Sterren spelen boeven

Strikt genomen is The Score de eerste film van Frank Oz die geen komedie of kinderfilm genoemd kan worden. Sinds The Muppet Show maakte de geestelijk vader van Miss Piggy verdienstelijke komedies als Bowfinger en Dirty Rotten Scoundrels. Toch voelt deze mechanische thriller over de perfecte kluisroof weer een beetje als een poppenfilm, waarbij Oz de touwtjes te strak in handen houdt.

De drie sterren van The Score, Edward Norton, Robert De Niro en Marlon Brando, zou je elk kunnen beschouwen als de beste `method actor' van zijn generatie. In de twee scènes van de drie matadoren tezamen blijft het vuurwerk uit, en vervult elk keurig zijn functie in Oz' raderwerk: de oude, onbetrouwbare heler, de meester-inbreker en de ongeduldige gezel die de meester van de troon wil stoten.

Ook alle sfeerdetails in de in Montreal opgenomen film komen uit het boekje: De Niro is een sympathieke gentleman-boef met een eigen jazzclub, de techniek van de `heist', zoals zo'n overval in genretermen heet, is gecompliceerd en vol bravoure in beeld gebracht en Norton mag zijn kunstjes laten zien door zich voor te doen als een geestelijk gehandicapte. Hoe knap Norton ook voor lijp speelt, het is geen prettige manier om het publiek te imponeren. Als The Score al doorgaat voor kwaliteitsamusement uit Hollywood, dan is het daar met de creativiteit en oorspronkelijkheid matig gesteld.

The Score. Regie: Frank Oz. Met: Robert De Niro, Edward Norton, Marlon Brando, Angela Bassett. In 28 theaters.