Handelsreiziger in herrie

Met Leefbaar Nederland lijkt het rumoer terug te keren in de Haagse politiek. Voorman Jan Nagel, reeds in de jaren zestig vergadertijger en provocateur, schreef alvast zijn herinneringen. Eén probleem: een inhoudelijke opvatting over politiek is er niet in te ontdekken.

Wat nu al jaren ontbreekt in het Nederlandse parlement is een beetje leuke fringe: een partij die bij de politieke machtsvorming in Nederland geen rol speelt en er – bij wijze van spreken – alleen maar is voor het vermaak. Vroeger zat er meestal wel één in de Tweede Kamer: de Boerenpartij bijvoorbeeld, met leider Koekoek die hoogstzelden de indruk maakte het besprokene te doorgronden; de ouderenpartijen die zich met tomeloze ijver aan interne vetes wijdden in plaats van aan het parlementaire werk.

Jan Nagel, de ex-PvdA-coryfee en ex-VARA-medewerker die deze week zijn autobiografie Boven het maaiveld publiceerde, heeft zich ten doel gesteld in de ontstane lacune te voorzien. Hij is mede-oprichter van de partij Leefbaar Nederland, en tevens het politiek-denkend en strategisch hart van deze groepering. Deze week deed Nagel, bij de feestelijke presentatie van de autobiografie, zijn meesterzet: hij wees de publicist en voormalige hoogleraar Pim Fortuyn aan als lijsttrekker van Leefbaar Nederland.

Een uiterst gelukkige keuze. Reeds op de boekpresentatie bleek dat Fortuyn geknipt is voor de rol van vrolijke noot in het parlement. Om te beginnen verkeert hij in de waanvoorstelling dat het bedrijven van politiek geheel en al bestaat uit het innemen van originele standpunten, ongeacht hun inhoudelijke merites. Een passage uit Nagels boek over Roemenië nam Fortuyn dan ook te baat voor het uitspreken van een lofzang op de te vroeg gestorven Roemeense dictator Ceausescu.

Maar er is meer: Fortuyn blijkt gespeend van gevoel voor maat en strategie. Juist hij, die de afgelopen maanden niet van het scherm was te slaan, beklaagt zich thans op schrille toon dat de tv-journalistiek hem boycot. Deze taktiek, afgekeken van de door Fortuyn bewonderde maar kennelijk niet geheel begrepen Italiaanse premier Berlusconi, bleek trouwens niet zonder risico's: `s avonds na zijn presentatie als lijsttrekker bleek dat de diverse tv-journaals aan de gebeurtenis inderdaad maar mondjesmaat aandacht besteedden. Zoiets werkt beter als je — zoals Berlusconi — zelf de helft van alle televisiestations bezit.

Veel zal dus afhangen van mentor en mental coach Nagel. Want het is niet voldoende dat Pim Fortuyn in zijn eentje voor Leefbaar Nederland wordt gekozen. Er moet sprake zijn van een heuse fractie in de Tweede Kamer, wil de odd party out naar behoren kunnen functioneren.

Vermaak

Essentieel is namelijk dat de parlementaire fringe — zelf geen deel hebbend aan de werkelijke macht en in essentie alleen zichzelf representerend — zich onbekommerd kan wijden aan de interne, kleurrijke conflicten. Pas dan zal het beoogde doel — door onschuldig vermaak iets wegnemen van de veelgehoorde klacht dat het in het parlement vaak zo saai is - kunnen worden gerealiseerd.

De media past in het kader van dit nobel streven beleid. Het mag niet meer zo gaan als vorig jaar, toen dokter Jacques de Milliano namens `Ieder mens telt' een CDA-zetel dreigde in te pikken. In plaats van deze kans op verstrooiing met beide handen aan te grijpen hebben wij, de parlemenaire pers, zó kritisch over De Milliano en zijn aanhangers geschreven, dat deze ijlings van het politiek toneel de benen namen.

Gelukkig speelt De Milliano's voornaamste handicap — een weliswaar vage maar toch diep gevoelde overtuiging — bij Fortuyn nauwelijks een rol. Eerder lijkt hij haast niet te kunnen wachten, totdat hij in de pers eens stevig te grazen wordt genomen, zodat hij de rol van underdog kan aannemen. Toch blijft voorzichtigheid geboden: ieder mens heeft een kwetsbare zijde, ook als je die niet meteen ziet. En van de verkiezingen op 15 mei scheiden ons nog ettelijke maanden, waarin veel schade kan worden aangericht.

Kunnen we erop vertrouwen dat Jan Nagel deze penibele onderneming tot een goed einde kan brengen en een groepje Leefbaar Nederlanders de Tweede Kamer kan binnenloodsen? Dat is eigenlijk de voornaamste vraag die de lezer zich stelt bij lezing van Nagels autobiografie. De ouderen onder ons herinneren zich Nagel nog als de man achter het VARA-radioprogramma `In de rooie haan' in de jaren zeventig, waarin op uiterst onderhoudende wijze week in week uit politiek nieuws werd gemaakt en langs de weg van het politieke interview reputaties werden gemaakt en gebroken.

