De embryowet

Een waterig balletje van een paar honderd cellen en enkele dagen oud: verdient dit prilste stadium van het leven dezelfde bescherming als een volgroeid mens of een foetus van twee weken? Mag er met dat celballetje een blastocyst in biomedisch jargon geëxperimenteerd worden in het kader van wetenschappelijk onderzoek dat leidt tot verbetering van de kwaliteit van het menselijk leven, voorkoming van erfelijke aandoeningen en bestrijding van tot nu toe ongeneeslijke ziektes? Waar liggen de ethische grenzen van wat technisch mogelijk is? Tot waar mogen mensen gaan met genetisch sleutelen? En, heel praktisch, hoe komen onderzoekers aan de benodigde cellen?

Onlangs debatteerde de Tweede Kamer over een wetsontwerp dat zich met deze fundamentele vragen bezighoudt. Het debat over de embryowet, ingediend door de ministers Borst (Volksgezondheid, D66) en Korthals (Justitie, VVD), ging letterlijk over de kern van het leven. De uitkomst een meerderheid van PvdA, VVD en D66 voor het wetsvoorstel met geclausuleerde steun van GroenLinks plus SP en een afwijzing van CDA, ChristenUnie en SGP lag bij voorbaat vast. Over immateriële onderwerpen zijn de politieke verschillen langs heldere levensbeschouwelijke lijnen getrokken. Opvallend was wel de rustige atmosfeer waarin het debat zich destijds voltrok. De specialisten waren met elkaar in gesprek terwijl het toch ging om ingrijpende besluitvorming en ethische afwegingen met verstrekkende gevolgen. Fractievoorzitters waren niet te bekennen. Politiek gesproken was het onderwerp kennelijk niet brisant bevonden. In het Nederlandse parlement worden grenzen zelden in voltallige zitting verlegd.

Hiermee onderscheidt Nederland zich van de Verenigde Staten, waar het debat over embryonale stamcellen met ongemene felheid wordt gevoerd. Afgevaardigden, senatoren en de president laten zich er publiekelijk over uit. De Amerikaanse samenleving is diep verdeeld over kwesties waarbij het begin van het leven in het geding is, omdat het aansluit bij de emotionele en soms militante standpunten voor of tegen abortus. Amerikaanse politici zijn zich hiervan bewust als het over embryonale stamcellen gaat.

In de Nederlandse embryowet wordt geregeld dat zogenoemde restembryo's embryo's die overblijven na een reageerbuisbevruchting en die daarna worden vernietigd gebruikt mogen worden voor onderzoek naar stamcellen. Stamcellen zijn cellen die zich in een later stadium kunnen ontwikkelen tot de omstreeks tweehonderd verschillende soorten cellen waaruit het menselijk lichaam is opgebouwd. Ze worden van groot belang geacht voor de behandeling van ernstige ziektes en mogelijk zelfs voor het herstel van aangetaste organen. De vooruitzichten zijn veelbelovend, ook al zullen therapeutische toepassingen nog een aantal jaren op zich laten wachten.

Daarnaast opent de wet de mogelijkheid om binnen afzienbare tijd embryo's speciaal te kweken voor het aanmaken van stamcellen, het zogenoemde therapeutische klonen. Eind vorig jaar keurde Groot-Brittannië de toepassing van therapeutisch klonen goed. In andere Europese landen is soortgelijke wetgeving in de maak. In de Verenigde Staten wil het Huis van Afgevaardigden alle vormen van klonen van menselijke cellen verbieden, aarzelt de Senaat en heeft president Bush deze zomer voorgesteld om uitsluitend onderzoek naar een beperkt aantal bestaande lijnen van menselijke stamcellen met overheidsgeld te financieren. Dat leidde vervolgens weer tot emotionele discussies.

Hier in Nederland geen emoties, maar nuchtere afwegingen met respect voor elkaars mening. De christelijke partijen hebben een terughoudend standpunt, waarmee ze zich onderscheiden van het instrumentele pragmatisme van de drie regeringspartijen. Bij GroenLinks klinkt ethische bezorgdheid over het gemak waarmee `paars' de technische en wetenschappelijke grenzen wil oprekken; bij de SP bestaat grote weerzin tegen de commercialisering van het gebruik van menselijke cellen. Daartegen beklemtonen PvdA, VVD en D66 het zelfbeschikkingsrecht van vrouwen, de perspectieven voor patiënten en het belang van wetenschappelijk onderzoek.

Het kabinet, met instemming van een Kamermeerderheid, laat de belangen van gezonde mensen, patiënten, artsen, onderzoekers en biotechondernemers zwaarder wegen dan die van de cellen in het prilste stadium van het menselijk leven. Mits men zich van de valkuilen bewust blijft en het embryonale stamcelonderzoek met waarborgen blijft omgeven, is dat de juiste keuze.

Gerectificeerd

De embryowet

In het commentaar De embryowet (in de krant van zaterdag 27 oktober, pagina 7) staat dat restembryo's, embryo's die overblijven bij een reageerbuisbevruchting, altijd worden vernietigd. Dit is niet juist. Gezonde restembryo's worden meestal ingevroren voor een eventuele tweede zwangerschapspoging. Als de ouders de embryo's niet (langer) willen laten bewaren, beslissen zij of de embryo's worden vernietigd, of beschikbaar komen voor wetenschappelijk onderzoek.