Lamerica

`Lamerica' was de mantra van de miljoenen berooide Italianen die na de Tweede Wereldoorlog een enkeltje New York kochten om in de Verenigde Staten hun geluk te beproeven. In Gianni Amelio's film Lamerica, die speelt in de vroege jaren negentig, is die aan elkaar gebreide naam ook synoniem voor het beloofde land.

Maar de rolverdeling is in een halve eeuw tijd verschoven. Met Lamerica wordt nu niet de Verenigde Staten bedoeld, maar Italië. De immigranten zijn geen Italianen, maar straatarme Albanezen die de oversteek willen maken van Daruzzo naar Bari. En de Italianen? Dat zijn in Lamerica arrogante profiteurs, die zich als gieren op het kadaver van het failliete, post-communistische Albanië storten om er gewetenloos hun zakken te vullen.

De twee Italiaanse zakenlui in kwestie kopen een Albanese schoenenfabriek met als enige doel het opstrijken van staatssubsidies. Het plan vereist echter een Albanees als directeur en dus plukt de leider van het oplichtersduo de verwarde bejaarde Spiro Tozai uit een heropvoedingskamp. Terwijl de leider in Rome de financiën op orde gaat brengen, moet assistent Gino de lopende zaken waarnemen. Spiro verdwijnt echter plotseling en Gino moet het vijandige Albanië in om hem te vinden.

De beelden van zijn reis zijn ontnuchterend. Verwaaide akkers vol betonnen bunkers - stille getuigen van dictator Enver Hoxha's paranoïde angst voor buitenlandse invasies - ondervoede kinderen die Spiro bijna vermoorden uit pure verveling en dorpelingen die staren naar stupide spelshows op het Italiaanse tv-kanaal. Het is slechts een kwestie van tijd dat lefgozer Gino met huid en haar door dit hongerende land wordt verslonden. Hij raakt alles kwijt tot niets hem nog onderscheidt van de in lompen gehulde Albanezen waar hij in het begin zo op neerkeek.

Spiro leeft ondertussen juist op. Met zijn boerenverstand en oprechte belangstelling voor de mensen om hem heen, houdt hij zich staande en wint hij aan waardigheid die Gino in rap tempo verliest. Voor Spiro, exponent van de Italiaanse landverhuizersgeneratie die naar Lamerica ging, zijn de Albanese bootvluchtelingen lotgenoten.

Regisseur Amelio houdt zijn landgenoten een spiegel voor. Met Lamerica stelt hij de hoogmoed aan de kaak die Italianen het eigen immigratieverleden heeft doen vergeten. En het hervinden van een beetje gepaste deemoedigheid doet pijn, zoveel blijkt wel uit Gino's louterende reis. Zonder te vervallen in moraliserend gepreek herinnert Amelio ons er fijntjes aan hoe dun en fragiel de grens is tussen de haves en de have-nots.

Lamerica (Amelio, 1994, Italië/ Frankrijk), ARD, 00.35-2.25u. Tweetalig.