Nieuwszender Almanar is onverbloemd partijdig

De Libanese nieuwszender Almanar wil tegenwicht bieden aan de `pro-Israëlische, westerse media'.

In een tijd dat journalisten wereldwijd zich het hoofd breken over de vraag hoe ze neutraal kunnen berichten over het Midden-Oosten, voert één nieuwsorganisatie een tegenovergestelde koers: het Almanar televisiestation op de satelliet van de Libanese guerillabeweging Hezbollah is onverbloemd partijdig.

,,Wij staan aan de kant van het Palestijnse en het Afghaanse volk,'' zegt dr. Hassan Fadlallah, nieuwschef van het nu ruim een jaar oude satellietstation, dat ook in Europa is te ontvangen. ,,Zij worden op dit moment onderdrukt en vermoord, ons doel is dat moslims overal ter wereld daartegen in opstand komen''.

Vandaar dat Almanar het kopje `de Amerikaanse agressie tegen Afghanistan' hanteert, in plaats van CNN's `Strike against Terror'. Een dergelijke noemer bevestigt volgens Hezbollah namelijk impliciet dat de Amerikaanse bombardementen op Afghanistan een logisch, proportioneel en gerechtvaardigd antwoord zijn op de aanslagen op New York en Washington van 11 september. Hezbollah heeft die aanslagen ondubbelzinnig veroordeeld, maar vindt dat de VS eerst concrete bewijzen tegen Bin Laden moeten voorleggen en dat ze hun oorlog tot diens Al-Qaedanetwerk moeten beperken.

Een belangrijk verschil met westerse stations is dat Almanar ongecensureerd de gevolgen in beeld brengt van de Amerikaanse bombardementen op Afghanistan, en van Israëlische aanvallen op de Palestijnen. Bloederige kinderlijkjes, rondslingerende ledematen, uiteengereten bejaarden... het wordt getoond en herhaald. Nieuwschef Fadlallah wil er niet aan dat westerse stations sommige van deze beelden kuisen uit overwegingen van goede smaak, dan wel uit piëteit voor de slachtoffers. Het is een vorm van liegen, vindt hij, een vorm van in slaap sussen. ,,Het westerse publiek moet worden geconfronteerd met wat hun bommen aanrichten onder volkomen onschuldige burgers.''

Almanar is snel gegroeid. Elf jaar geleden begon de nieuwszender met uitzendingen van zes uur per dag. Het werd groot door cameramannen mee te sturen met Hezbollah-strijders die vochten tegen de Israëlische troepen die tot mei 2000 het Zuiden van Libanon bezetten. De meest succesvolle aanvallen zijn verzameld op een videoband, die nog altijd goed verkoopt en een belangrijke financiële steun is voor Almanar. Het zijn indringende beelden, bijvoorbeeld van een Hezbollah-strijder die een driekwart weggeslagen hoofd van een Israëlische soldaat triomfantelijk aan de haren omhoog houdt.

De andere inkomstenbronnen voor Almanar zijn donaties en reclame. Voor de reclameboodschappen geldt dat ze niet in mogen gaan tegen Hezbollah's interpretatie van de Islam, dat wil zeggen geen aanprijzingen voor alcohol, sigaretten en onzedige bezigheden. Producten van Amerikaanse makelij worden evenmin getoond. Vrouwen hoeven in de reclames niet perse een hoofddoek om, maar ze mogen niet worden afgebeeld ,,als objecten, als handelswaar.''

Almanar, Arabisch voor `de Vuurtoren' of `de Minaret' heeft `medewerkers' in alle Palestijnse steden. Geen correspondenten, benadrukt Fadlallah, want dat zou een vorm van normalisering van de betrekkingen zijn. Hezbollah kan geen correspondenten hebben in een land dat het niet erkent. Vandaar ook dat men spreekt van ,,de zionistische vijand'', in plaats van Israël. Premier Sharon is de leider van de ,,zionistische entiteit'' en de Israëlische strijdkrachten zijn ,,het leger van de vijand''.

Op de vraag wat hij zou veranderen als hij directeur van CNN zou zijn, moet Fadlallah grinniken. Dan vervolgt hij serieus zijn verhaal over de in zijn ogen partijdige woordkeus van het Amerikaanse station. Ook zou hij een einde maken aan wat hij beschouwt als lying by omission, het negeren van aspecten van de werkelijkheid en het nieuws, waardoor een onevenwichtig beeld ontstaat. ,,Zo'n Amerikaans bombardement op een ziekenhuis wordt op CNN gebracht als een tragedie.'' Maar het is een schandaal, zegt Fadlallah licht geagiteerd. ,,Je moet daar als media hard tegenin gaan, niet je laten bedwelmen door generaals met hightech beelden.''

Ook ontbreekt volgens Fadallah op de Amerikaanse zender de context van de intifadah. Er wordt volgens hem zelden of nooit vermeld waarom gevechten uitbreken tussen Israëlische troepen en Palestijnen. ,,Ooit een reportage gezien over hoe en waarom Palestijnen in 1948 vluchteling werden? Je merkte het ook toen wij hier in Libanon vochten tegen de Israëlische bezetting. Dan had CNN het over de `veiligheidszone' in Zuid-Libanon. Veiligheidszone! En wij, die vochten tegen de bezetting, waren de terroristen!''

Volgens Hezbollah-woordvoerder Hussein Nabulsi is het huidige satellietstation nog maar het begin. Men streeft op termijn naar een kanaal dat 24 uur per dag uitzendt in het Engels, Frans en Hebreeuws. Bedoeling is weer ,,tegenwicht te bieden aan de pro-Israëlische westerse media''.

Anders dan veel Arabieren gelooft Nabulsi niet dat de Joodse lobbies in Amerika en Europa absolute controle hebben over de media. ,,Maar,'' beweert hij in zijn kantoor dat onopvallend boven een lingeriewinkel is gevestigd: ,,Op sleutelposities in de westerse media zitten hele machtige mensen, met duidelijke agenda's.''

Nabulsi woonde een paar jaar in Brooklyn, New York. Met zijn goede Engels is hij aanspreekpunt voor de westerse journalisten, en na verloop van tijd met velen hunner bevriend geraakt. ,,Dan gaan ze je dingen toevertrouwen,'' zegt hij met glinsterogen. ,,Over hoe er kritische passages over Israël uit hun stukken verdwijnen, over hoe ze door hun redacties worden gedwongen tot anti-Arabische invalshoeken. Dat is de oorzaak van de huidige crisis tussen de islamitische en de westerse wereld,'' meent Nabulsi. ,,Het publiek in de westerse landen krijgt een vertekend beeld voorgeschoteld wat hier speelt. En daarom snapt het westen ook niet waarom mensen hier zo kwaad zijn, niet op westerlingen, maar wel op hun buitenlands beleid.''