Afhaalpizza op een zwart-witte Balkan

Een kinderboekenschrijver die voor volwassenen gaat schrijven heeft het moeilijk om in de grote wereld geaccepteerd te worden. Els de Groen is een goed voorbeeld. Haar eerste boek voor volwassenen, De bruidskogel, dat in Albanië speelde, bleef bijna onopgemerkt. In haar tweede volwassen roman, Thuisvlucht, blijft ze de Balkan trouw. Nu is de plaats van handeling Macedonië.

Een Amerikaanse archeologe die opgravingen doet bij het meer van Ohrid maakt kennis met een Macedonische arts uit Tetovo. De man verkeert duidelijk in een crisis, onder meer door de dood van zijn moeder. In haar nalatenschap treft hij een schrift aan dat zijn afkomst onthult. Hij die dacht de zoon te zijn van een Macedonische rechter en een volbloed Macedonische moeder, blijkt de spruit van een Albanese vrouw en een zigeuner. Om het leven van haar zoon in het etnisch zo explosieve Macedonië niet te compliceren besloot zijn moeder de waarheid te verzwijgen. Om hem na haar dood alsnog een gigantische identiteitscrisis te bezorgen, want in Macedonië is afkomst bepalend voor je hele leven en de overgang van Macedoniër naar Albanees en zigeuner brengt de mens in een heel andere omgeving en vervreemdt hem van familie en vrienden.

Hij gaat op zoek naar zijn roots en begint zich zowaar te interesseren voor Albanezen en zigeuners die hij tot dan toe, opgevoed in Macedonisch nationalisme, op zijn minst gezegd niet erg serieus had genomen.

Intussen is ook zijn affaire met de Amerikaanse niet zonder complicaties. Zij blijkt zoveel eigen zorgen en schuldgevoelens met zich mee te brengen dat de hoofdpersoon zich afvraagt of zij wel de juiste vrouw kan zijn voor een man die zo met zichzelf in de knoop ligt.

Wie geïnteresseerd is in de etnische verhoudingen en de geschiedenis van de Balkan en Macedonië moet Thuisvlucht zeker lezen. De hoofdpersoon is natuurlijk de synthese van de drie voornaamste bevolkingsgroepen van het land en zijn persoonlijke identiteitscrisis is een symbool voor de identiteitscrisis van Macedonië.

De lezer krijgt door zijn zoektocht een goed beeld van het wantrouwen en de haat tussen de etnische groepen. Bovendien weet de Amerikaanse Thelma, de archeologe, door haar verhalen aan dit geheel een historische dimensie te geven.

Dit is allemaal boeiend genoeg, maar toch niet helemaal voldoende voor een echt geslaagde roman. Daar is om te beginnen de stijl. Els de Groen schrijft het kortezinnetjes-proza dat al jaren in sommige sectoren van de Nederlandse literatuur hoogtij viert. `Thuis neemt hij een douche om de vuiligheid weg te spoelen. Ondanks het geruis van het water hoort hij de telefoon. Drie, vier keer gaat hij over. Hij droogt zich slordig af en rent naar de kamer: te laat! De beller spreekt zijn boodschap al in. Hij drukt op het rode knopje. Zij!'

Dan is er het realisme, waarvan het bovenstaande fragment een goed voorbeeld is. Els de Groen probeert een indruk van de werkelijkheid te scheppen door de handelingen van de hoofdpersonen zo gedetailleerd mogelijk te beschrijven. Geen afhaalpizza wordt de lezer onthouden. Wanneer dit alles een hoger doel zou dienen, zou ik er vrede mee hebben, maar dat zie ik absoluut niet. De vlucht der verbeelding verdrinkt bij Els de Groen reddeloos in de routinehandelingen van het dagelijks leven, evenals de hoofdpersonen en hun gevoelens.

Ook het politiek correcte komt het boek niet ten goede. De sympathie van de schrijfster ligt duidelijk meer bij de verdrukte Albanezen en zigeuners, die arm, maar warm en gastvrij zijn dan bij de Serviërs en Macedoniërs, die als bekrompen nationalisten worden beschreven. Een zwart-wit voorstelling die in een literair werk niet past. Hoe onderhoudend en instructief Thuisvlucht ook mag zijn, het is een boek waarop het cliché `het blijft steken in goede bedoelingen' bij uitstek van toepassing is.

Els de Groen: Thuisvlucht. Fagel, 234 blz. ƒ34,90