Allochtonen voelen zich hier thuis

De meeste allochtonen voelen zich thuis in Nederland. Zij worden aanmerkelijk minder gediscrimineerd dan enkele jaren geleden. Ook zijn de contacten met autochtonen intensiever geworden.

Dit blijkt uit Allochtonen over Nederland(ers) in 2001, een onderzoek dat is verricht onder 550 allochtonen en 100 autochtonen in opdracht van het Nederlands Centrum Buitenlanders (NCB) in samenwerking met de Katholieke Universiteit Brabant.

Het onderzoek is uitgevoerd vóór de aanslagen in de Verenigde Staten en de aanval op Afghanistan. ,,Daarom is er geen Talibaaneffect'', zegt I. Akel, directeur van het NCB. Het onderzoek is vanmiddag aangeboden aan minister Van Boxtel (Integratie), die overigens weigerde het onderzoek te financieren, omdat het niet zou passen in het onderzoeksbeleid van het ministerie, aldus Akel.

De meerderheid van de allochtonen vindt dat oudkomers (migranten die al langer in Nederland wonen) verplicht moeten worden om Nederlandse taallessen te volgen. Zij wonen het liefst in gemengde wijken. Animo voor islamitische of `zwarte' scholen hebben zij respectievelijk nauwelijks of helemaal niet.

Allochtonen en autochtonen vinden dezelfde maatschappelijke kwesties belangrijk. Waren werkloosheid en arbeidsongeschiktheid in 1995, toen het NCB hetzelfde onderzoek voor het eerst liet uitvoeren, de belangrijkste thema's voor allochtonen, nu vinden zij, net als autochtone Nederlanders, onderwerpen als betaalbare gezondheidszorg, criminaliteit en veiligheid belangrijker. De onderzoekers menen dat allochtonen door de economische groei in de afgelopen jaren en door het afnemen van de werkloosheid nu meer perspectief zien voor zichzelf.

Driekwart van alle allochtonen vindt dat niet alleen nieuwkomers de wettelijk verplichte inburgeringcursussen moeten volgen, maar ook dat oudkomers Nederlandse taallessen moeten volgen. De onderlinge meningsverschillen hierover zijn groot. Bijna alle Turken, Surinamers en autochtonen steunen een dergelijke verplichtstelling tegen `slechts' 34 procent van de Marokkanen. Van alle allochtonen vindt 41 procent ook dat de toelating van nieuwe immigranten sterk of op zijn minst enigszins aan banden moet worden gelegd. Marokkanen zijn het minst voor een beperking, Turken het meest.

Hoewel in mindere mate blijven discriminatie en racisme toch punten van zorg voor allochtonen. De helft van hen voelt zich onheus bejegend door de politie en werkgevers. Zes jaar geleden bedroegen die percentages 68 (politie) en 82 procent (werkgevers). Veel Marokkanen (67 procent) voelen zich gediscrimineerd door mensen op straat tegen 12 procent van de Turken. Autochtone Nederlanders vermoeden dat allochtonen vaker slecht behandeld worden dan de ,,feitelijke ervaringen'' van allochtonen zelf. Ook vindt de helft van de allochtonen dat de Nederlandse media een verkeerd beeld van hen geven.