Koekjes van eigen deeg

Klein plezier in eigen keuken, dat is nog steeds mogelijk door koekjes te bakken van eigen deeg. Stop twee uitersten bij elkaar – havermout en pijnboompitten – en de basis is gelegd voor een aantrekkelijk knabbelkoekje met een verrukkelijke nasmaak. Door toevoeging van bakpoeder wordt het koekje lekker bros. Een kind kan de was doen.

Bereiding: Vermeng de eerste 5 droge bestanddelen met elkaar in een ruime kom. Roer er dan het kokende water door en vervolgens de gesmolten boter. Prak het deeg goed door elkaar met een vork tot het begint aan te hangen; kneed het kort en voeg het snel bijeen tot een bal. Rol de deegbal voorzichtig uit (niet te hard drukken) op een met bloem bestoven werkvlak tot een rechthoekige plak van circa 1 cm dik is verkregen. Snijd het deeg in 5 lange repen en snijd deze in 4 tot 5 schuine stukken zodat ruitvormige koekjes worden verkregen. Hoe breder de repen hoe groter de ruiten. Druk losrakende pijnboompitten terug in het deeg (bovenop in het midden staat aardig) en leg de koekjes op een bakplaat met anti-aanbaklaag of bekleed de bakplaat met bakpapier. Bak de koekjes 40-45 minuten in een op 175° C voorverwarmde oven tot ze goudgeel en gaar zijn. Grappig hoe snel zelfgebakken koekjes verdwijnen, ze zien nooit lang de binnenkant van de koektrommel.