Alliantie klaagt over gebrek aan steun VS

Verschillende commandanten van de Afghaanse oppositie hebben geklaagd een nijpend tekort aan wapens te hebben. Zonder substantiële Amerikaanse hulp achten zij zichzelf niet in staat door de linies van de troepen van de Talibaan heen te breken.

De klachten van de anti-Talibaan-krachten volgen na het afwerpen van Amerikaanse munitie boven gebied dat in handen is van de Noordelijke Alliantie. Maar volgens sommige Afghaanse commandanten komt die hulp te laat.

Een van die commandanten, Abul Rashid Dostum, heeft tegenover de Franse radio gezegd dat hij zonder concrete militaire steun niet in staat is de strategisch gelegen stad Mazar-i-Sharif in te nemen. De VS hebben twintig militairen gestuurd die zich uitsluitend zouden bezighouden met humanitaire hulp. ,,We hebben militaire hulp nodig'', aldus Dostum, een etnisch-Oezbeekse krijgsheer. Dostum zei twee dagen van ,,zware strijd'' te hebben gevoerd op 20 kilometer buiten de stad.

Elders in Noord-Afghanistan hebben commandanten geklaagd over een chronisch tekort aan brandstof. Zo zou een tankeenheid op vijf kilometer afstand van het front over slechts 10 procent van de benzine beschikken die nodig zou zijn voor de uitvoer van een serieuze aanval.

Commandanten van de Noordelijke Alliantie zeggen al dagen te kampen met een gebrek aan steun. ,,Ze bombarderen een te groot gebied, het heeft geen enkel effect'', aldus generaal Mohammed Hassan over de Amerikaanse aanvallen. De Alliantie vreest dat de hulp die de VS nu sturen te laat komt. Zodra halverwege volgende maand de Ramadan, de islamitische heilige maand, begint en de winter definitief invalt, achten zij hun kansen voorlopig verkeken.

Eerder heeft de Amerikaanse president Bush opdracht gegeven tot de heimelijke financiering van de Alliantie voor de aankoop van munitie en brandstof uit Iran en Rusland. Maar tot dusver is onduidelijk wat er met die fondsen is gebeurd.