Joodse bevolking vooral in bovenlaag

De joodse bevolking in Nederland behoort nog steeds tot de intellectuele en maatschappelijke bovenlaag. Meer dan de helft (53 procent) heeft een universitaire of hbo-opleiding, tegen 22 procent voor de rest van de bevolking. Het gemiddeld besteedbaar inkomen van joodse huishoudens ligt 6.000 gulden boven het Nederlandse gemiddelde van 56.000 gulden.

Dat blijkt uit het gisteren gepresenteerde onderzoek Joden in Nederland anno 2000. Opdrachtgever is de hulpverleningsorganisatie Joods Maatschappelijk Werk (JMW). Het is voor het eerst sinds 1966 dat de joodse bevolking in Nederland zowel kwantitatief als kwalitatief in kaart is gebracht. Op dit moment zijn er in Nederland zo'n 43.000 joden. Zeventig procent zijn zogeheten halachische joden – zij hebben een joodse moeder of zijn toegetreden bij een orthodox rabbinaat. De overigen zijn uitgekomen bij een liberaal rabbinaat of hebben alleen een joodse vader. Naar de positie van de bijna 13.000 `vaderjoden' is nog niet eerder onderzoek gedaan.

Een eerdere poging van JMW, in het midden van de jaren tachtig, om de joden in Nederland te beschrijven, leidde tot een golf van maatschappelijk verzet, waarna het onderzoek inderhaast werd afgeblazen. Deze keer is het onderzoek geruisloos verlopen, tot grote verrassing van JMW zelf. Een van de factoren die daarbij een rol spelen, is volgens JMW-medewerker Chris Kooyman, dat joden minder bang zijn geworden om uit te komen voor hun joods zijn. ,,Mijn inschatting is dat men toen meer de neiging had niet op te willen vallen. Nu, in deze maatschappij, is etniciteit een factor waarmee je je in de maatschappij kunt onderscheiden.''

Profiel Joden in Nederland