Alles hangt nu af van reconstructie

Nu het gezicht van het meisje van Nulde is gereconstrueerd, kan het snel gaan. Driekwart van eerdere reconstructies uit Manchester leidde tot identificatie. Over de roemruchte techniek van `Art in Medicine'.

Verhit neemt een politieman de telefoon op, in de meldkamer van de politie in Apeldoorn. ,,We worden helemaal gék gebeld met tips.'' In gepaste stilte werd het geboetseerde kopje van het `meisje van Nulde' gisteren voor het eerst getoond. Vanaf nu kan het heel snel gaan.

Iemand maakte een gruwelijk puzzelstuk. Op 27 augustus was haar rompje gevonden bij strand Nulde, gemeente Putten. Op 30 augustus volgde haar hoofd, gevonden door een visser, helemaal bij Hoek van Holland. Een week geleden werd bij Harderwijk ook een handje gevonden – vast staat nu dat het om een meisjeshand gaat, of het van haar is, is nog niet zeker. Tussen de vijf en zeven jaar moet ze geweest zijn. Haar gezicht is nu gereconstrueerd in de hoop dat iemand het kind identificeert dat door niemand als vermist werd opgegeven.

Zoveel is zeker: het meisje is van het `Kaukasische' ras: haar huid kan blank tot licht getint zijn geweest. Ze heeft een smal gezichtje, een vooruitstekende bovenkaak en een opvallend spleetje tussen haar tanden. Haar haar was vermoedelijk midden- tot donkerblond, zeker niet kroezend.

Vanmorgen waren er in totaal ruim 230 reacties binnen. Volgens politiewoordvoerder Bert Top zijn daarbij veel hartenkreten van medeleven. Verder is meermalen gewezen op een meisje dat al vermist was, maar van haar is eerder al vastgesteld dat zij niet het meisje van Nulde kan zijn. Echt ,,interessant'' waren volgens Top zo'n vijfentwintig meldingen.

Volgens de politie komt het in Nederland ,,sporadisch'' voor dat (resten van) lichamen worden gevonden die niet geïdentificeerd kunnen worden. Van kinderen was tot het meisje van Nulde geen enkel geval bekend. Met de reconstructie van haar hoofd is nu een roemruchte techniek voor het eerst in een Nederlands politie-onderzoek geïntroduceerd. Het is ook de eerste keer dat de vakgroep Art in Medicine van de Universiteit van Manchester, gespecialiseerd in dit soort reconstructies, buiten Engeland een opdracht van justitie vervult.

Vijfentwintig jaar geleden begon Richard Neave hier met het reconstrueren van de gezichten van Egyptische mummies voor het museum van Manchester. Caroline Wilkinson, die zich ,,medisch kunstenaar'' noemt, volgde Neave na diens pensioen op en doet dit werk nu acht jaar. Inmiddels heeft de vakgroep naast archeologische opdrachten ook zo'n dertig reconstructies voor Engelse politie-onderzoeken gemaakt. Van die reconstructies heeft 75 procent tot identificatie geleid, zegt Wilkinson.

Ze studeerde antropologie, fysiologie en beeldhouwen om de door Neave ontwikkelde techniek van de `anatomische reconstructie' te kunnen toepassen. ,,Aan het oppervlak van de schedel kun je zien waar de spieren aangehecht waren. Aan de hand daarvan modelleren we eerst de gezichtsspieren opnieuw. Die dicteren de vorm die een gezicht heeft gehad.'' Wat het minst betrouwbare deel van haar reconstructies is? ,,De oren en het puntje van de neus. Daar zit kraakbeen, geen spieren.'' Laat je door de details niet afleiden, zegt ze, vaak worden haar reconstructies in a split second herkend, of niet.

Alleen in Amerika is reconstructie ook al jaren een beproefd opsporingsmiddel, maar daar gebruiken ze een andere techniek. Wilkinson werkt `van binnen naar buiten': van de schedel naar de huid. De Amerikanen beginnen met gegevens over de dikte van het het huidweefsel, en bepalen zo hoe ze de `huid' op de schedel modelleren. Gegevens over het identificatiepercentage van die reconstructies zijn niet voorhanden.

Wilkinson en haar voorganger Neave oefenden, ook om de betrouwbaarheid van hun reconstructies aan te tonen, op foto's van schedels die met een ct-scan waren gemaakt. Zo maakten collega's van de Nederlandse professor kaakchirurgie P. Egeyedi in 1997 zonder dat deze het wist foto's van diens schedel, om ze aan Neave te sturen. Het resultaat (zie foto's) werd bij verrassing in de aanwezigheid van de professor getoond op een congres. De beroemdste reconstructie van de vakgroep Art in Medicine is die van de 15-jarige Karen Price. Haar lichaam werd eind jaren '80 opgegraven in Cardiff. Art in Medicine maakte een reconstructie en negen jaar na haar verdwijning werd Price alsnog geïdentificeerd. Daarna gaf ook haar moordenaar zichzelf bij de politie aan.

Neave was altijd vol vertrouwen in zijn eigen reconstructies. Ook na zijn pensioen, begin dit jaar nog, schrok hij voor een geruchtmakende opdracht niet terug. Op verzoek van de BBC reconstrueerde hij toen het gezicht van Jezus, wat wereldwijd opwinding en ook ergernis veroorzaakte. Neaves Jezus viel velen een beetje tegen, hij had een nogal boerse kop.

Over zijn reconstructie van het meisje Yde, 2.000 jaar geleden gewurgd en als veenlijk in de moerassen van Drenthe gevonden, zei Neave in 1994: ,,Haar moeder zou haar zeker hebben herkend.'' Dat soort uitspraken wekte nogal wat scepsis bij andere wetenschappers. Zo zei de Amsterdamse hoogleraar psychonomie J. Raaymakers eerder in deze krant dat het hoge herkenningspercentage van Neave en de zijnen weinig met de kunst van de gezichtsreconstrucie via spierweefsel te maken heeft: ,,Baby's herkennen hun ouders vooral aan hun ogen en haar.'' En de identificatie van de meeste reconstructies zou ook daaraan te danken zijn.

Het vooralsnog kale meisje van Nulde heeft ogen noch haar, zegt Wilkinson, omdat daarover niets met zekerheid te zeggen is. Ze bevestigt impliciet wat Raaymakers beweerde door te zeggen dat ,,het te veel de aandacht af zou leiden om een reconstructie ogen en haar te geven, als je het niet echt zeker weet''. Beter een onvolledige, maar betrouwbare reconstructie dan omgekeerd, is de gedachte.