Return to Paradise

`De Midnight Express van de jaren '90' – zo werd Return to Paradise genoemd bij de lancering in 1998. En inderdaad, er zijn overeenkomsten. In beide films belandt een Amerikaan door drugs achter de tralies van een vreselijke gevangenis in een exotisch land. Alan Parkers klassieker uit 1978 registreert het schier eindeloze lijden van de opgesloten smokkelaar. Verwaarlozing, mishandeling door bewakers en isolement doen hem balanceren op de rand van geestelijke desintegratie. Acteur Brad Davis liet veroordeelde Billy Hayes afzakken tot dierlijk niveau, liet hem kwijlen, grommen en wild masturberen. Midnight Express steunt voor een groot deel op Davis' acteerprestaties, die de kijker meesleuren in de geest van een hopeloze.

Joaquim Phoenix mag als Lewis in Return to Paradise ook een paar scènes lang broeierig kijken met roodomrande ogen, rillen en incoherent babbelen over God. Maar daarmee hoeft hij de film niet te dragen. De kracht van Return to Paradise zit meer in het script dan in de acteerprestaties. Het gaat in deze film niet zozeer om het dramatische lijden maar om een moreel drama. Lewis' vrienden Sheriff en Tony moeten beslissen of ze bereid zijn drie jaar gevangenisstraf uit te zitten in een derdewereldland om hem daarmee van de galg te redden.

Lewis dankt zijn doodstraf aan de ons hasj die bij toeval werd gevonden in zijn hut op een Maleisisch strand. Een deel daarvan behoorde toe aan Sheriff en Tony die eerder terugkeerden naar Amerika. Pas twee jaar later, acht dagen voor zijn executie, hoort dit tweetal van Lewis' straf via zijn advocaat Beth Eastern. Zij stelt hen voor de straf te delen en zet alle middelen in om ze mee terug naar Maleisië te krijgen. Hun twijfel en de worsteling met hun verantwoordelijkheid enerzijds en de hoge prijs anderzijds, doet je als kijker onwillekeurig afvragen: `En wat zou ik doen?'

En op het moment dat je dan denkt eindelijk een redelijk intelligente Hollywoodfilm over een ethisch probleem te pakken te hebben, weten scriptschrijvers Wesley Strick en Bruce Robinson de zaak te verknallen. Blijkt de hele schuld-en-boete-vraag niet meer dan een chique verpakking voor een plat liefdesverhaal. En zodra de eerste zwoele blik gewisseld is, is het gedaan met het integere drama. Dan valt bijvoorbeeld op dat Tony's karakter wel erg minimaal is uitgewerkt en dat zijn reactie op het dilemma misschien niet de meest nobele is, maar wel de best voorstelbare.

Maar het meest ergerlijke aan Return to Paradise is wel hoe de relatie tussen Amerikanen en buitenlanders weer eens volgens de beste Hollywood-tradities wordt gereduceerd tot simpel `goed' versus `slecht'. Aan de naïviteit van de drugsgebruikers – die zich in den vreemde gedroegen met de tact van een kudde olifanten – wordt geen woord vuilgemaakt.

Maleisië daarentegen wordt neergezet als een hel vermomd als paradijs. En wat dat betreft is de vergelijking met Midnight Express wel weer op zijn plaats. Die film bood namelijk ook een weinig genuanceerde blik op Turkije en zijn inwoners: die werden neergezet als bloeddorstige barbaren. Xenofobie en stereotypering zijn blijkbaar van alle decennia.

Return to paradise (Joseph Ruben, 1998, Verenigde Staten), donderdag, Net5, 20.30-22.30u.