Nagel is in zijn rijk gevulde leven niet alleen journalist geweest, maar ook politiek actief, tot enkele jaren geleden in de Partij van de Arbeid. Wie van Boven het maaiveld echter politieke mémoires verwacht, komt enigszins bedrogen uit. Het kost grote moeite om in de reeks anekdotes waaruit het boek bestaat, enige vorm van politieke filosofie te ontwaren.

Het boek lijdt bovendien ernstig onder de eigendunk, die een bekend probleem vormt voor autobiografen. Pagina's lang moet de lezer zich door het zouteloze, door Nagel voor Vrij Nederland vervaardigd verslag van het bezoek van een PvdA-delegatie aan Roemenië worstelen, dat Fortuyn deze week tot zijn lofzang op Ceausescu bewoog.

Ook de beschrijving van het gezelligheidsleven te Hoevelaken, eens Nagels woonplaats, wil maar geen einde nemen. Toch vormt de hier bedreven schildering van de atmosfeer van de jaren zeventig in Nederland – toen zowel politiek engagement als onbenulligheid hoogtij vierden – de aardigste kant van het boek. Veel verhalen zijn ronduit kostelijk te noemen, zoals dat over Nagels vriend Herman. Die trof op een avond een pijp naast het echtelijk bed aan. Hij vreesde het ergste, totdat zijn vrouw hem duidelijk maakte dat zij tot het feminisme bekeerd was. Later lagen er echter opeens twee pijpen: toen verliet Hermans vrouw hem voor een vriendin.

Coup

Nagels pogingen om politieke onthullingen te doen, dragen een enigszins geforceerd karakter. Zo probeert hij de beoogd lijstrekker van de PvdA bij de verkiezingen in 2002, Ad Melkert, aan te wijzen als mede-samenzweerder in de coup die een groepje prominente PvdA'ers in 1991 beraamde tegen partijleider Wim Kok, de latere premier. Veel verder dan de onthulling dat Melkert bij één bijeenkomst van het groepje, onder leiding van André van der Louw, aanwezig was, komt de intrige echter niet.

En het verhaal wordt er ook niet sterker op, als Nagel volhoudt – in navolging van Van der Louw in diens recente autobiografie Op de huid van de tijd (besproken in Boeken, 18.5.2001) – dat het in 1991 helemaal niet om een coup tegen Kok ging, alleen om wat kameraadschappelijke pogingen het roer in de partij volledig om te gooien. Dat Melkert destijds als jong Kamerlid aanwezig was op een plek waar interessante dingen werden besproken, valt alleen maar te prijzen, zou je zeggen.

Politiek gewichter is het uitgebreide hoofdstuk over Nagels lidmaatschap van de Eerste Kamer, waar hij zich vooral inzette voor de halvering van de legertop. Daarvan kwam toen weinig, maar het is niet voor niets geweest – juist deze week keerde het streven terug als punt in het verkiezingsprogramma van Leefbaar Nederland.

Van der Louw

De vergelijking tussen de autobiografie van Van der Louw en die van Nagel – zij zijn overigens nog steeds bevriend – dringt zich wel vaker op. Beide boeken bewegen zich in het borreltafel-genre, waar de lezer politieke wetenswaardigheden had verwacht. Een belangrijk verschil is dat Van der Louw, die talrijke hoge bestuursfuncties heeft bekleed, wel degelijk iets behartenswaardigs had kunnen opschrijven, wanneer hij dat gewild had.

Nagel was echter, totdat hij recent wethouder in Hilversum werd, geen bestuurder, maar een politieke scharrelaar. Een provocateur ook wel, die beurtelings als journalist en vergadertijger in de PvdA, bezig is geweest beweging en schandaaltjes te veroorzaken. Hij was daar erg goed in, zoniet geniaal. Boven het maaiveld laat zich ook lezen als een lange lijst van door Nagel tot wanhoop en woede gedreven politici, omroepvoorzitters, directeuren en collega's – met tientallen jaren bewaarde, verontwaardigde artikelen uit het aartsreactionaire dagblad De Telegraaf – nauwkeurig in het boek gereproduceerd – als resultaat.

Hoewel Nagel daar zelf geen woorden aan wijdt, is goed in te zien waarom juist iemand als hij mettertijd gedesillusioneerd is geraakt in de PvdA. De partij van Kok en Melkert heeft immers geen emplooi meer voor vergadertijgers van zijn soort. De PvdA van nu wil een bestuurselite vormen, die op weloverwogen wijze de macht nastreeft, om dingen te bereiken. De geest van debat, opruiïng en linkse romantiek waarin Nagel en zijn generatiegenoten in de jaren zeventig en tachtig zo excelleerden, geldt in de PvdA van heden als het toppunt van ellende: het maakt besturen onnodig moeilijk, en leidt voornamelijk tot onvruchtbaar isolement in de oppositie.

En dus vertoont Nagel zijn kundigheden nu elders: in een voornamelijk door hemzelf vormgegeven partij in oprichting, die als vrijwel enige doelstelling heeft om de pret in het politiek debat terug te brengen. Alles wijst erop, dat het Nagels meesterstukje wordt.

Jan Nagel: Boven het maaiveld. Aspekt, 288 blz. ƒ39,95