Experiment met de menselijke natuur

De Pollsmoor gevangenis in Zuid-Afrika is een hel. Voor de gevangenen, maar ook voor de bewakers. De overbezetting is driehonderd procent, in één cel leven 36 mannen dicht op elkaar. Soms moet een verdachte vier jaar wachten totdat hij wordt gehoord. Er wordt gestoken, gemoord, verminkt. Een van de nieuwelingen (`birds' genoemd, niet toevallig een verwijzing naar meisjes) was al van zijn pasgekochte schoenen beroofd voordat hij goed en wel binnen was.

Ook de bewakers, stuk voor stuk overwerkt en onderbetaald, zijn er hun leven niet zeker. ,,We voeren een psychologische oorlog met de gevangenen'', zegt een van hen. Hij heeft te horen gekregen dat hij de volgende is die eraan gaat. Bijna de helft van het gevangenispersoneel heeft een messteek opgelopen. Een wapen is zo gemaakt, legt een gevangene voor de camera uit. Je verstopt een scheermesje, je smelt het met plastic op een handvat, en dan hoef je alleen nog maar je doelwit te kiezen. Een halsslagader, bijvoorbeeld.

De directeur van Pollsmoor is de laatste om te ontkennen dat in zijn gevangenis het recht van de sterkste geldt. ,,Only the strongest live the longest'', zegt hij tegen de filmploeg van de BBC die na uitvoerige onderhandelingen de documentaire Killers Don't Cry mocht komen maken. Toch lijkt de toon aanvankelijk wat zwaar aangezet. Onderwerp van de documentaire is een ,,adembenemend experiment met de menselijke natuur''. Pollsmoor is officieus georganiseerd volgens een uit het begin van de vorige eeuw daterend bendesysteem dat de sociale hiërarchie bepaalt. Dit netwerk heet `The Numbers' en de directie heeft er nooit vat op kunnen krijgen. De gevangenen in cel nummer 26 zijn gespecialiseerd in diefstal, die in cel nummer 27 in moord, en de mannen in cel nummer 28 hebben seks met elkaar. Helemaal bovenaan staat `de generaal', sinds 34 jaar gevangen in Pollsmoor, de dof kijkende Mohammed die zoveel moorden op zijn geweten zou hebben dat hij de tel is kwijtgeraakt.

Lang nadat dit alles is uitgelegd door de voice-over verschijnen plotseling twee dameshakken in beeld en begint pas het `adembenemende experiment' waar de documentairemakers voor kwamen. Dat dit geduld van de kijker vergt is niet erg, want Mohammed en de tweede man in de gevangenis, `rechter' Erefaan Jacobs, bieden een blik op criminelen zoals je die alleen uit Amerikaanse films kent.

De locatie is Zuid-Afrika, nabij Kaapstad, maar slechts de afgebladderde tralies en cellen vol ongedierte wijzen erop dat de mannen in deze armoedige omstandigheden het wel heel slecht hebben getroffen. Jacobs, die in zijn gezicht heeft laten tatoeëren dat hij zijn moeder haat, is bijna een karikatuur van de pokdalige pooier-crimineel. Is hij werkelijk zo slecht als hij ons wil doen geloven?

Hoe gevaarlijk afgestompt de gevangenen werkelijk zijn, wordt paradoxaal genoeg pas duidelijk als ze aan het einde van de film schoorvoetend over liefde en vertrouwen beginnen te praten. Ze zijn daartoe in staat na een dagenlange workshop over het geweldloos oplossen van conflicten. De workshop wordt geleid door een vrouw die door de directeur is binnengehaald om een einde te maken aan de moordpartijen in de gevangenis. De tegenstand die zij moet overwinnen en het geleidelijk weer menselijk worden van de deelnemers is het echte onderwerp van Killers Don't Cry. De documentaire wordt zo een bij vlagen ontroerende film, al laat de ontknoping op zich wachten. De leegte en de pijn waar de gevangenen aan het einde van getuigen doet het ergste vermoeden – namelijk dat ze in een ander soort hel, die van hun eigen gevoelens, terecht zijn gekomen.

Killers Don't Cry, BBC World, zaterdag, 21.10-22.30u.