Bush tekent antiterreur wetgeving

De Amerikaanse president Bush heeft gisteren nieuwe wetgeving bekrachtigd die justitie en immigratie verregaande bevoegdheden geeft bij de bestrijding van terreur.

,,Vandaag hebben we een belangrijke stap genomen voor het bestrijden van terroristen terwijl de constitutionele rechten van alle Amerikanen blijven beschermd'', aldus Bush na ondertekening van de wet in het Witte Huis. ,,Deze regering zal deze wet ten uitvoer brengen met volledige inzet voor een land in oorlog.''

De wet geeft de federale recherche (FBI) meer mogelijkheden voor het afluisteren en het opsporen van verdachte personen. Mensen die terroristen bescherming bieden of hen financiële bijstand verlenen, kunnen zwaarder worden gestraft. De wet omschrijft meer misdaden als terrorisme en verzwaart de straffen die daarbij opgelegd kunnen worden. De politie krijgt bevoegdheden die zij in het verleden niet had, zoals heimelijke huiszoekingen doen, zakelijke documenten nagaan en telefoon en internet contacten onderzoeken. Voorts maakt de wet uitwisseling van informatie tussen Amerikaanse en buitenlandse opsporingsdiensten mogelijk.

,,Deze wet geeft de inlichtingendienst en justitie nieuwe instrumenten om het gevaar van nu te bestrijden'', aldus Bush.

De ondertekening van de wet komt een dag na de belofte van minister van justitie Ashcroft waarin hij zegt de nieuw rechten met onmiddellijke ingang te zullen toepassen. Het ministerie van Ashcroft, dat het initiatief voor de nieuwe wetgeving heeft genomen, heeft aangedrongen op snelle aanname van de wet. Volgens het Witte Huis bestaat daartoe de acute noodzaak om het terrorisme in de VS, sinds de aanslagen in New York en Washington op 11 september, effectief te bestrijden.

Binnen het congres heeft echter onenigheid bestaan over de gevolgen van een overhaast besluit dat volgens enkelen het behoud van essentiële rechten uit de Amerikaanse grondwet in gevaar brengt. Critici vrezen de aantasting van belangrijke burgerrechten.

Maar na enkele weken van touwtrekkerij heeft het Congres tenslotte ingestemd met een afgezwakte versie van het oorspronkelijke voorstel. Een belangrijke beperking, waartegen Bush en Ashcroft zich beiden hebben verzet, geldt de periode waarin de nieuwe wet van toepassing is. Zo krijgt het Congres de kans om voor het einde van 2005 opnieuw te beslissen over het voortbestaan van de wet. Gebeurt dat niet dan vervalt de wetgeving aangaande het afluisteren automatisch. Alleen onder die voorwaarde bleek het Congres bereid in te stemmen.

Slechts één afgevaardigde heeft tegen het wetsvoorstel gestemd. Senator Feingold, een Democraat, zei niet overtuigd te zijn dat de wet de rechten van Amerikaanse burgers voldoende beschermt. Senator Hatch, een Republikein, had daar geen begrip voor. ,,In deze tijd ben ik geen mens tegengekomen die bang is voor de beschermers van de wet. Ze zijn bang voor terrorisme'', aldus Hatch.