Vertalers

In zijn boekbespreking `Vertalers als aanjagers' (Boeken 12.10.01) besluit Sjoerd van Faassen met een kritische pointe aan het adres van Jaap Grave, de auteur van Zulk vertalen is een werk van `liefde', een kritische studie over Duitse vertalers van Nederlandse literatuur. Die pointe luidt: `Het zou nuttig zijn als Grave in de toekomst een vervolg schrijft, omdat tijdens en na 1914 de Duitse belangstelling voor vooral de Vlaamse literatuur een ander, politiek-gericht karakter krijgt.'

Dat `vervolg' is, meen ik, al geschreven. In Als een oude Germaanse eik. Stijn Streuvels en Duitsland (Manteau, 1999) heb ik de continuïteit van de Duitse propaganda aangetoond, hoe jonge Duitse officieren (uitgevers, schrijvers, literair-agenten) tijdens de Eerste Wereldoorlog lid waren van de Politische Abteilung, een pletwals om Vlaamse schrijvers en intellectuelen te winnen voor de Duitse zaak. Diezelfde officieren speelden opnieuw hun propagandarol toen Hitler aan de macht kwam. Hans Friedrich Blunck, in 1914 bevriend met Stijn Streuvels en Hugo Verriest, werd in 1933 de eerste voorzitter van de Reichsschrifttumskammer (RSK), een afdeling van Joseph Goebbels' Reichskulturkammer.

Heel wat Vlaamse schrijvers zijn ten slotte van het Vlaams-nationalisme in het nationaal-socialisme beland. Zo was Adolf Spemann, de Duitse uitgever van Stijn Streuvels, een notoir nationaal-socialist en vurig bewonderaar van Adolf Hitler.