`Zelfs de minister kon niets voor me doen'

De burgemeester van Leeuwarden is niet meer welkom op het stadhuis, zelfs niet voor de twee weken die haar nog resten. Ze zit thuis, met een zwijgplicht, maar neemt wel de telefoon op.

Loeki van Maaren-van Balen (PvdA, 55) van Leeuwarden, vorige week met veel rumoer afgetreden als burgemeester, zit thuis, officeel wegens `onoverbrugbaar verschil van inzicht met de wethouders'. De werkelijke redenen voor haar vertrek zijn nog altijd onbekend, dankzij een vertrekregeling, waarin alle betrokkenen zichzelf een zwijgplicht opleggen. Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft inmiddels verklaard dat de zwijgplicht tegen de wet is. Zelfs noemt Van Maaren hem ,,ondemocratisch''. Is ze bereid de zwijgplicht te doorbreken?

Dag mevrouw van Maaren, ik dacht dat u tot 1 november aan het werk zou blijven?

,,Ik ben formeel nog tot 1 november burgemeester, maar het college wilde niet dat ik nog aan het werk zou gaan. Voor het eerst van mijn leven werk ik niet. Dat gaat zò tegen mijn gemoed in.''

Had u zelf nog op uw kamer in het stadhuis willen zitten?

,,Ik wilde tot het laatst toe blijven werken. Dat heb ik ook gedaan, tot kort voor de bewuste raadsvergadering afgelopen vrijdag. Het is mijn stijl niet om voor dingen weg te lopen.''

Waarom heeft u ingestemd met een zwijgplicht?

,,Die druist in tegen alles wat democratisch is, maar ik kon geen kant op. Ik moest er wel mee instemmen. Als ik dat niet had gedaan, was er geen regeling gekomen. Dan had de rest van het college het vertrouwen in me opgezegd en had ik op straat gestaan. Dat is het ergste wat een burgemeester kan overkomen. Ik heb tenslotte ook nog een bestaan.''

Ze waren natuurlijk bang dat u weer een boek zou schrijven, zoals over uw periode als wethouder in Haarlem, `Te veel vrouw'.

,,Ach, dat weet ik niet. Iedereen is zo angstig. Het is aan de journalisten om een en ander uit te zoeken. Ik zeg je: dit is bestuursrechtelijk uitermate interessant.''

Hoogleraar staatsrecht Elzinga zei gisteren in deze krant dat niemand u juridisch kan tegenhouden als u toch een boek zou schrijven over uw periode in Leeuwarden. Gaat u dat ook doen?

,,Dat weet ik niet, ik moet nu eerst afkicken. Daar heb ik minstens een jaar voor nodig. Ik leef in een roes.''

Wat is nu de werkelijke reden van uw vertrek?

,,Ik zit in een onmogelijke positie. Ik moet mijn mond houden. Emoties spelen mee. Dit is in een paar weken tijd over me heen gekomen. Niemand herkent zich in de karaktereigenschappen die me nu worden toegedicht. In mijn vorige standplaats ( Weert, red.) was ik juist te snel en had ik te veel daadkracht. Bij mijn afscheid uit Haarlem prees mevrouw Schmitz (de toenmalige burgemeester red.) me juist om mijn toekomstvisie. En die zou ik dan niet hebben gehad voor Leeuwarden? Boeiend. De hele gang van zaken druist tegen mijn gevoel van rechtvaardigheid in.''

Waarom heeft u geen verklaring uitgegeven voor de raadsleden? Die hebben daar toch recht op?

,,Ik heb alles overwogen, maar als de rijen zich sluiten, en zelfs de minister zegt dat hij niks meer voor je kan doen, houdt het op. Helemaal niemand van de raadsleden heeft me trouwens opgebeld om mijn kant van het verhaal te horen. Ja, Ronald Boorsma van de SP, maar dat was een dag voor de raadsvergadering waarin het besluit van vertrek bekend werd. Ik hoopte dat ze me zouden bellen, maar dat is niet gebeurd. Wat ik ervan vindt? Ik mag raadsleden niet beledigen.''

SP-raadslid Ronald Boorsma bevestigt dat hij Van Maaren heeft gebeld. ,,Ze wilde niets zeggen, omdat haar advocaat aan het onderhandelen was. Ik hoop dat ze me haar versie nog eens geeft. Ik had het liefst een raadsdebat gevoerd. De waarheid moet alsnog boven water komen. Daar heeft de bevolking recht op.''

Maar heeft u geen boter op het hoofd? U heeft zelf met de regeling ingestemd.

Boorsma: ,,We hebben ons niet akkoord verklaard met de regeling. Ik heb niets ondertekend. Ik vond die boete wel een zwaar middel. Maar ik kan me voorstellen dat men fatsoenlijk uit elkaar wil gaan en niet wil natrappen. Maar er is een verschil tussen natrappen en inzicht krijgen in de politieke oorzaken. De collegepartijen hadden dat wel, wij niet.''