Ook communisten lukt het niet in Moldavië

Moldavië drijft sinds het aantreden van de communisten in februari verder weg naar de afgrond.

Moldavië is de enige ex-Sovjet-republiek die sinds kort weer wordt geregeerd door communisten die er openlijk voor uitkomen dat te zijn. Partijchef Vladimir Voronin, ex-bakker en ex-politiegeneraal, trad als president aan in april. In dezelfde maand namen de communisten, de grote winnaars van de parlementsverkiezingen, ook de regering over, onder premier Vasile Târlev, ex-directeur van de snoepfabriek Bucuria (Vreugde).

Het roer ging drastisch om. Rusland werd, voor het eerst sinds Moldavië onafhankelijk werd, het brandpunt van de politieke en economisch inspanningen. Moldavië, zo vond Voronin, moet lid worden van de Russisch-Wit-Russische Unie en moet Russische troepen toelaten om de wapenarsenalen uit de sovjettijd te bewaken. Het moet zich ook economisch meer op Rusland richten. En Moldavië moet het slepende conflict met Transnistrië – het pseudorepubliekje dat zich in 1992 gewapenderhand afscheidde – oplossen. Een voornemen dat zou worden vergemakkelijkt door de politieke voorkeur van de nieuwe president: als communist zou hij zich makkelijker verstaan met de Transnistische president Igor Smirnov, een orthodoxe communist.

Daarnaast werd weer, zoals communisten dat gewend zijn, een vijfjarenplan opgesteld, met veel ambitieuze doelen, en politiek werd afscheid genomen van het op het Westen – Boekarest, Brussel – gerichte beleid.

Een half jaar later is Moldavië zo goed als bankroet. De relaties met het Internationale Monetaire Fonds, de Wereldbank en andere donoren zijn verbroken omdat Moldavië niet voldoet aan de eisen – een behoorlijke begroting voor 2002, een faillissementswet en een versnelling van de privatiseringen. De buitenlandse schuld is inmiddels opgelopen tot 1,9 miljard dollar, acht keer de jaarlijkse staatsinkomsten. Rente en aflossing kosten Moldavië ruim 40 procent van de begroting.

De levensstandaard is alleen maar verder gedaald: de Moldaviërs zijn verreweg de armste Europeanen. Negentig procent van de bevolking heeft een inkomen onder één dollar per dag. Vier van de vijf Moldaviërs kunnen niet leven van dat inkomen en de helft wil het liefst weg. Moldavië levert inmiddels van alle Oost-Europese landen de grootste bijdrage – de helft namelijk – van de Europese seksslavinnenindustrie. Alleen al vanuit Turkije worden gemiddeld per dag twintig Moldavische vrouwen gedeporteerd die illegaal – meestal gedwongen – in de seksindustrie werkzaam zijn.

De oriëntatie op Rusland heeft de regering in Chisinau niet de voordelen gebracht die Voronin en Târlev verwachtten: daarvoor is het land te onbetekenend. Maar de koerswending heeft wel geleid tot een verzuring van de betrekkingen met buurland Roemenië. De Roemenen merkten al hoe de vlag er in Chisinau bij was gaan hangen toen Voronin kort na zijn aantreden nieuwe geschiedenisboekjes voor de scholen van Moldavië bestelde en het toezicht op de herschrijving toevertrouwde aan een fervent verdediger van het Moldovenisme, de these die al in sovjettijden bestond en die in het onafhankelijke Moldavië juist was afgezworen. De verdedigers van die these menen dat het Moldavisch een aparte taal is, niet grammaticaal en idiomatisch identiek aan het Roemeens, zoals serieuze geleerden in èn buiten Moldavië vinden, en dat Moldaviërs van Slavische origine zijn.

De relaties met Roemenië raakten in een crisis toen een Moldavische minister Roemenië aanklaagde bij het Straatsburgse hof voor de Rechten van de Mens. Roemenië, aldus de minister, had zich (in een debat over de registratie van de Bessarabische Kerk) schuldig gemaakt aan ,,expansionisme'' en bemoeide zich te veel met Moldavische zaken. Boekarest eiste ,,extreem heldere'' uitleg, maar kreeg die niet, waarna de Roemeense premier Adrian Nastase en een reeks Roemeense ministers hun voorgenomen bezoeken aan Moldavië afzegden.

Ook de hoop op een oplossing van de problemen met Transnistrië is ijdel gebleken. Na drie keer praten waren de communisten Voronin en Smirnov geheel op elkaar uitgekeken en werd de dialoog afgebroken. Tegen de Izvestija zei Voronin in juli dat er in het conflict ,,niets wordt geregeld'' zolang Smirnov president van Transnistrië is. Smirnov is verantwoordelijk voor ,,criminaliteit en misère'' in Transnistrië, een gebied ,,zonder perspectief''. Vorige maand zei Voronin dat de leiders van Transnistrië ,,miljoenen dollars hebben verdiend met de smokkel van benzine, sigaretten, drugs, wapens en mensen'' – hetgeen hij overigens al kon hebben geweten vóór hij zijn dialoog met Smirnov begon.

Zo vervalt Moldavië van kwaad tot erger. Vorige week luidde minister Mihai Manoli in een brandbrief aan premier Târlev de noodklok: de economische situatie is ,,kritiek'' en er moeten ,,noodmaatregelen worden genomen om een bankroet van het land te voorkomen''. De oplossing: Moldavië moet zijn beloften aan het IMF nakomen. Hij kreeg steun van Voronin zelf: de communistische regering, zei hij, is er niet in geslaagd economisch het tij te keren, reden om snel met het IMF te gaan praten. ,,Als er geen leningen komen, staan ons vele jaren van politieke instabiliteit te wachten die de staat Moldavië zullen vernietigen.''