Lied en leed

,,Veel liederen van mij hebben leed als hele diepe bron. Ik heb wel van die stormachtige liederen gehad die ik dan dertig, veertig keer per dag thuis stond te zingen. Niet alleen om ze te leren, ook omdat ik het zo verrukkelijk vond. Tegen de tijd dat je ermee optreedt, hoort het publiek wel een stormachtig lied, maar jij helemaal niet. Zelfs het meest aangrijpende lied voel je niet meer zo als toen je het voor het eerst zong. Dat moet ook. Laatst zong ik Cirkels, een prachtig lied van Rob Crispijn. Ik schoot midden in de voorstelling uit dat lied en begon te huilen. Dat was een ramp. Die zaal heb ik er niet meer bij gekregen. Die hebben gedacht: dat is zo'n droevige man.''

Na meer dan honderd tryout-voorstellingen gaat donderdag Cirkels van Hans Dorrestijn (61) in première. Deze nieuwe voorstelling bestaat uit conférences en liedjes over uiteenlopende figuren als zijn grootmoeder en The Elephant Man, begeleid op piano door Martin van Dijk. Dorrestijn treedt al zo'n dertig jaar op met zijn eigen werk.

,,Optreden vond ik in het begin vreselijk. Ik had totaal geen houvast, mijn stem was toen nog een octaaf hoger, dus dat rare hoge geluid en dan een heel ongelukkig lied zingen, dat was echt voor de hele erge liefhebbers. Nu heb ik geen plankenkoorts meer, alleen als ik in een hele grote zaal sta overvalt het me dat nog wel eens. En pianist Martin van Dijk is zo'n vangnet. Door hem sta ik zekerder op het podium.

,,Het is één grote kankerpartij hoor, het zijn klaagliederen. Van de tweeëntwintig liedjes zijn er vijf wat ouder, maar die heb ik nog nooit op toneel gezongen. Als ik een dame zie lopen gaat over dat ik zo blij ben als ik een mooie vrouw zie lopen, dat ik er niet mee getrouwd ben, en nog blijer ben dat ik er niet van hoef te scheiden. Verder heb ik een lied over een extreem-rechts konijn dat zijn beklag doet over hazen, hoe stom ze wel zijn, en een bitse chachacha over een vrouw met hele dunne benen.

,,Over Finale Kwijting heb ik een klein stukje conférence, om de spanning er vanaf te brengen. Ik zeg: `ik heb een roman geschreven, een van mijn exen dacht dat die roman over haar ging en ze spande een kort geding aan. De roman gaat over het huwelijk van een alcoholische liedjeszanger met een huisvrouw lijdend aan poetsdwang. Volgens mijn ex was dat van dat alcoholisme wel waar.' En dan volgt er een liedje, verder ga ik er niet op door. Maar ik moet er wat over zeggen omdat ik na afloop dat boek wel verkoop.

,,Ik ben wel minder cynisch geworden op het toneel. Ik moet veel lachen. Niet zoals komieken dat doen, ik schiet alleen maar in de lach als er echt iets leuks is. Bijvoorbeeld als een improvisatie goed lukt en de zaal krijgt de slappe lach. Dat vind ik zo heerlijk, als de zaal niet tegen te houden is. Wat dat betreft heb ik eigenlijk dezelfde doelstelling als Toon Hermans.

,,Het imago van sombere man heb ik niet zelf verbreid. Journalisten hebben dat uit het werk opgemaakt. Men verwacht het nog steeds van mij. Het programma heet Cirkels en dan zeggen verschillende mensen: `prachtige titel, vicieuze cirkels'. Ze vullen het voor mij in. Ik heb nu ongeveer tienduizend bezoekers gehad voor de tryouts en al die tijd is er maar één man geweest die mij kwam beschuldigen dat het vroeger leuker was omdat ik toen lekker chagrijnig was. Dat chagrijn van vroeger kwam niet eens uit mijn teksten, dat kwam door mijn doodsbange presentatie. Iedereen zag daar een man die stijf stond van de angst.''

Hans Dorrestijn en Martin van Dijk: Cirkels. Do. 1 (première), vr. 2 en za. 3/11 De Kleine Komedie, Amsterdam. Daarna tournee.