Aftrek onder vuur

De fiscale voordelen rond het eigen huis dreigen te duur te worden. Fiscaal-economen bieden oplossingen. Gaat er spoedig iets veranderen?

Ongeveer de helft van de Nederlandse huishoudens bewoont een eigen huis en ruim tachtig procent van die woningbezitters geniet hypotheekrenteaftrek voor de belastingen. Deze geliefde aftrekpost minus het huurwaardeforfait kostte de overheid in 1998 al 10,9 miljard gulden, 72 procent meer dan in 1990. Die kosten stegen daarna verder. De wet inkomstenbelasting 2001 promoveert de hypotheekrenteaftrek tot belangrijkste fiscale aftrekpost. Steeds meer mensen verhypothekeren hun woning daarom maximaal en steken eigen geld in aandelen. De renteaftrek houdt men graag maximaal, bijvoorbeeld via spaarhypotheken. De overheid moet steeds meer miljarden bijpassen.

Een toekomstige rentestijging kan de kosten nog extra doen groeien. De fiscus betaalt daarvan immers maximaal 52 procent. Ook het effect van de eigenwoningregeling valt te kritiseren, want de voordelen zijn scheef verdeeld. In 1998 genoten de 23 procent huiseigenaren met de hoogste inkomens maar liefst bijna 40 procent van de hypotheekrenteaftrek. Kan dat zo doorgaan? Fiscaal-economen vinden de eigenwoningregeling hard toe aan een grondige servicebeurt.

Dr. Koen Caminada, fiscaal-econoom bij de Universiteit van Leiden werkte mee aan het vorig jaar verschenen onderzoeksrapport `Aftrekpost Eigen Woning'. Deze studie berekent de koopkrachteffecten en budgettaire gevolgen van elf verschillende aanpassingen van de eigenwoningregeling. Duidt dit op veranderingen? ,,Dat is koffiedik kijken'', zegt Caminada. ,,De politiek beslist.'' Wel toont Caminada's rapport dat er pijnarme aanpassingen bestaan. ,,Ons basisidee is dat iedereen het negatieve saldo van zijn hypotheekrente en huurwaardeforfait mag aftrekken tegen een vast tarief dat goed aansluit bij box 3 en het laagste belastingtarief, dus tussen de 30 en 32 procent. Met de extra inkomsten kan de overheid vervolgens het belastingtarief van 52 procent wat laten zakken. De inkomensgevolgen van dit systeem zijn voor de meeste mensen dusdanig bescheiden dat je geen langdurig overgangsregime nodig hebt.''

Toch verwacht Caminada geen abrupte wijzigingen. De grote partijen noemen de hypotheekrenteaftrek in hun nieuwe verkiezingsprogramma's immers niet of nauwelijks. ,,Het zal wel, net zoals bij belastingplan 2001, beetje bij beetje veranderen'', vermoedt Caminada. Het gewijzigde belastingstelsel beperkte de renteaftrek al tot maximaal 30 jaar en tot aankoop-, onderhoud of verbetering van slechts het eerste eigen huis, terwijl de vrijstelling op kapitaalverzekeringen werd beperkt en de hoogste belastingtarieven – in 1989 nog 72 procent verder werden verlaagd van 60 naar 52 procent. Caminada: ,,Daarover heb ik niemand gehoord. Kleine aanpassingen kun je blijkbaar probleemloos invoeren. Als je dat beleid voortzet, versmal je het eigenwoningregime langzamerhand.''

De winnaars van Caminada's scenario zijn vooral de oudere eigenwoningbezitters. Als die hun huis straks verkopen, incasseren ze dertig jaar subsidie. Mensen die nu instappen, moeten op termijn rekenen op minder subsidie. Ook mensen die zich nu maximaal met hypotheken hebben volgezogen, vangen klappen. ,,Maar zelfs voor die groep acht ik de inkomensrisico's gering wegens geleidelijke invoering en inkomenscompensatie'', zegt Caminada. ,,Wonen wordt op termijn gewoon wat duurder, maar men kan rustig gaan slapen.''

Ook fiscaal-econoom dr. Leo Stevens, hoogleraar aan de Erasmus Universiteit, bekritiseert de eigenwoningregeling. ,,Nu dragen de breedste schouders juist de minste lasten'', zegt hij. ,,Als ik in mijn tuin een zwembad aanleg, kan ik de rente daarop aftrekken tegen 52 procent. Dat klopt niet, en die situatie groeit steeds schever.'' Stevens onderzocht en vond aanpassingsmogelijkheden. Het mooiste lijkt hem de eigen woning te verhuizen van box 1 naar box 3, want dan is de belastingbesparing per gulden rente voor iedereen gelijk. Het systeem is ook eenvoudiger, omdat eigen woning- en andere schulden dan over één kam worden geschoren. Ter stimulering van eigenwoningbezit bepleit Stevens, vergelijkbaar met de vermogensvrijstellingen voor maatschappelijke beleggingen een eigenwoningvrijstelling tot bijvoorbeeld 400.000 gulden, terwijl je de hypotheekschuld volledig van je box 3-vermogen mag aftrekken. Bij een huis van 700.000 gulden met een hypotheekschuld van 500.000 gulden krijg je aldus fiscaal terug: 1,2 procent van 700.000 min 400.000 min 500.000 is 2.400 gulden. ,,Dit systeem ontziet mensen met lagere inkomens'', zegt Stevens. Daarbij ontmoedigt de aanpak maximale financiering om eigen geld te kunnen beleggen. Veelverdieners met hoge hypotheken moeten wél inleveren. Stevens: ,,Maar daar zit ook de scheefgroei.''

Stevens' variant biedt ruimte voor politieke beleidskeuzes. ,,Wil je de pijn matigen, dan begin je met zes ton vrijstelling die je in 20 jaar naar 4 ton afbouwt'', zegt de hoogleraar. Ook de opbrengst van een aanpassing kunnen politici naar believen aanwenden. Kabinetsverkenning 2001 van het ministerie van Financiën oppert bijvoorbeeld verplaatsing van het eigen huis naar box 3 als een van de mogelijkheden om een belastingverlaging van te kunnen betalen.

De overheid moet volgens Stevens ook overwegen de Kapitaalverzekering Eigen Woning (KEW) met zijn warboel aan regels te lozen. ,,De KEW houdt het leenvolume van hypotheken de hele looptijd gelijk. Bovendien moet de fiscus allerlei situaties zoals verhuizing, echtscheiding en emigratie nauwgezet volgen. Wil je écht vereenvoudigen, schaf die KEW dan af, het liefst met een even lang overgangsregime als de kapitaalverzekeringen in box 3.'' Ook het ,,rare fenomeen'' overdrachtsbelasting mag van Stevens verdwijnen. ,,Dat maakt het beleid transparanter.'' Wel pleit Stevens bij elke verandering rond de eigenwoningregeling voor geleidelijkheid. ,,Mensen die nu een huis kopen, hebben in wezen al voor de renteaftrek betaald, want de fiscale regels hebben de prijzen opgedreven. De overheid moet dus bij veranderingen een duidelijk scenario aangeven voor de komende tien of twintig jaar. Huizenbezitters en -kopers moeten zich volgens Stevens ondertussen ,,niet gek laten maken'' door aanbieders van financiële producten. ,,Als je hypotheeklasten alleen maar kunt opbrengen als je met zijn tweeën keihard moet werken en de rente fiscaal aftrekbaar blijft, dan ga je heel gestrest leven. Ik realiseer me dat het vreselijk tuttig klinkt, maar overschat je financiële mogelijkheden niet.''