Terrorist of slachtoffer van grap?

Justitie neemt elke tip over poederbrieven serieus. Héél serieus, zo ondervonden Massoud en zijn vriendin.

Justitie had vorige week dinsdagavond weinig bedenktijd nodig. Vlak voor middernacht tipte de Binnenlandse Veiligheidsdienst dat er in Arnhem brieven met antraxpoeder werden gemaakt. Drie uur later lichtte een arrestatieteam Massoud Aghahassannejad (32) en zijn 29-jarige vriendin van bed. Zes dagen en vele verhoren later zijn ze bij gebrek aan bewijs vrijgelaten. Massoud Aghahassannejad is even terug in zijn flatwoning. De voordeur die door het arrestatieteam werd vernield, wordt gerepareerd. Nog steeds kan hij moeilijk geloven dat het de Nederlandse politie was die in het holst van de nacht de deur forceerde. Agenten in beschermende kleding, hun gezichten verborgen achter maskers, sloegen de gevluchte Iraniër en zijn uit Slowakije afkomstige vriendin in de boeien. ,,Ik dacht dat iemand me wilde vermoorden, iemand met een hekel aan buitenlanders.'' Geblinddoekt en schaars gekleed werden beiden naar het politiebureau vervoerd. Aghahassannejad en zijn vriendin voelden zich vernederd. Terwijl agenten keken, moesten zij hun ondergoed uittrekken om vervolgens naakt in een `astronautenpak' te worden gehesen. ,,Staat je mooi'', kreeg Aghahassannejad te horen. Pas later werd hem verteld waar hij van werd verdacht. Hij had, zo vertelden de rechercheurs, samen met zijn vriendin in een weiland in de omgeving enveloppen met poeder gevuld. Om zichzelf te beschermen, had hij daarbij een gasmasker gedragen en antibiotica geslikt. ,,Ze vroegen steeds of ik een terrorist was'', zegt Aghahassannejad. De verhoren, de huiszoeking en bloed- en urinetesten, waar ze vrijwillig aan meewerkten, leverden geen bewijs op, waarna het Arnhemse duo deze week op last van de rechter-commissaris op vrije voeten werd gesteld. Volgens een woordvoerster van justitie blijven de twee ondanks de invrijheidsstelling verdachten. Het onderzoek waaraan in totaal twintig rechercheurs meewerken, gaat gewoon door.

Aghahassannejad is, zo zegt hij, compleet onschuldig. Hij is weliswaar moslim, maar hij houdt zich niet aan de wetten van de koran. ,,Ik ben geen fundamentalist.'' Zeven jaar geleden vluchtte hij naar Nederland, een jaar geleden leerde hij zijn vriendin kennen en sinds een half jaar had hij een vaste baan als barbediende. ,,Ik begon van Nederland te houden, voelde me gelukkig en vrij.''

De liefde is over. De politie heeft niet alleen zijn flat maar ook zijn leven op zijn kop gezet. Zijn computer, een printer, brieven, fotoboeken, strippenkaarten, zelfs de stofzuigerzak is voor onderzoek meegenomen. Agenten die bij de arrestatie betrokken waren, droegen gasmaskers en werden na afloop door de GG en GD ontsmet. Het politieoptreden was volgens Aghahassannejad niet alleen buitenproportioneel maar ook nog eens onmenselijk. ,,Mijn buurman heeft 's nachts alles gezien. Zelfs hij zag niet dat het om een politieactie ging, hij belde zelfs het alarmnummer 1-1-2.'' Terug naar zijn flat willen Aghahassannejad en zijn vriendin niet. Wanneer de postbode aanbelt, slaat de schrik hun al om het hart, dan denken ze dat de politie is teruggekomen.

Justitie ontkent dat de politie te rigoureus te werk is gegaan. De tip die via de landelijke terrreurofficier binnenkwam, was volgens een woordvoerster ,,dermate serieus'' dat bij de aanhouding geen enkel risico is genomen. De aanhouding en behandeling op het bureau zijn volgens justitie volgens standaardprocedures verlopen.

Advocaat C. Boonman van Aghahassannejad overweegt een klacht over het politieoptreden in te dienen. De politie heeft zich volgens hem mee laten slepen door de ,,hysterie'' die er momenteel rond poederbrieven heerst. Zijn cliënt is niet meer dan het slachtoffer van een lugubure grap. ,,Ik denk dat het iemand uit zijn naaste omgeving moet zijn. Hoe komt men anders aan zijn adres?'' Dat justitie Aghahassannejad nog steeds verdenkt van het voorbereiden van moord, is volgens Boonman bedoeld om de aftocht te camoufleren. ,,Justitie staat in zijn hemd'', concludeert de advocaat.