beïnvloeden is nog niet duidelijk. En die onzekerheid over wat de euro aan voor- en nadelen zal opleveren maakt dat mensen liever vasthouden aan de gulden, vertelt Van Knippenberg. Mensen zijn van nature al geneigd vast te houden aan de bestaande situatie, en onduidelijkheid over wat een nieuwe situatie met zich meebrengt maakt dat alleen nog maar erger.

Ruilen doet huilen – daar zijn mensen althans bang voor. Eric van Dijk van de Universiteit Leiden heeft daar samen met Van Knippenberg een aantal onderzoeken naar gedaan. Ze gaven mensen bijvoorbeeld een fles Bulgaarse wijn en vroegen daarna of ze die zouden willen ruilen voor Spaanse wijn. Bijna niemand wilde dat. Maar als je iedereen in eerste instantie Spaanse wijn geeft, wil óók bijna niemand die ruilen voor Bulgaarse.

Met de komst van euro is iets vergelijkbaars aan de hand, zegt Van Knippenberg. ,,Je weet wat je nu hebt, je weet niet precies wat die euro waard wordt. En dan heb ik het niet over die koers van twee gulden twee-nul-nog-iets. Het gaat meer om onzekerheden als: krijgen we niet allerlei prijsverhogingen? Zal de concurrentiepositie van de Nederlandse economie niet verslechteren? Zal ik er wel aan kunnen wennen? Mensen zijn nu eenmaal ingesteld op loss aversion: potentiële nadelen wegen altijd veel zwaarder dan potentiële voordelen.''

Alleen al het idee dat je kans zou maken er op achteruit te gaan is kennelijk bijna ondraaglijk, en dat maakt iets wat je al hebt automatisch waardevoller dan iets wat je nog niet hebt. Het heet ook wel het endowment effect, het effect van het in-bezit-hebben, zegt Van Dijk. ,,Het endowment effect is ook het antwoord op de vraag: waarom ligt uw zolder zo vol? Mensen kunnen nu eenmaal niks wegdoen.''

    • Ellen de Bruin